Die ersten 200 Zeilen.
NATIONALE DEFENSIE VERBODEN TOEGANG
Mr Donan.
Er is iemand voor u aan de telefoon.
Uit Parijs.
Breng dat naar de keuken.
Je bent te laat.
Zijn de handdoeken al gedaan? -Nee.
Dan wordt het tijd.
Ik doet het wel. -Mooi.
Zet bourguignon op het menu. -Ja, Mr Paul.
Hallo, Paul. -Dag, heren.
Hoe gaat het? Dag, Bernier.
Tijd voor een spelletje? -Ik laat u wel zien hoe het moet.
Schenk wijn in voor deze heren, Jean.
Laat hem maar praten.
Spelen.
Mijn beurt.
Dat is twee.
Allemaal zessen in twee beurten. -Eikel.
Zes en tweeëndertig.
We hebben verloren.
Een ogenblikje, alstublieft.
En wat wilt u drinken?
Een halve Alsace. Traminer.
U herinnert zich mijn zwakke plek nog.
Die heeft u niet.
Wat wil u hebben?
Breng me maar een Beaujolais, Simone.
Ja, meneer.
Het is alweer even geleden dat we elkaar zagen.
Ja. -Hoe gaan de zaken? Tevreden?
Goedenavond, Paul. -Pardon.
Tot ziens, dokter.
Gaat het elke dag zo?
Ja. -Als de zaken goed gaan, blijft dat zo.
Eén klant stuurt de volgende. Een sneeuwbaleffect.
Sneeuwbal of strop?
Zeg eens…
Bent u hierheen gestuurd of was het toeval?
Gelooft u in toeval?
Uw konijnenpaté is beroemd.
Daar wil ik van genieten.
Ik geniet ook wel van uw caissière.
Zal ik u voorstellen? Dat is mijn vrouw.
Proficiat.
We hoorden dat u ging trouwen. Helaas waren we niet uitgenodigd.
Dat deed ons veel verdriet.
Dan heeft u twee zwakke plekken: Traminer en gevoeligheid.
Ik hoorde dat u erfgenamen hebt. -Ja. Een meisje en een jongen.
Gefeliciteerd.
Een prettige dag nog. Pardon, ik moet weer aan de slag.
U moet ook elders aan de slag.
Ik kan maar beter eerlijk zijn.
Hij heeft me gestuurd.
Hij wil u zien.
Dacht u dat hij u vergeten was?
Dat hoopte ik.
Misschien heeft hij uw naam in een notitieboekje gezien.
Hij is zo nauwkeurig. Hij bewaart alles.
Hij zei: 'Zeg tegen Paul dat hij langs moet komen.'
Ik weet niet waarom. Misschien heeft hij u nodig.
Dat kan wel zo zijn, maar ik heb hem helemaal niet nodig.
Als hij zijn notitieboekjes doorbladert, vindt hij zo een andere idioot.
Bedankt, Simone.
Ik zit niet meer in dat wereldje en daar heb ik ook geen behoefte aan.
Is dat duidelijk? -Duidelijk.
Fijn.
Maar dat mag u hem zelf vertellen.
U kwam een boodschap overbrengen, nu kunt u ook mijn antwoord doorgeven.
Maar dan zal hij niet luisteren.
Die koppige, oude man luistert naar niemand.
Maar goed…
Wat moet ik tegen hem zeggen?
Zeg dat hij kan oprotten.
Hij verwacht u vanavond om negen uur. Dan kunt u het hem zelf zeggen.
Maar nogmaals…
Ik betwijfel of hij het zal begrijpen.
Eet smakelijk.
Dat is geen nul, maar een acht.
Een acht?
Drie keer zes is achttien. Schrijf daar een acht.
Het is niet drie keer zes, maar vijf keer zes.
Is dat een vijf? -Natuurlijk.
Dat is moeilijk te zien. Welterusten, lieverd.
Welterusten, papa.
Waar is je broer? -Hij slaapt.
Patrick?
Slaap je?
Ik ga even weg.
Ik slaap niet.
Jij kleine dondersteen.
Het is tijd om te gaan slapen. Deze keer echt.
Waar ga je heen, papa? Naar de film? -Ja, dat klopt.
Dat is genoeg, dank u.
Met kinderen weet u nooit wat u kunt verwachten.
Mijn jongste kreeg de mazelen op paaszondag.
Op paaszondag? -Ja.
Daarna kreeg hij waterpokken.
Is dat alles?
Voorlopig wel.
