La unuaj 200 linioj.
De velen, die enig idee hebben van hun mogelijkheden en behoeften...
...en toch het heersende systeem in hun hoofd accepteren...
...door hun daden...
...en het daarmee versterken en in ieder geval bevestigen.
Voor het herenhuis te Hohen-Cremmen dat de familie Briest al lang bezat...
...scheen de zon helder in de stille dorpsstraat.
Aan de parkzijde wierp een zijvleugel...
...een brede schaduw op eerst een groen en wit tegelpad...
...en daarna op een groot rond, met in het midden een zonnewijzer...
...en aan de rand canna indica en rabarberplanten.
Je had kunstrijdster moeten worden. Altijd aan de trapeze, dochter der lucht.
Ik geloof bijna dat je daarvoor voelt.
Wie weet. Maar wie is daar dan verantwoordelijk voor?
Van wie heb ik het? Van jou, natuurlijk. Of denk jij soms van papa?
Daar moet je zelf om lachen.
Maar waarom maak je dan geen dame van me?
Zou je dat willen? - Nee.
Niet zo wild, niet zo hartstochtelijk. Ik ben altijd ongerust als ik je zo zie.
Een geschiedenis met verzaking is nooit erg.
Baron Instetten, dus.
Voor zijn 20ste was hij bij de Rathenowers in huis...
...en kwam vaak op de landgoederen hier.
Het liefst was hij bij m'n opa Belling op Schwantikow.
Dat was natuurlijk niet vanwege mijn grootvader.
Als mama erover vertelt, begrijp je zo om wie het eigenlijk wel was.
Ik geloof dat het wederzijds was. - En hoe ging het verder?
Het ging zoals het moest gaan en ook altijd gaat. Hij was immers nog te jong.
Toen papa verscheen, die al secretaris van het kanton Hohen-Cremmen was...
...was lang nadenken niet nodig: Ze nam 'm en werd Frau von Briest.
En Instetten? Hij heeft zich niet het leven benomen, want hij komt zo.
Hij nam afscheid en begon een rechtenstudie.
Frau von Briest, die ook onconventioneel kon zijn...
...hield de reeds wegijlende Effi tegen, keek het meisje aan...
...dat er, verhit door het spel, fris en levendig uitzag...
...en zei haast vertrouwelijk: Het is het beste dat je blijft zoals je bent.
Je ziet er juist erg goed uit. En anders was je onvoorbereid, niet opgedoft...
...en daar gaat het om. Ik moet je namelijk vertellen...
...en ze nam de handen van haar kind in de hare...
Mama, wat heb je? Ik word er bang van.
Ik moet je zeggen dat baron Instetten zo-even om je hand heeft gevraagd.
In alle ernst? - Over zoiets maak je geen grapjes.
Je hebt hem gezien en hij beviel jou ook goed.
Hij is ouder dan jij, wat eerder een geluk is.
Een man van karakter, positie en goede zeden.
Als je geen nee zegt, wat ik me niet kan indenken...
...dan ben je op je 20ste even ver als anderen op hun 40ste.
Je zult je mama ver voorbijstreven.
Effi, kom.
Aan het bezit van alledaagse dingen was Effi niet veel gelegen.
Maar als zij met haar mama de fraaiste etalages bekeek...
...en dan Demuth betrad om inkopen te doen voor de huwelijksreis naar Italië...
...bleek haar ware karakter.
Ze wilde slechts het elegantste. Als dat er niet was, zag ze af van het mindere.
Dat betekende niets meer voor haar.
Ze kon van iets afzien, daarin had mama gelijk.
In die eigenschap lag een zekere pretentieloosheid.
Maar áls ze dan echt iets wilde bezitten, moest het altijd heel apart zijn.
En daarin was ze niet vrij van pretentie.
Wat heb je nog meer op je hart? - Niets, mama.
Werkelijk niets? - Nee, niets. In volle ernst.
Maar als er toch nog iets moet zijn...
Nu?
Dan een Japans slaapkamerscherm, zwart met gouden vogels...
...allemaal met een lange kraanvogelsnavel.
En misschien ook nog een lamp voor onze slaapkamer, met rood schijnsel.
Nu zwijg je en kijkt me aan of ik iets bijzonder onbehoorlijke heb gezegd.
