Die ersten 200 Zeilen.
Deze film wordt opgedragen aan André Bazin.
Doinel ! Geef hier.
Knap. Ga in de hoek staan !
Nog één minuut !
Stilte !
Binnen 30 seconden wordt er opgehaald.
Stilte !
De ophalers mogen zich klaarhouden.
Ik tel tot drie.
Eén,
twee,
drie... Ophalen !
Begin achteraan !
Geef hier. - Nog eventjes.
Wat is er ? - Hij wil 't niet geven.
Geen favoritisme !
Mouwveger !
Heeft iedereen afgegeven ?
Jullie kunnen gaan.
De middelbarescholier niet.
De speeltijd is geen schuld, maar 'n beloning.
Hier leed Antoine Doinel, ten onrechte gestraft
door Petite Feuille voor een gevallen pin-up .
Dit wordt oog om oog, tand om tand .
Hebben jullie 'n scheidsrechter nodig ?
Jullie kunnen 3 dagen oefenen, geen speeltijd...
3 dagen rust. 't Zal jullie goed doen.
Kijk eens !
Wat is daar zo interessant ?
Er zit 'n nieuwe Juvénal in de klas.
Maar 12 of 10 lettergrepen zijn eender.
Ten eerste: tegen morgen vervoeg je...
ga naar je plaats en noteer...
in de aanwijzende, voorwaardelijke
en aanvoegende wijs. De rest neemt zijn schrift.
"lk beklad de muren van de klas
en verkracht de Franse versleer."
"De haas !"
Ten tweede:
ga bij de conciërge iets halen om die onzin te verwijderen
of je likt 't eraf.
Richier, van wie mag je van plaats verwisselen ?
"Wanneer de struiken...
de struiken...
gloeien van de felrode
bloemen..."
"Wanneer reeds het zwarte uiteinde...
Wanneer reeds
het zwarte uiteinde
van mijn lange oren
zichtbaar was
van bovenaf."
"De nog groene rogge
waarvan
ik de halmpjes
afgraasde
door erin te spelen."
"Op een dag,
moe,
lag ik te slapen
in m'n hol."
"En de kleine Margot verraste me."
Ik ben niet de enige, hè, Simonot ? - Ik deed niets.
Het zijn altijd de anderen.
"Het stond vast, ze hield van mij,
heel veel,
de lieve lerares."
"Ze was zo goed voor mij,
al die zorgen en genegenheid !"
"Zoals ze me tegen zich aandrukte
en me kuste !"
Welke idioot heeft gefloten ? Ik ga oneerlijk zijn.
Als de dader zich niet aangeeft, wordt de buurman gestraft.
Mijnheer, ik zweer u. Ik heb niets gedaan.
Lafaards op de koop toe !
Wat voor 'n jaar, wat 'n klas !
Ik heb al wat ezels gekend, maar ze waren discreet.
Ze verstopten zich en bleven waar ze waren.
En jij ? ls dat afgewassen ? Nee, 't is besmeurd.
Ga naar je plaats en schrijf 't gedicht over.
Frankrijk zal er binnen 10 jaar lief uit zien.
Iedereen luist z'n ouders geld af.
't ls moeilijk. - Zelfs Mauricet, wed ik.
Mauricet, we willen je wat vragen.
Waar haalde je die leuke bril ? - Aan 't gemeentehuis.
En 't geld stal je van je vader of je moeder ?
Je gaat toch niet ontkennen dat je soms wat wegneemt.
Door jou was ik er gloeiend bij.
Verdomde Mauricet, smeerlap !
Je dagen zijn geteld. - Er staat je heel wat te wachten.
Ik krijg nooit gedaan vanavond.
't ls wel smerig van Petite Feuille. - 't ls zijn job.
Voor m'n legerdienst krijgt hij van mij op z'n donder. We gaan nog lachen.
Dat ik de muren van de klas beklad heb .
Goedenavond, mama. - Goedenavond.
Waar is de bloem ? - Welke bloem ?
Hoezo ? Heb je niet gekocht wat ik je heb gevraagd ?
Waar is 't papiertje dat ik je schreef ?
Ik ben 't kwijt.
Niet verwonderlijk dat je slechte punten haalt.
Pak m'n muiltjes.
Ze staan in de slaapkamer, onder het bed.
Ik heb bloem nodig. Ga nu direct.
De tang was nodig, de voetjes kwamen eerst.
't Zit in de familie. Bij haar moeder ging 't ook zo.
Dat wil niets zeggen. Bij mij was Fanny er in 10 minuten.
Maar had ik geen keizersnede gehad,
dan stond ik hier nu niet.
