La unuaj 200 linioj.
Goedemorgen, Benji. Kom erin.
Je bent laat vandaag.
Je was bijna de kinderen misgelopen.
Je ontbijt.
Wat staat er vandaag in de krant?
Eens zien wie nu weer een ander wat heeft aangedaan.
Is Benji er al?
Cindy, hij is er. - Niet lang, als je zo schreeuwt.
Als je vader erachter komt, is het mis. - Papa begrijpt het niet.
Dat is zwak uitgedrukt. - Wat bedoel je daarmee?
Niet schreeuwen. - Waar is Benji?
Stil, straks komt je vader erachter. - Hij komt eraan.
We moeten Benji verstoppen. Snel, hij is zo hier.
Zal ik 'm buiten zetten? - Nee, dan wil ie naar binnen.
Geef maar hier. Ik neem 'm wel op schoot.
Brave jongen. Lig en blijf, Benji.
Niet vallen, anders kun je het vergeten.
Ziezo. Pak de etensbak.
Tijd om te gaan, jongens.
Wat is er aan de hand? - Het is inderdaad tijd, jongens.
Vergeet je boeken niet, Paul. Kom op, luister naar je vader.
Ze heeft gelijk, Paul. Het is tijd. - Klopt. Tot vanavond, Mary.
Dag, Paul. Succes met je spellingsproefwerk.
Je moet vanmiddag optreden, dus zorg dat je je jurk schoonhoudt.
Kom, papa. Het is tijd. - Niet zo snel. Ik vroeg jullie iets.
Wat dan? - Wat is er aan de hand?
Hij heeft gelijk, Paul. Dat vroeg hij. - Wat verbergen jullie voor me?
Je houdt iets onder tafel verborgen, Mary.
Wat is dat? - Een kom. Een lege kom.
Dat zie ik, Mary. Wat zat erin?
Iets lekkers.
Ze leren nooit gezond te eten als je ze na 't ontbijt lekkers toestopt.
Zo heb ik het nog nooit bekeken. - Geen lekkers meer na het ontbijt.
U hebt volkomen gelijk.
Sorry, het is uit met het gesnoep na het ontbijt.
We moeten ons erbij neerleggen. - Dat valt niet mee.
En nu op naar school. Het is tijd.
Tot dadelijk, Mary.
Nou, Benji, je hebt weer even respijt gekregen.
Daar ben ik ook blij mee. En nu van m'n schoot af.
Jammer dat dit moet. Het is best een lieve man. Alleen 'n beetje koppig.
Ga je er meteen vandoor? Binnenkort volg ik je nog eens naar huis.
Je bent onafhankelijker dan de meeste mensen. En charmanter.
Fijne dag.
Tot morgen.
Ophouden, jij. Laat m'n Sweetie Peetie met rust.
Ongemanierd mormel. Volgende keer stuur ik haar achter je aan, hoor.
Dan doet ze iets heel gemeens.
Dan zal het je spijten.
Je hebt geen enkel fatsoen.
Hij was laat vandaag.
Kom eens hier, Butch.
Kijk, ik heb popcorn voor je. Een paar kinderen wilden je trucjes zien doen.
Ze komen wel een keer terug.
Kom op, pak 'm dan. Luie hond die je bent.
Moet je horen. Nancy en ik hebben een datum geprikt.
Over twee maanden ben ik een getrouwd man.
Jouw tijd komt nog wel. Op een dag verovert een lief pekineesje je hart.
Kom, dan vertel ik je er meer over.
Zoals je wilt. Tot morgen dan maar.
Weet wel dat ik je liefdesadvies wilde geven.
Hallo, Sam.
Waar bleef je? Nu heb ik me verslapen. Ik moet alles klaarmaken voor de lunch.
Vandaag is stoofpot de dagschotel, dus dat duurt wel even.
Je bent al net als Margaret. Ze zei altijd:
Bill, de wereld vergaat niet als je de lunch een keer mist.
Stel dat ze ongelijk had.
Ik kan maar beter beginnen. Ik zal je beloning even pakken.
Morgen wel op tijd zijn. Dan staat er gehaktbrood op het menu.
Ik dacht dat je een loper had. - Daarmee lukte het niet.
Hoe moeten we 'm afsluiten? - Niet nodig. Er komt hier niemand.