Nee, niets onbehoorlijke. Voor je moeder al helemaal niet.
Want ik ken je. Je bent een persoontje met veel fantasie.
Je stelt je het liefst toekomstbeelden voor.
En hoe kleurrijker ze zijn, des te mooier en begerenswaardiger vind je ze.
Dat zag ik wel toen we de reisbenodigdheden kochten.
Nu lijkt het je fantastisch een slaapkamerscherm te hebben...
...met allerlei fabeldieren erop, alles in het schemerlicht van een rode lamp.
Jou lijkt het allemaal een sprookje en je zou graag een prinses zijn.
Ja, mama. Zo ben ik.
Ja, zo ben je. Dat weet ik best.
Maar Effi, we moeten voorzichtig zijn in het leven. Vooral wij vrouwen.
Houd je niet van Geert?
Waarom zou ik niet? Ik houd van Bertha en van Hulda en van de oude Niemeyer.
En van jullie, maar dat staat buiten kijf.
Ik houd van wie 't goed met me meent en me verwent. Dat doet Geert ook.
Hij wil me sieraden geven in Venetië. Terwijl ik daar niets om geef.
Ik klim en schommel liever, liefst als er iets kan breken of ik omlaag kan vallen.
M'n dood zal het toch niet meteen zijn.
Hou je ook van je neef Briest? - Heel veel. Hij maakt me vrolijk.
Zou je met hem hebben willen trouwen? - In godsnaam, nee. Die halve jongen.
Geert is een man, een knappe man. Met wie ik voor de dag kan komen...
...en die het in de wereld tot iets brengen zal.
Wat denk je wel, mama? - Het is goed. Dat doet me genoegen.
Maar er is nog iets waar je mee zit - Misschien.
Spreek op dan.
Kijk, mama...
Dat hij ouder is dan ik, dat geeft niets. Dat is misschien juist goed.
Hij is immers nog niet oud en is gezond van lijf en leden...
...en zo soldatesk en flink.
Ik zou bijna kunnen zeggen dat ik helemaal voor hem was, als hij niet...
...als hij maar een beetje anders was. - Hoe dan?
Ja, hoe...
Je mag me nu niet uitlachen.
Het is iets wat ik pas geleden in 't huis van de dominee heb opgevangen.
We hadden het over Instetten...
...en ineens trok de oude Niemeyer rimpels in z'n voorhoofd...
...maar dan wel rimpels van respect en bewondering en zei:
Ja, de baron. Dat is een man van principes.
Dat is hij ook, Effi. - Zeker.
En ik meen dat Niemeyer daarna zei dat hij ook 'n man van grondbeginselen was.
En dat is, geloof ik, nog iets meer. Ach, en ik heb er geen.
Ziet u, mama. Daar zit iets in wat me benauwt en beangstigt.
Hij is zo goed en lief voor me, zo toegeeflijk.
Maar ik ben bang voor hem.
Goed, een man in zijn positie moet koud zijn.
Want waaraan lijdt men in het leven schipbreuk?
Toch alleen maar aan warmte.
Niets bekomt een mens zo goed als een huwelijk.
Dat van jezelf natuurlijk uitgezonderd.
Ik weet niet hoe je bij zo'n opmerking komt.
Het is nieuw voor me dat je daaronder geleden zou hebben. En hoezo dan?
Wat valt er over ons te zeggen? Voor ons was er niet eens een huwelijksreis.
Jouw vader was daartegen.
Maar Effi maakt nu een huwelijksreis. Benijdenswaardig.
Met de trein van tien uur. Weg.
Ze moeten nu al bij Regensburg zijn.
Ik neem aan dat hij, zonder uit te stappen...
...de voornaamste kunstschatten van het Walhalla opsomt.
Instetten is een voortreffelijke kerel...
...maar hij heeft wel iets van een kunstfanaat.
En Effi... God, onze arme Effi is een natuurkind.
Hij zal het haar met zijn enthousiasme voor de kunst wel wat lastig maken.
Iedereen maakt het z'n vrouw lastig.
Enthousiasme voor de kunst is nog lang niet het ergste.
Nee, zeker niet. In elk geval gaan we daar niet over twisten.
Het is een onafzienbaar terrein. De mensen zijn zo verschillend.
Jij zou er geschikt voor geweest zijn.
