أول 200 سطر.
Nog één.
Geen zorgen, graaf. Ik ben er.
Verplaats die daar wat naar links.
Een beetje maar.
Het komt overal binnen.
Mijn soep, barones.
Een kroket voor tafel tien.
Een kroket.
Bedankt, juffrouw Amélie.
Noem me niet juffrouw. Dat is vervelend voor een gescheiden vrouw.
Gescheiden op je 19, dat is de wereld vandaag.
Arm kind.
En vreemd genoeg geef ik de priesters de schuld.
Goedenavond Amélie. -Goedenavond, papa.
Waar is je moeder?
Aan het werk.
Ik ben ook aan het werk. -Ik ook.
We werken allemaal…
…terwijl de rijke man plezier maakt en zich volvreet.
Zijn kroket is op.
Papa, doe jij dat? Ik lees dit hoofdstuk uit.
Midden augustus en ik heb 110 potten.
Welke potten?
Kamerpotten, meneer Patin.
110 kamerpotten, om mijn hemel te beschermen.
Hemeltje.
Er is nog een engel een bil kwijt.
Amélie. Waar is je moeder?
We moeten hun bedden opmaken.
Georges, ik maak er met plezier 50 op…
…maar we hadden de laatste zes maanden maar één gast.
Zal ik helpen?
Maak me niet blij, het is niet het moment.
Echt, papa. -Voor je dochter.
Diane, waar is je moeder?
Hallo, ik wil je spreken. Ik stoor uw boekhouding niet?
Laten we dat bespreken. We leven van dag tot dag.
Verkoop je juwelen. -Welke juwelen?
Dat kan de reparatie van het dak van de kapel betalen.
Kan ik er maar één dragen?
Dat meen je niet.
Geen juwelen, geen probleem.
We hadden één gast met ontbijt per weekend, zes maanden lang.
En de maaltijden. -Maar zonder drank.
Het is altijd dezelfde gast.
Een hotel verdient enkel geld door dronkaards en koppels.
Stel je dat voor, koppels.
Liefde en wijn.
Ik wil enkel mijn sigaret roken in een appartement met een tuin.
Je wil een hotel van het kasteel maken.
Er zijn klanten voor bedden zoals deze.
Je begrijpt het niet.
Ik zie je geen huis runnen met…
Een bordeel? -Er zijn allerlei bordelen.
Toch, oma? -Absoluut?
Spreek niet voor je nicht. Ze is een meid.
Ik zou een bordeel tolereren als dat mijn huis redt.
Met een chique clientèle, natuurlijk.
In plaats van deze oude man, de hertog van Windsor of Aga Khan?
Waarom niet?
Droom verder. Ik ruim de tafel af.
Ik moet alles doen, zoals altijd.
We dromen niet. Het is een uitstekend idee.
Het moet enkel worden uitgevoerd.
Het plan is perfect.
Welkom, liefde en geld.
Amélie, jij trekt de klanten aan. Diane, jij houdt ze.
En Jeanne? Zoals altijd, doet zij niets.
Dat is alles wat ze kan. -Klopt.
Hoe trek ik de klanten aan? -Je mecanicien.
Charlie? Hij leek niet enthousiast.
Maak hem enthousiast. -Ja.
Charlie.
Antwoord als ik tegen je praat.
Je bent vervelend en ik werk.
Je mist me en ziet me niet genoeg.
Ik zie je teveel.
Ga terug naar je kasteel en laat me werken.
Werk dan.
Wat wil je?
Praat lief tegen mij. -Ja?
Ja. Ik heb je nodig.
Natuurlijk. Als het moeilijk gaat, kom naar Charlie.
Als je vriendjes je dumpen. -Mijn vriendjes.
Maar je denkt alleen aan mij, toch? -Klopt.
Dus trouwde je met een andere man.
En ik scheidde van hem. Een scheiding, in mijn familie.
Stop ermee.
Wat zal er van jou worden?
Je hebt geld nodig.
We hebben klanten nodig. Stuur er naar ons.
En ik krijg commissie, toch? Wat voor?
Nou.
