Οι πρώτες 200 γραμμές.
HET VOLGENDE IS WAAR GEBEURD...
Godallemachtig.
Geen schijn van kans.
Waarom? - Een echte hartenbreekster.
Ken je haar dan? - Nee, maar haar broers wel.
Wat een schoonheid.
Sorry, mijn fout.
Waar gaan we heen?
Maidenhead. Aan de rivier zit een leuke pub.
Dit is geen leuke pub aan de rivier. - Nee, we lijken te zijn verdwaald.
Verrassend.
Met hem trouwen, Diana? Hij is vrijwel een vreemde.
Vreemder dan wij, denk je? Het hangt erom?
Heeft hij geld? Je hebt keuze genoeg.
Had die Hugh geen kasteel in Schotland?
Hoewel, wie wil daar nu wonen? - Hou toch je mond, ze wil naar Kenia.
Hou zelf je mond. - Diana?
Niet zo draaien, concentreer je. We hebben het wel over je toekomst.
En je geluk.
Het punt is, ik weet gewoon dat hij het is.
KENIA, 1958
Gaat het wel? - Ja, lief. Met jou ook?
Van de Milima-plantage. Subtiele geur, maar geen diepte.
Wat drinkt u zelf eigenlijk? - Nairobi Chai. Te zwart voor thuis.
We zien niet veel echtgenotes bij de inkoop.
Dit is wat Robin doet, dus wilde ik meer weten.
Wat doe je hier eigenlijk?
Ik ben theehandelaar.
Ik koop thee in en die verhandel ik. Ja, je moet wel wat kunnen.
En wat doet Diana in de tussentijd? - Ze gaat met me mee.
Dat is bijna onbehoorlijk. - Ik vind het leuk, echt.
God heeft mannen werk gegeven zodat vrouwen even vrij zijn.
Ik ga graag mee, Robin is best te harden.
Ik snap het ook niet. Ik vind het één groot raadsel.
Colin wil vooral weten hoe je Diana hebt weten te verschalken.
Ja, dat wil iedereen graag weten.
Geen idee. Hoe, schat?
Horen jullie dat?
Wat? Ik hoor niets. - Precies.
Net het begin van de schepping.
Zonder geloof overleef je het hier niet. - Toe, Don. En jij bent nog wel arts.
Ik geloof in de kracht van de geest.
Gehoord van die gevangenen op het eiland Kome...
tijdens de Mau Mau-opstand?
Ze zaten met zestig man in een benauwd tinnen hutje.
De cipier liet ze er niet uit.
De leider van de Mau Mau zei: 'Ze hebben toestemming om te sterven.'
De volgende ochtend waren ze alle zestig dood.
Hoe dan? - De kracht van de geest.
Ze verkozen te sterven. Ze keerden zich naar de muur...
en stierven.
Ik had denk ik leven verkozen.
Ik heb trouwens een nieuwtje. Het is wel een domper.
Voor mij is het uit met de pret.
Wat is er dan?
Ik krijg een kind.
Is er iemand blij?
Heel blij?
Het beste nieuws ooit.
Behalve toen je 'ja' zei dan.
Je hebt me nooit gevraagd. - Echt niet?
Nee, je zei dat je moest trouwen voordat je naar Afrika ging.
Anders zocht je iets inheems. - Dat is waar ook.
Maar je zei wel 'ja'. - Kennelijk.
O, jee.
BRITSE AMBASSADE NAIROBI, 1959
Krijgt Colin weer 'n pak slaag van Robin? - Welnee.
We komen te laat.
Game, Robin.
Wel heb ik ooit, Colin. - Bravo.
Dat ik dit nog mag meemaken. Onze beurt om te zweten.
God, moet dat nu echt? - Ik kan het haast niet geloven.
Ik ook niet. - Bedankt, Victor.
Heb je stiekem geoefend? - Voor het eerst win ik een set van je.
Nog een potje? - Nee. Ik stop ermee...
nu ik nog enigszins kan staan. - Dit voelt lekker.
Nu weet ik hoe jij je altijd voelt. - Best lekker.
Hallo, wat gebeurt hier?
Wat is dit voor iets? - Je bent echt geweldig, Mary.
Robin heeft vast weer talent. - Hoe moet het?
Alsof je de jive doet. - En dan, voor gek staan?
Nee, voor een strakke buik. - Heupen, lief. Zo, ja.
En meer stelt het niet voor? Een beetje wiegen, voor de lol?
Je wilt toch geen slappe buik? - Helemaal in je eentje.
Kijk dan toch. - Zo, ja.
Gaat het? - Iets te veel tennis.
Gaat het echt wel? - Te veel tennis, meer niet.
Je was best goed. - Jouw schuld.
Nu mag de hofnar.
Ik moet wat drinken.
Voel je je wel goed?
Ja, prima. Wat zijn de plannen?
Thomas brengt me naar huis, Don komt me weer onderzoeken.
Mooi, zou hij mij misschien ook moeten doen.
Voel je je echt wel goed?
Het is gewoon de zwangerschap. Last van m'n gewrichten.
Arme Robin. Ik heb nergens last van. - Ik draag ook al het gewicht.
