Prvních 200 řádků.
Liefje.
Rama.
Je riep om je moeder. -Wat?
Je zei: mama, mama.
Doe niet zo belachelijk.
Niet doen, alsjeblieft.
Ze zijn jong.
Ze zijn helden zonder gevoel.
Ze scheren voorzichtig mijn hele hoofd.
Ze vinden dat ze de hoofden van de vrouwen goed moeten te scheren.
Schaam je je ervoor, mijn liefste?
Nee.
Je bent dood.
Ik heb het veel te druk met lijden.
De avond valt.
Ik hoor alleen het geluid van een schaar die mijn haar knipt.
Het verzacht de pijn van je dood een beetje.
O, wat een pijn.
De pijn in mijn hart is groot.
In de hele stad zingen ze de Marseillaise.
De drogisterij van mijn vader is uit schande gesloten.
Ik ben alleen.
Sommigen lachen.
's Avonds keer ik terug naar huis.
De les van deze week gaat over het werk van Marguerite Duras.
Meer precies: hoe de auteur de kracht van haar verhaal gebruikt...
om de werkelijkheid te sublimeren.
De beelden die jullie net gezien hebben...
heb ik gekozen vanwege het directe geweld tegen de kaalgeschoren vrouw,
confronterende geschiedenis, die Duras in Hiroshima Mon Amour bedacht heeft.
We zien hoe de auteur de schok en...
de diepe vernedering van deze daden die na de oorlog gemeengoed waren, omvormt...
tot een bijna bevlogen lied.
Bij het horen van deze tekst...
is de bedoeling van de auteur meteen duidelijk.
Deze vrouw is vernederd,
radeloos,
aangewezen als schuldige,
weliswaar tijdelijk omdat haar haar weer aangroeit,
maar voor altijd in haar herinnering en die van de mensen in haar omgeving.
Deze vrouw, voorwerp van schaamte, wordt, dankzij de woorden van de auteur,
niet alleen een heldin, maar het onderwerp van genade.
Hallo.
Hallo, Mme Fall. -Hallo, Adrian.
Alles goed? -Prima.
Hallo. -Hoi, Tenning.
Alles goed? -Ik moet even naar het eten kijken.
Ik loop met je mee. -Hier zijn je medicijnen, mama.
Maak je niet druk, mama, niets aan de hand.
Ik geniet ervan. -Dat zie ik.
Het is heerlijk. -Bedankt.
Adrien, vertel eens over je werk. -Het gaat hartstikke goed.
Bij ons laatste concert was de bassist jarig.
Het publiek zong "Lang zal hij leven" voor hem.
Hij was heel blij.
Het gaat goed met ons.
We hebben werk. Afkloppen.
En jij, Rama, gaat het goed met je nieuwe boek?
En jij? -Goed.
Een beetje moe van het werken, maar het gaat goed.
Dat is je niet aan te zien. Die oorbellen staan je heel mooi.
Zeker. -Bedankt.
Je draagt niet vaak oorbellen maar ze staan je goed.
Waar gaan jullie heen met vakantie dit jaar?
Ik denk niet dat we dit jaar gaan.
We hebben veel werk aan het huis.
Wat voor werk?
Niets belangrijks.
Niets belangrijks, inderdaad.
Oké...
Trouwens, kan jij mama maandag naar de fysio brengen? Ik ben laat klaar.
Maandag kan ik niet. Ik heb de hele dag vergaderingen.
En jij, Rama, Kan jij met haar mee? -Nee, ik kan niet.
Je zou wat moeite kunnen doen. -Maar ik kan niet. Ik ben er niet.
Ah, papa.
Herinner je je nicht nog? -Nooit gezien.
Dat is toch oom Bamba. -Geen idee.
Ja, ik denk dat hij het is.
We waren met zoveel. -Het waren gelukkige tijden.
Je zou niet zeggen dat papa toen al ziek was.
Je zag niets aan hem.
Dat is mama. Wat een mooie herinnering. -Ongelooflijk.
Zeg dat wel.
Ongelooflijk.
Dat is Rama.
Rustig als altijd. -Ze is verlegen.
Ongelooflijk.
Toen al enigszins wild.
Mama?
Lukt het allemaal? -Ja.
Bel me als je er bent. -Oké.
Doei.
De rechtbank.
U kunt gaan zitten.
Stuur de pers weg. -Willen de journalisten vertrekken?
Gerechtsdienaar, breng de gedaagde naar binnen.
Heren, u kunt de handboeien verwijderen.
Zeg uw volledige naam, geboortedatum -en -plaats,
en de volledige namen van uw ouders.
Mijn naam is Laurence Coly.
Ik ben geboren op 15 maart 1980 in Dakar, Senegal.
Mijn vader heet Robert Coly, mijn moeder Odile Diatta.
Wat is uw beroep?
Ik ben student.
Ten tijde van uw arrestatie woonde u bij...
M. Luc Dumontet, Avenue du Général De Gaulle 29, Saint-Mandé.
Klopt dat, Mme Coly? -Ja.
U mag gaan zitten.
De rechtbank kiest nu de jury.
