Die ersten 181 Zeilen.
Ondertitel door Manvagtoo Geoptimaliseerd voor MKV-bestand
Dit is Afrika.
Het is 1838.
Moedige en dappere mannen begaven zich naar het mysterieuze zwarte continent,
om hun geheimen en schatten te ontdekken.
Ze gaven niets om de gevaren van het woud.
Ze gingen onbevrees het onbekende tegemoet.
En lieten de beschaving achter zich,
om de legendarische mijnen van koning Salomo te vinden.
Of de olifantenbegraafplaats dat een fortuin aan ivoor bewaakt.
Sommigen van hen werden ziek, waren verzwakt en verslagen.
Anderen zetten hun avontuur voort.
En zonder het te merken, kwamen ze in het Zwarte Woud aan.
Dit is het territorium van een gevaarlijke,
woeste en bloeddorstige stam, bekend als "De Planten Mensen".
Het lot was vervuld.
Die dappere expeditieleden, die op zoek waren naar glorie,
vonden in integendeel de dood.
KONING VAN DE GORILLAS
De enige overlevende
was overgeleverd aan de jungle.
Alleen een wonder kon hem van de dood redden.
In wat voor vreselijke en vreemde wereld was hij aangekomen?
Waar was het lieve en bekende gezicht
Van zijn moeder?
Wie waren die harige en woeste wezens
die hem uit de kano had gered?
Hij kon alleen angst en wantrouwen voelen.
Hij negeerde dat hij zijn leven aan die wilde dieren te danken had.
Want dankzij deze apen leefde hij nog.
Vanaf nu zal hij horen tot de soort van de grote aap.
Hij zal tussen hen opgroeien.
En zijn verhaal wordt een legende.
Kyra werd zijn beschermer.
Kyra, was een wilde gorilla, maar diep van binnen
had ze een goed hart. Zij zal zijn moeder zijn.
Het kleine kind zal door haar worden beschermd.
En door de andere apen.
Zijn naam...
De naam die beschaafde mensen hem gaven.
zal voor altijd verloren gaan in deze woeste wereld.
Vanaf nu is hij 'Aap'. De kleine Witte Aap.
En Aap groeide op.
Twaalf jaar gingen voorbij.
Dat hulpeloze wezen dat in deze jungle was beland
is nu lid van de clan van de grote apen.
Menselijke gedachten martelden hem echter.
Hij had veel twijfels, elke keer
dat hij zijn gezicht, in het water weerspiegeld zag.
Waarom was hij anders?
Waarom was hij mager en lelijk? Zonder haar op zijn lichaam?
Waarom was hij niet mooi en harig als zijn broers?
Jeetje! Wat een lelijke neus had hij!
Het was niet breed en groot zoals de andere apen hadden.
En zijn tanden, ze waren zo klein.
Behalve dat alles waren zijn ogen zo helder.
Verschrikkelijk blauw! Waarom? Waarom was hij zo anders?
De zoon van de dode krijger was erg verdrietig.
Arme Notoku! Hij had zijn vader verloren!
De stamoudste vertelde hem dat hij trots moest zijn.
Omdat zijn vader deze wereld als een dappere krijger verlaten had.
Zijn lans vasthoudend, en zich werend tegen die machtige
Koning van de jungle.
Maar niets troostte de jonge kannibaal.
Hij moest wraak nemen. Hij moest de leeuw doden.
Hij was zo jong. Maar het maakte niet uit!
Hij zou ze dat laten zien hij zou een geweldige krijger kunnen zijn!
Notoku besloot die avond te gaan.
Hij vertelde niemand iets. Als ze van zijn plannen zouden weten
lieten ze hem niet gaan.
Maar ze zullen zien!
Hij was geen klein kind meer!
Hij was niet zwak als een meisje!
Hij was een jager! De beste van allen!
Hij zou terugkeren met het lijk van de leeuw!
Tot de tanden gewapend, met het schild van de Grote Strijders,
stal hijeen kano en ging de rivier af.
Hij roeide en roeide, de belangrijkste les vergetend:
Een krijger moet zich altijd bewust zijn.
In slaap.
Hij was diep in slaap, dromend over glorie.
Hij droomde over zijn grote verwachting
om een gerespecteerd lid van zijn stam te worden.
En terwijl hij sliep, dreef hij de rivier op.
En kwam in het diepste deel van het bos.
Daar waar de grote apen leefden.
Wat een verrassing! Hij had een wezen gevonden
die precies op hem leek. Maar hij was lelijker dan hijzelf.
Wat waren ze bang!
Aap rende naar het bos.