Ga je mee?
Nee, ik heb morgenvroeg die vergadering. Dus ik wilde hier slapen.
Colin?
Colin? Sorry, kerel.
Sorry, ik voel me niet goed. - Je ziet er afschuwelijk uit.
M'n arm doet pijn.
Ik help je.
Rechterarm optillen.
Linkerarm.
Benen.
Ik kan me niet bewegen. Wat heb ik toch?
Ga ijs halen. - Ik krijg geen lucht.
Hij moet aan de beademing.
Je moet zuurstof binnenkrijgen. Desnoods met geweld.
Hoe is het met hem, Don?
Hij is stabiel. Hij komt net weer bij.
Hier.
Hallo, lieverd.
De lucht komt niet bij z'n strottenhoofd, daarom kan hij niet praten.
Een beetje een domper, zegt hij.
Je ademt het poliovirus via druppeltjes in de lucht in.
Net zoals je kou vat.
Het komt via de bloedsomloop in het centraal zenuwstelsel terecht.
Daar valt het grote groepen cellen in het ruggenmerg aan.
Je wordt een soort lappenpop.
Van de nek af verlamd, je kunt niet zelfstandig ademen.
Goed, en...
hoelang blijft hij zo?
De verlamming is onomkeerbaar.
Met goede beademing kan hij nog even doorleven.
Een paar maanden.
Wat kunnen wij doen?
Wil je naar huis?
Zodra de baby er is.
En Robin?
Hij ook.
Je weet toch wel...
Ik heb genoeg poliopatiënten gezien.
Ze leven nooit lang, wat een zegen is.
Het is geen leven.
ENGELAND, 1960
Voorzichtig met de beademing.
Zorg dat je speling op de slangen houdt.
Heel voorzichtig.
Ik loop even om. Voldoende speling, heren.
Mrs Cavendish?
Ik vind het heel erg, maar het komt nu niet uit.
We moesten uw man verdoven. Komt u anders morgen maar terug.
Ik vind het niet erg dat hij slaapt, ik wil hem gewoon graag zien.
Dat lijkt me geen goed idee. Uw man heeft een tijdelijke depressie.
En toch wil ik hem zien.
Het spijt me, maar hij u niet.
Neemt u me niet kwalijk.
Stil maar.
Ik red het wel vanaf nu, Tid. Ik mag dit niet van je vragen.
Ik zie niet in waarom niet. Ik heb jou als baby ook verzorgd.
Het punt is, we hebben het niet breed.
Wat spaargeld, maar geen inkomsten. - Zit daar maar niet over in.
Jouw gezin is mijn gezin. En het is fijn om terug te zijn.
Heel goed, ventje. We gaan een stukje rijden. Kom maar.
Ma? Moe?
Mij? - Dat zei hij.
Is het eerste woord 'haal'?
Of 'laat'?
Laat me liggen?
Maar hij ligt toch al? Sorry, je vindt ons vast sukkels.
Laat me sterven.
Het was net zo'n dom spelletje waarvan je de regels niet begrijpt.
Knap dat je sowieso iets uit hem kreeg. - Nou ja, hij zei dus...
Hij zei dus: 'Laat me sterven.'
Dat kunnen we niet, of wel?
Is het ondenkbaar of ondoenlijk? - Beide, denk ik.
Ik heb al met z'n arts gesproken, hij verwerpt het idee.
Dat doen ze gewoonweg niet. - En kennelijk is het een pijnlijke dood.
Nee, dat wil ik niet. - Natuurlijk niet.
Maar jij hebt ook nog een leven. - Je mag best aan jezelf denken.
Kop op, het gaat uitstekend.
Goed, Mrs Cavendish. We kunnen vooruitgang melden.
We leren weer te slikken. - Doen we dat?
Dat is belangrijker dan het klinkt. Nu zit er nog een kraag rond de slang.
Zo komt er geen eten of drinken in onze luchtpijp.
Kunnen we slikken, dan mag die eraf en kan er lucht in het strottenhoofd.
Dan kunnen we wellicht praten. - En andere zaken?
Beter wordt het niet, ben ik bang.
Hoe voelen we ons deze ochtend?
We zouden liever dood zijn. - Uitstekend. Goedemorgen, Paddy.
Hij moest wel een naam krijgen.
Ik heb gekozen voor Jonathan.
Hopelijk vind je dat goed.
Hij kijkt zelfs nooit naar hem.
Dat kan hij niet aan.
Dat weet je niet.
Jawel.
Dat weet ik wel. Ik weet alles wat er in hem omgaat.
Elke keer hoop ik dat hij is veranderd.
Maar hij wil z'n eigen zoon niet eens zien.
Een priester die ik ooit heb gekend, een zeer vroom man, zei altijd:
'Degenen die God het meest lief heeft, laat Hij het meeste lijden.'
We kunnen niet weten wat Hij denkt, maar wel dat wat ons overkomt...
deel uitmaakt van Zijn plan.
Sorry, dat verstond ik niet.
Kom dichterbij. - Dichterbij. Natuurlijk.
Dan ga ik maar.
No comments yet. Be the first to leave one.