En ik wil snel weg kunnen. - Schiet op, straks worden we betrapt.
Gelukt. - Probeer eens.
Ga naar binnen. - Het was jouw idee. Ga jij maar.
Dat gaat niet. - Hoezo?
Je staat in de weg. - Ik ga wel eerst.
Snel, voordat ze ons zien. Doe de deur dicht.
Mooi huis. - Wat heb jij een vreemde smaak.
Onvoorstelbaar dat hier al 40 jaar niemand is geweest.
Op Powell na, met z'n vrouw d'r hoofd. - Dat zijn wilde verhalen.
Het was maar een grapje. Hoop ik.
Moet je zien.
Mooi, hè?
Deze neem ik mee voor m'n vriendin. Te gek.
Dit huis is te gek. Het is perfect. Mitch zal er blij mee zijn.
Dit lijkt me een geschikte kamer. - Ik weet het niet, Linda Sue.
We zitten zo wel erg in het zicht. - Ik heet geen Linda Sue meer. Linda.
Waag het zeker niet om me zo te noemen waar Mitch bij is.
Als we voorzichtig zijn, kunnen we hier ongezien onze gang gaan.
Dit is een dak boven ons hoofd. In het bos hadden we alleen drank.
Geef mij maar liever de drank. - Het gaat er slechts om wat Mitch wil.
Ik ben blij dat je aan dit huis dacht, Henry. Kom.
Daar ben ik niet blij mee, Henry. Dit huis geeft me de kriebels.
Hij ziet er anders niet beledigd uit. - Dat is hij wel. Dat zie ik aan 'm.
Het maakt 'm niet uit waar ie eet. - Hij eet altijd binnen, met ons.
Na gisteren neem ik geen risico's meer. Stel dat je vader 'm gevonden had.
Hij was flauwgevallen. - En ik was ontslagen.
Hij zal je nooit ontslaan. - Dan moet hij ons ook ontslaan.
Dat is lief, maar erg onpraktisch. - Wat betekent dat?
Dat dit voorlopig de beste oplossing is. Discussie gesloten.
Kunnen we het papa niet uitleggen van Benji?
Je vader vindt Benji maar 'n zwerfhond. - Maar dat is ie niet.
Niet echt, bedoel ik. En zelfs al was ie een zwerfhond...
Wat is daar mis mee? - Oom Chris is er ooit door één gebeten.
Je oom was wel bijna dood. - Benji is anders.
Pap zegt dat niet alle juffen gemeen zijn, ook al is juf Gildy dat wel.
Waarom denkt hij dan wel dat alle honden gemeen zijn?
Als hij dacht dat het goed voor jullie was, gaf hij je z'n laatste hemd nog.
O jee, ik ben vergeten z'n overhemd te strijken.
Blijf niet te lang buiten.
Is ze weg? - Tijd voor ons plan.
Ik hou Benji vast en jij gaat 'm halen.
Haast je. We moeten nog 'n kant doen. - Ik doe m'n best.
Je wilt toch dat ie er mooi uitziet? - Mijn kant moet er ook mooi uitzien.
Wie weet komen we niet aan jouw kant toe vandaag. Hij heeft veel klitten.
Wat heb jij uitgevoerd? - Hij heeft in de kauwgom gerold.
Jongens, naar binnen voor je vader jullie komt zoeken.
Wat krijgen we nou? - Doe je ogen dicht.
Slim. Ondertussen laten jullie het bewijs van je streken verdwijnen.
We doen niks stouts. We willen je iets laten zien.
Toe nou, doe je ogen dicht. - Goed dan, maar wel opschieten.
Dat is de verkeerde kant. - Dat weet ik.
Kom op, Benji. - Stil blijven zitten.
Ogen open, Mary. - Wat denk je ervan?
Ik denk...
Geef me eens een hint. - Zie je het verschil dan niet?
Je moet 't wel zien. Het is belangrijk. Draai je eens om, Benji.
Dit is voor...
en dit is na. - Jullie hebben 'm geborsteld. Tuurlijk.
Had 'm me van tevoren laten zien.
Deze kant ziet er prima uit. - Er was geen tijd voor de andere.
Lijkt ie nu niet meer op een zwerfhond? - Ik heb nooit...
Nu snap ik het. Jullie doen dit voor je vader.
Misschien vindt papa 'm nu ook lief. - We hebben zelfs een borstel gekocht.