Als niemand langskomt, kan ik niemand sturen.
Leugenaar. Het is zo makkelijk als je wilt.
Stuur je me klanten?
Nee.
Het is voor je eigen goed. -Wat als ik betrapt wordt?
Geef niets toe. -Geweldig.
Jullie vrouwen denken enkel aan jullie zelf.
Dat moet.
Niet meer dan 15 tafels. -Zeg me.
Kan ik je later zien?
Dat hangt van jou af.
Draag je altijd een zonnebril? -Ja.
Je ziet niets.
Wat valt er te zien, je rijkunsten?
Ik zoek een tankstation. -En ik zoek zonlicht.
Kijk uit. -Ik ben het beu.
Ik vlieg terug.
Ik dwong je niet te komen.
Denk je dat ik voor je charme kwam?
Ik denk het. -Trieste man.
Veel mannen wilden me naar het zuiden brengen.
Waarom ik dan?
Jij of iemand anders.
Het eindigt altijd hetzelfde, dus het maakt niet uit.
Tankstation. -Eindelijk.
Volledig vol?
Premium. Waar is de…
Achteraan, rechts.
Ik controleer de olie. De motorkap. -Ik weet niet hoe.
Ik ken het type.
Vijfduizend. -Tot later.
Die zal snel rijden.
Je moet haar tegenhouden.
Dat is nieuw. -Hou je haar tegen?
Verdorie.
Overstroom het niet.
Hoe kwam je hier?
Een omleiding door wegenwerken.
Dat bedoel ik niet. Uw motor is kapot.
Kapot? -Repareer het dan.
Hoor je de krukas niet tikken?
Ja, vaak.
Begin eraan.
De motor uit elkaar halen? Dat duurt minstens vier dagen.
Zelfs voor mij? -Zelfs voor jou.
Bel dan een taxi.
Er zijn geen taxi's, we zijn kilometers ver van alles.
Je denkt toch niet dat ik deze nacht hier blijf.
Nee, ik laat je hier niet achter.
Er is maar één antwoord. Kom mee.
Oké, ik moet gaan.
Ik kan de garage niet achterlaten.
Deze oude plekken hebben charme.
Dit is leuk, niet?
Heb je een kamer?
Twee kamers. -Jullie zijn niet samen?
Jawel. -Nee.
Ik heb een in de linkervleugel, de andere in de rechtervleugel.
Kunnen we dat binnen bespreken? -Kom maar.
De verdomde regen.
Dit is chique.
Voorzichtig. Dat is parket van Louis XIV.
Sorry, meisje.
Noem me geen meisje. -Hoe noem ik je dan wel?
Ik ben barones Amélie de Goustine.
Oh, ja.
Deze kant op, alsjeblieft.
Toon alsjeblieft je papieren.
Een kamer met een bad?
De mijne toch.
Twee kamers dus.
Even kijken.
Ik heb kamers…
…voor 18 en 20.000 frank.
Antieke meubels.
Op voorhand te betalen, contant.
De kamer van de maarschalk en van Madame de Pompadour.
Georges.
Schoonmoeder?
De bagage.
Heb je gegeten?
Hemeltje. -Nee, en ik heb honger.
Is het eten inbegrepen?
De maatlijden?
Het is een gastronomisch etentje. Met menu of à la carte.
Menu.
Diane.
De maarschalk en de Pompadour.
De kant op, alsjeblieft. -Waar is mijn kamer?
Zijn jullie niet samen?
Jawel. -Nee.
Dat is nog beter.
Georges, schat.
Toon de jongedame haar kamer.
Georges, schat?
Zeg me.
Ben je de vriendin van de piccolo?
Nee, dat is mijn man.
Ik heb je niet voorgesteld. Georges.
Meneer? -Jean-Jacques Leroy-Martin.
De baron van Goustine.
Aangenaam.
Nee, alsjeblieft. Na u.
Ik kende iemand genaamd Goustine.
Vreemd. Mijn man is de laatste man met die naam.
Ja, je hebt gelijk. Hij was Loustine of Roussille.
Plombac. Een heel slimme man.
No comments yet. Be the first to leave one.