Bij m'n zus, één per jaar. Beeld je eens in.
De dokter zei dat 't na 't volgende moest gedaan zijn.
Ze hebben alles uitgenomen. Overal bloed.
Op de vlucht, zoon ? - 't Was ruzie voor wat bloem.
Ik hoop dat je je moeder met rust laat. Je moet haar wat ontzien.
Wat is dat ?
Een mistlamp voor de rammelkast. Voor de volgende rally.
Bekijk je zoon eens. Een echt bloempje.
Ik heb geen zin in grapjes. - Ik dacht nochtans...
Geef me 't wisselgeld terug. - En m'n middageten ?
Vraag 't aan je vader.
De zwaluwen vliegen laag vanavond.
Papa, ik heb geld nodig om te eten.
Ik heb slechts 1.000 frank nodig.
Je vraagt 1.000 frank, je hoopt op 500 en hebt er 300 nodig.
Hier heb je 100 frank.
En nog eens 500 frank.
Eigenlijk betaalt je moeder dat. - Waar is de schaar ?
Waar is de schaar ?
Je moet niet lachen.
Je moet nu je huiswerk niet maken. We gaan eten.
Ze heeft gelijk. Alles op zijn tijd,
alles op zijn plaats en de koeien worden goed verzorgd.
Waar komt die pen vandaan ?
Ik heb geruild.
Je ruilt nogal veel.
Wat gebeurt er ? Ruik je het ?
Het is vis. - Dat belooft.
Vraag aan je moeder of de vaatdoek brandt.
Waarom ?
Als grap.
Schat, kan jij alvast afruimen ?
Je neef belde. Z'n vrouw is terug zwanger.
De vierde keer in drie jaar.
Echte konijnen. Walgelijk.
Wat doen we met hem tijdens de vakantie ?
Op vakantiekolonie. - Ja, daar amuseert hij zich.
We hebben nog 8 maanden. - Je plant ze beter op tijd.
Niet te hard trekken.
Knap, niet ? - "Lions Club".
Wat stelt dit voor ? - Rustig aan.
Waar wil je zondag heen: de Chevreuse of de Oise ?
Ik mag de route kiezen. - Zondag rust ik uit.
Ik ga naar m'n vriendin Huguette.
Ik zal 'n goed figuur slaan. - Ik heb er genoeg van.
's Morgens het huishouden en daarna... - De versiertoer op.
Ja, dat of iets anders.
Antoine, ga slapen.
Goedenavond, papa, mama.
Je bent een stommeling.
De dag dat je 'n grap begrijpt...
Je verspilt je tijd met die onzin.
Antoine, vergeet de vuilnis niet en doe 't licht uit.
Rally's zorgen voor contacten. Wacht maar tot ik ondervoorzitter ben.
Dat word je nooit.
Ze hebben je te zeer nodig als secretaris.
Opstaan. Het is al laat. We hoorden de wekker niet.
Dat ik de muren van de klas beklad heb .
Er blijft weinig kous over rond de gaten.
Die zijn stuk. Koop nieuwe. De andere zijn vuil.
Ik gaf je toch geld voor zijn nieuwe lakens ?
Ja, maar hij slaapt graag in zijn slaapzak. ls 't niet ?
Het is warm. Echt te gek.
Ben je nog thuis ?
Je hoeft niet zo te lopen.
We komen te laat en dan moeten we naar de directeur om de deur te openen.
Haast je niet zo. - Waarom niet ?
Petite Feuille laat je niet binnen.
Zal hij 't doen ? - Hij kan je niet uitstaan. Heb je geld ?
Ja, voor de eetzaal. - Vertrouw me. Hier is de uitgang.
Wat gaan we nu uitspoken ?
Volg mij.
Zet je boekentas naast de mijne. - Worden ze niet gestolen ?
Ik zet ze altijd hier.
Antoine ! Hij heeft me zeker gezien. - Wie is je zoon ?
Die met het bruine haar. Normaal heeft hij les.
Dat belooft voor vanavond. - Ze zal niet durven.
Hoe zag hij eruit ? - Ik ken hem niet.
Dan ben je gered.
Morgen ga ik terug naar school.
Dan heb ik wel 'n briefje nodig. Hoe ga jij dat oplossen ?
Ik heb nog eentje van vroeger.
Ik knip de datum weg. Je mag het overschrijven.
Ja, maar 't handschrift... - lmiteer dat van je moeder.
Dat wordt moeilijk, 't is nogal hoekig.
't Lukt je wel. - Dat hoop ik.
Mijnheer...
Gelieve
onze excuses te aanvaarden
voor onze zoon,
René.
René was
No comments yet. Be the first to leave one.