Is dat alles?
Ik vraag of dat alles is.
U heeft me niet uitgenodigd om me over mijn kinderen te horen praten.
Dat klopt.
En?
Hier.
Lees dit.
MYSTERIEUS APPARAAT VALT OP EEN WIJK IN ALÈS
TWEE DODEN EN DRIE GEWONDEN
Ze weten niets over de aard en de herkomst van het apparaat.
Althans, dat zeggen ze. Het een speciaal Frans prototype.
Het wordt aangedreven door vaste brandstof.
Daar heeft u vast van gehoord.
Net als iedereen.
Iedereen?
Dat is nog zachtjes uitgedrukt.
Te veel mensen weten ervan.
De laboratoriumtesten waren veelbelovend.
Maar toen we het in de praktijk brachten, was er een ongeluk.
Een werknemer raakte gewond, een huis werd verwoest en twee doden.
Ongeluk? Sabotage? Onderzoek.
En toen verdween de formule uit het centrum Vergesse.
Een 'goedgezinde' macht? -Absoluut niet.
Een privé-onderneming, buitenlands en krachtig, neem dat maar van mij aan.
Na de sabotage, de kapotte kluis, de verdwenen documenten…
U snapt het wel. -Ja.
Wat ik niet snap, is wat ik hier doe.
Dat leg ik zo uit, Paul.
We werden ingelicht en een ingenieur werd opgepakt.
Tot nu toe gaat alles goed.
Maar toen ze hem wilden overplaatsen…
…werd hij neergeschoten.
Dat is zeer spijtig.
Ik heb met hem te doen, maar wat heb ik ermee te maken?
U vindt het vast nog vervelender als u weet dat deze man…
…samenspande met Raymond.
Raymond? Welke Raymond?
O, ja. Dat is waar…
Welke Raymond?
Maroux. Raymond Maroux.
Kijk maar.
Herkent u hem?
POLITIEFOTO
Ik heb hem al een tijdje niet gezien, kolonel.
Dat weet ik.
Vorige week.
Maandag, om precies te zijn.
Hij ging in uw restaurant eten.
En wat dan nog? -O, dat is niet erg.
Integendeel, het bevalt me wel.
Het maakt de volgende stap makkelijker voor me.
Het zal een hoop werk zijn.
Inderdaad.
Paulan, in het kantoor staat een lamp.
Luister, Paul.
We weten niet veel over het incident.
Maar wat we wel weten, is dat Raymond erachter zit.
U bent onze enige hoop.
Dat is het hele verhaal.
Met een beetje voorbereiding…
…zal Raymond Maroux u met open armen verwelkomen.
We vertrouwen u.
U krijgt de documenten en baant u een weg naar de top.
Heel simpel.
Ja, heel simpel.
Maar er is een groot probleem, kolonel.
Wat dan? -Raymond.
Hij is mijn vriend. -Daarom gaat het lukken.
Nee.
Wilt u zeggen dat u weigert? -Natuurlijk.
Denk goed na, Paul.
Hij mag dan uw vriend zijn, maar het gaat hier om nationale defensie.
De situatie is ernstig.
Net zo ernstig als 15 jaar geleden. Toen aarzelde u niet.
Ja, Paul. Vergeet het verleden niet.
U was een held, of u het nu leuk vindt of niet.
Een gangster misschien, maar ook een held.
Nu ben ik geen van beide. Ik ben veranderd.
Ik niet.
Dat is fijn voor u.
Zorgt u maar voor Frankrijk, dan zorg ik voor mijn bistro.
U zult die misschien kwijtraken.
Denk erover na.
Een vergunning kan worden ingetrokken. -Automatisch, bij een veroordeling.
Weet u wat er over bankbiljetten staat geschreven?
Artikel 139 van het wetboek van strafrecht bepaalt…
Stop maar, ik heb genoeg gehoord.
We wilden er niet over beginnen, maar u had het er toch over…
Er is nog een fraai artikel.
Een verjaringstermijn.
Dat klopt, kolonel. Dat bestaat. -Juist.
Tenzij we een fout maken met de datum. -Dat gebeurt soms.
Het spijt me, maar ik doe het niet.
Dag, kolonel.
Ik zie u morgen, Paul.
Ik betwijfel het. -Ik niet.
Hallo. -Hallo.
Goed geslapen? -Als een baby.
Hoe laat ben je gisteravond thuisgekomen? -Niet laat.
Françoise, ben je zover?
No comments yet. Be the first to leave one.