Ik ben bang dat een borstelbeurt niet genoeg is.
Het helpt toch wel? - Wat moeten we nog meer doen?
Papa heeft ongelijk. - En wij gelijk. Je staat aan onze kant.
En volgens jou wint goed van kwaad.
We praten een ander keertje verder. Snel, voordat je vader komt.
Kom, opschieten.
Hier. Hij kan niet de hele dag voor de helft geborsteld blijven.
Soms vraag ik me af wie er hier de baas is. Die twee of ik.
Laat haar met rust.
Vuile barbaar.
Volgende keer pakt Sweetie Peetie je, hoor.
Ik zal haar niet tegenhouden, want je bent een grote bruut.
En je bent nog onbeleefd ook.
Volgens mij is ie geborsteld.
Ik kan zien dat je m'n advies ter harte hebt genomen.
Je ziet er piekfijn verzorgd uit.
Ik zie het meteen als een kerel op jacht is.
Als je een leuke griet gevonden hebt, gaan we samen je loopjes oefenen.
Rollen.
Brave jongen. Wat heb ik nou gedaan? Je bent helemaal vies geworden.
Dat kunnen we niet hebben.
Het is allemaal op. Trouwens, je moet maar eens verder op versiertoer.
Ergens zit er een lief jong ding op je te wachten.
Sam, je moet een andere klant zoeken. Ik heb een belangrijk besluit genomen.
Ik heb besloten om na al die jaren m'n zaak te sluiten.
Ik weet nog niet precies wanneer. Je moet zoiets niet overhaasten.
Ik denk dat ik over een week of twee definitief beslis.
Ik stop waarschijnlijk pas volgend jaar.
Ik wil niks overhaasten.
Graag gedaan. Je ziet er anders uit. Ben je in het water gevallen of zo?
Benji, ben jij dat?
Wat doe je hier in vredesnaam midden op de dag?
Wat zie ik nou? Volgens mij heb je een vriendinnetje.
Fraai. Geef ik je elke dag ontbijt en dan ga je er met een ander vandoor.
Ik kan het je niet kwalijk nemen.
Zo te zien, kun je een borstelbeurt en wat eten gebruiken. Kom maar hier.
Doe maar niet alsof je dit niet allemaal zo gepland had.
Pas maar op, het is een echte smiecht. Ik ben zo terug.
Nou, Benji, je hebt echt een schoonheid aan de haak geslagen.
Je bent toch niet smoor, hè?
Stomme vraag. We zullen je een naam moeten geven, maar ik weet niet welke.
Bij hem was het makkelijk. Hij is een echte Benji. Maar jij...
Jij bent een hond met klasse. Je verdient een dure naam.
Het meest luxe gevoel dat ik ooit kreeg, was toen George zei...
dat hij ooit rijk genoeg zou zijn om bij Tiffany's sieraden voor me te kopen.
Laten we je Tiffany noemen. Een duurdere naam ken ik niet.
Dan wordt het Tiffany. En nu wegwezen. Ik moet weer aan de slag.
Het leven bestaat uit keuzes maken.
Graag gedaan. Veel plezier.
Hé, je vergeet je...
Ik krijg kippenvel van dit huis. Wie weet spookt het hier echt.
Wil je wachten of naar binnen gaan?
Wat was dat? - Wil je wachten of naar binnen gaan?
Ga maar, ik blijf buiten. En dadelijk smeer ik 'm.
Doe niet zo raar. Kom. - Ik doe niet raar. Ik hoorde iets.
Het was vast Mrs Powell d'r hoofd. - Dat is de druppel.
Doe even normaal, zeg.
Mitch en Linda Sue dumpen ons als je je niet verstandig gedraagt.
Verstand heb ik. Het ontbreekt me aan moed.
Ik mag die Mitch trouwens niet. - Dat hoeft ook niet, voor al die poen.
Ik snap niet dat Linda Sue niets beters dan hij in de stad heeft kunnen vinden.
Wacht eens even.
Kom eens kijken, Henry. Moet je zien.
Wat is daarmee? - Die tas stond gisteren nog rechtop.
Hou je waanideeën voor je, Riley. Ik ga boven een kijkje nemen.
Je doet wel alsof er niks aan de hand is, maar waar is je vla gebleven?
No comments yet. Be the first to leave one.