Heeft iemand van u een band met de familie van de beklaagde of haar familie,
of met één van de advocaten of rechters, dan moet u dat nu melden.
Jurylid nummer vijftien.
Mme Evelyne Pringent,
geboren op 28 februari 1958 in Lille.
Woonplaats: Saint-Omer. Beroep: registeraccountant.
Afgewezen.
Jurylid nummer zeventien.
Mme Yasmina Belhadj.
Geboren op 22 juni 1990 in Parijs. Woonplaats: Clairmarais.
Beroep: projectleider. -Afgewezen.
Jurylid nummer achttien.
Mme Sandrine Deportaire.
Geboren op 19 februari 1986 in Lille.
Woonplaats: Armentières. Beroep: verpleegster.
Gaat u zitten.
Jurylid nummer eenentwintig.
M. Julien Titrain,
geboren op 9 augustus 1986 in Calais...
Mme Coly, sta op, alstublieft.
Mme Coly, u wordt beschuldigd van moord op dochter van 15 maanden, Elise.
We gaan nu de aanklacht voorlezen met de feiten...
die tot uw arrestatie hebben geleid.
Op 11 november 2015 heeft een man zich bij een politiebureau in Berck-sur-Mer gemeld.
Hij had die ochtend het lichaam van een kind op het strand gezien.
Hij verklaarde dat hij een vorm op het strand zag aanspoelen...
terwijl hij aan het vissen was.
Eerst dacht hij dat het een zeehond was.
Hij ging kijken en ontdekte het lijk van een kind.
Een schouwarts heeft het lijk onderzocht en vastgesteld...
dat het een meisje was met als doodsoorzaak:
verdrinking, gestikt in zeewater.
Hij heeft geen giftige stoffen ontdekt of tekenen van misbruik.
De onderzoekers dachten eerst aan verdrinking bij een migratiepoging.
Dezelfde avond meldde de manager van hotel Les Embruns zich op het politiebureau.
Hij herinnerde zich een vrouwelijke gast met kind.
Haar naam hebben agenten bij de immigratiedienst gecheckt.
Die naam was Mme Laurence Coly, woonachtig bij M. Luc Dumontet,
Avenue du Général De Gaulle 29, Saint-Mandé, in grootstedelijk Parijs.
De agenten hebben u op 20 november 2015 bezocht,
negen dagen nadat het lijk gevonden was.
Eerst verklaarde u dat u uw dochter naar uw moeder in Dakar gestuurd had...
om uw scriptie te kunnen schrijven.
De politie wees u erop dat u met het kind gezien was op Gare du Nord,
op het strand en in het hotel in Berck-sur-Mer.
Op camerabeelden is te zien...
dat u alleen naar Parijs teruggekeerd bent, zonder het kind.
Toen hebt u bekend.
U verklaarde dat u uw dochter vermoord hebt omdat...
ik citeer, "dat het leven makkelijker zou maken."
U zei tot deze daad gekomen te zijn na een hevige ruzie met M. Dumontet.
U verklaarde uw dochter op het strand te hebben achtergelaten...
met het idee dat de zee haar lichaam zou meevoeren.
U verklaarde, en ik citeer,
"betrokken te zijn bij tragische en verderfelijke ondernemingen."
Hoewel u beweert westerse waarden aan te hangen,
beschrijft u hallucinerende verschijnselen,
waarvan u beweert slachtoffer te zijn.
U zegt te zijn vervloekt,
door uw familie in Senegal en door de familie van M. Dumontet.
Mme Coly,
waarom hebt u uw dochter vermoord?
Ik weet het niet.
Ik hoop dat dit proces deze vraag beantwoordt.
Erkent u deze feiten? -Ja, dat doe ik.
Hoe pleit u?
Ik pleit onschuldig, edelachtbare.
Ik weet niet zeker of ik verantwoordelijk ben.
Wat bedoelt u met: "ik weet niet zeker dat ik verantwoordelijk ben"?
De twee jaar voor de dood van mijn dochter waren de ergste van mijn leven.
Mme Coly,
we zijn hier om het te begrijpen. U moet het uitleggen.
We gaan nu over tot het bespreken van uw achtergrond.
U bent geboren in Dakar.
Uw moeder, Odile Diatta, is werkloos...
en uw vader, Robert Coly, is vertaler bij de VN.
Hun relatie zou zeven jaar duren.
Kunt u iets vertellen over uw jeugd?
Kort na mijn geboorte heeft mijn vader mijn moeder verlaten.
Ik ben opgegroeid bij mijn moeder en oma van moederskant.
Ik was heel close met mijn oma. Ze zorgde voor me.
Ik kreeg veel liefde van haar.
Ik was kapot van haar dood.
Ze heette Elise, net als mijn dochter.
Hoe was u als kind?
Materieel ontbrak het mij aan niets.
We woonden met anderen in een groot huis.
Het was een comfortabel leven.
Ik heb een hele gewone jeugd gehad.
Neven en nichten, verjaardagsfeestjes, doopfeesten, kerstmis...
Ik ben enig kind.
No comments yet. Be the first to leave one.