Je had ook anderszins beter bij Instetten gepast dan Effi.
Jammer, nu is het te laat.
De rest wordt nagestuurd.
Nu vooruit, Kruse.
Hup, lopen.
Ze zijn aangewezen op de gebieden waarmee ze handelen.
En omdat ze dat met de hele wereld doen...
...vind je onder hen ook mensen uit de hele wereld.
Ook in ons goede Kessin, hoewel het maar een gehucht is.
Dat is toch verrukkelijk? Jij hebt het over een gehucht...
...en nu vind ik hier, als je niet overdrijft, allerlei exotische zaken.
Nietwaar? Zoiets bedoelde je toch?
Een heel nieuwe wereld. Misschien een neger of zelfs een Turk.
Of misschien zelfs een Chinees.
Ook een Chinees. Wat kun je goed raden.
Misschien is er nog wel een, maar in elk geval hebben we er een gehad.
Nu is hij dood en begraven op een omheind stukje grond vlak bij 't kerkhof.
Als je niet vreesachtig bent, wil ik je bij gelegenheid...
...wel eens z'n graf tonen. Het ligt tussen de duinen...
...met alleen zandhaver eromheen en wat immortellen.
En voortdurend hoor je de zee. Erg mooi en erg huiveringwekkend.
Huiveringwekkend.
Ik zou er graag meer van weten, maar toch liever niet.
Als ik vannacht hopelijk goed slaap, wil ik geen Chinees aan m'n bed zien.
Arm klein ding dat ik ben, wat verwen je me.
Die vleugel en dit tapijt. Ik geloof dat het Turks is.
En dat bassin met die visjes en een bloementafel. Allemaal verwennerij.
Meneer heeft overigens gelijk. Vroeg op, dat was bij ons thuis al de regel.
Waar de mensen de morgen verslapen, is de hele dag geen orde meer.
Maar meneer zal het niet zo streng opvatten.
Ik heb vannacht een hele poos niet geslapen en ik was zelfs 'n beetje bang.
Wat zegt u me nu, mevrouw? Wat was er dan?
Er was boven me een eigenaardig geluid.
Niet hard, maar zeer doordringend.
Eerst klonk het alsof er een lange sleep over de zolder ging.
In m'n opwinding meende ik zelfs witte satijnen schoentjes te zien.
Net was net of ze boven aan het dansen waren, maar heel zachtjes.
Dat is boven in de zaal.
Vroeger hoorden we 't in de keuken ook, maar nu niet meer.
We zijn eraan gewend geraakt.
Effi, je bent een verrukkelijk lief schepseltje.
Je hebt er geen idee van hoezeer ik dat vind...
...en hoe graag ik je op ieder moment zou willen tonen dat ik dat vind.
Daartoe is er nog volop tijd.
Ik ben toch pas zeventien en ben nog niet van zins te sterven.
Tenminste niet eerder dan ik.
Eerlijk, als ik dan zou sterven, zou ik jou het liefst meenemen.
Ik wil je niet achterlaten voor iemand anders. Wat vind je daarvan?
Daar moet ik nog over nadenken.
Of laat ook maar. Ik praat niet graag over de dood. Ik ben voor het leven.
En zeg me nu eens: Hoe leven we hier?
We moeten toch in het 'brave Kessin'...
...ook van zoiets als omgang en gezelschap verzekerd zijn.
Hebben jullie mensen van familie in de stad?
Nee, m'n lieve Effi. Op dit gebied ga je grote teleurstellingen tegemoet.
In de omgeving zijn wat mensen van adel, die je zult leren kennen...
...maar hier in de stad is helemaal niets.
Helemaal niets? Dat kan ik me niet voorstellen.
Jullie zijn toch met bijna 3000 mensen?
Onder hen moet er, behalve kleine luiden als barbier Beza, toch een elite zijn...
Er moet, behalve kleine luiden, ook een elite zijn.
En dan die zaal met de lange gordijnen, die over de vloer vegen.
Maar wat weet jij nu van de zaal, Effi?
Niets, behalve wat ik je zo-even heb gezegd.
Wel een heel uur lang, toen ik vannacht wakker werd...
...leek het of ik schoenen over de grond hoorde schuiven...
...alsof er gedanst werd, bijna als op muziek. Maar alles heel zachtjes.
No comments yet. Be the first to leave one.