Notoku, bevend en opgewonden, nam zijn wapens.
Klaar om tegen hem te vechten.
Notoku wenste dat de mensen van zijn stam hem nu zagen!
Hij was in het bos, klaar om te jagen.
Die vreemde haarloze aap!
Ape observeerde zijn rivaal.
En hij twijfelde er niet aan.
Die vreemde aap had geen goede bedoelingen.
Het beste wat je kon doen, was weglopen.
Ape vermoedde dat hij Notoku's avondmaal zou kunnen zijn.
Notoku had niet verwacht die enorme en woeste gorilla te treffen.
Dus... zijn ambities vergetend een groot jager te zijn.
rende hij bang, weg,vol angst, weg.
De hele jungle bespotte hem!
Gelukkig had niemand van zijn stam hem gezien,
Of zijn prestige als jager
was aan gruzelementen gegaan.
Het wakker worden van Notoku was niet erg prettig.
Hij was omringd door die apen
die alles hadden gestolen... Zelfs zijn kleren.
Maar op dat moment, wie kon zich? over die kleine details drukmaken?
Het belangrijkste om nu te doen
was om zijn huid te redden. Dus hij rende.
En liep als een speer.
Helaas, in zijn wanhopige haast,
stond Notoku oog in oog met zijn verschrikkelijke vijand.
De machtige leeuw.
Hoe kon hij hem onder ogen komen?
Het was geen goede tijd, omdat hij naakt en ongewapend was.
Hij zou de stam vertellen over zijn grote avontuur.
Als hij met vlag en wimpel erdoor zou komen...
Zal hij het doen?
Ape was zo trots en blij.
Iemand lelijker en onhandiger dan hijzelf gevonden hebben.
Notoku glimlachte opgelucht.
Op dat moment werd een vriendschap geboren
tussen de zoon van de aap en de kannibaal.
Aap realiseerde zich snel dat hij ongelijk had gehad
met betrekking tot Notoku.
Die wist veel dingen.
Hij gebruikte die vreemde voorwerpen om aan eten te komen.
Nee... hij was helemaal niet gek.
Maar hij was niet bereid om het te delen.
Als Ape wilde eten,zou hij die wapens moeten gebruiken.
Ape was erg verbaasd over het vuur.
Hoe kon Notiku die vlammen besturen
die hij hele oerwouden had zien verteren?
Die vlammen waren zo heet!
Hoe kong Notoku dat vuur gebruiken?
Zonder het te merken reikte Ape
naar beschaving.
In hem, in zijn bewustzijn...
..hij hoorde het geschreeuw van zijn erfenis.
Iets zei hem dat zo dichtbij het vuur zijn
een deel van zijn menselijke natuur was.
Het gebrul van de leeuw schudde de jungle, en Notoku herinnerde zich
wat zijn missie in die jungle was.
Voordat ze de leeuw zouden doden besloten Notoku en zijn nieuwe vriend
eerst op struisvogels te jagen.
Als ze er vier of vijf jaagden, zouden ze klaar zijn om te vechten.
Ze waren zo geconcentreerd, dat ze niet merkten
dat het grootste gevaar achter hen stond.
Eenmaal de moed weer opgeraapt, waren Aap, Notoku en Mongo
klaar om de grote jacht te beginnen.
Zoals grote krijgers hadden gedaan, beschilderden zij hun gezichten
om de leeuw bang te maken.
Dan zou alles eenvoudig zijn.
Notoku zal erheen rennen met zijn pijl.
En glorie vinden.
Maar zij waren de verrasten!
De leeuw was niet bang van het krijgersaspect.
En hij besloot die mensen aan te vallen.
Dat was een groot fiasco!
Zijn hele stam zal zich voor hem schamen!
Hij was geen dappere krijger!
Arme Notoku! Hij was zo gedemoraliseerd.
En verslagen.
Hij zal het lachertje van het dorp zijn.
En zijn moeder zal hem een flinke straf geven,
omdat hij zonder toestemming naar buiten ging.
Maar... ineens had hij een geweldig idee!
Eentje die hem in een held zou veranderen.
Hij zou Ape meenemen naar zijn dorp!
Ape overtuigen om te gaan was heel eenvoudig.
Dan, voor de tweede keer in zijn leven
ging de kleine jongen in een kano.
Op weg naar het onbekende.
Mongo zag ze, heel verdrietig, voor altijd verdwijnen.
Ape zal met een primitieve beschaving in contact komen.
Ape keek hoe Notoku zich bij zijn volk voegde.
Die mensen waren zo anders dan zijn geliefde apen.
No comments yet. Be the first to leave one.