Esimesed 200 rida.
Eén doos maar? - Dit is breekbaar.
Watje.
Doe die koptelefoon af. Je wordt nog een keer doof.
Een handtekening?
Ik dacht... - Meen je dat nou?
Mevrouw?
Sheriff. - Is uw man er?
Ashley?
Lieverd.
Wat doe je, schatje? - Ik schilder.
Je moeder wil dat je helpt uitpakken. - Weet ik.
Kom maar mee naar buiten dan. - Ik wilde hier niet heen verhuizen.
We moesten wel verhuizen en we moeten allemaal helpen.
Jij wilde hierheen verhuizen. - Ik ga m'n nieuwe boek hier schrijven.
Kon dat niet in het oude huis?
Ik moest studieboeken schrijven om voor dat huis te betalen en dat kan ik niet.
Waarom niet? - Gewoon niet.
Ik mis m'n school.
De school hier schijnt ook heel leuk te zijn.
Ik wil naar m'n oude school.
Ik weet het. Moet je horen.
Als we het hier niet leuk vinden, gaan we terug als m'n boek af is.
Echt waar? - Ja.
Beloof je dat? - Beloofd.
Als jij belooft dat je je best doet hier.
Wat is regel nummer één? - Schilderen in de slaapkamer.
Waar niet? - In de rest van het huis.
Kom helpen met de dozen.
De sheriff is er. - Nu al?
Doe aardig. - Dat doe ik altijd.
Ik meen het. Ik wil niet steeds onterecht boetes krijgen. Doe aardig.
Goedemiddag. Is er iets mis? - Nee, hoor. Ik kom gewoon even langs.
Dat is aardig. Ellison Oswalt. - Ik weet wie u bent.
U bent dus geen fan. - Nee.
Wat kan ik voor u doen? - Niet veel, vermoed ik.
Tenzij ik u kan overhalen die dozen weer in te laden en weg te gaan.
Dacht 't niet.
Maar ik kan wel een exemplaar van Kentucky Blood voor u signeren.
Nee, dank u.
Vindt u het niet goed geschreven? - Het is de inhoud.
U bent niet positief over de politie. - Er zijn agenten die fouten maken.
Ik heb uw boeken gelezen. U maakt ook fouten.
In Kentucky Blood zat u goed. Dat is een goed boek.
Maar in Cold Denver Morning zat u fout en in Blood Diner...
Dat lag niet aan mij.
Door uw theorieën is de dader vrijuit gegaan en zijn levens verwoest.
Daar zitten we hier niet op te wachten. We moeten verder.
We willen al die heisa niet. - Het gaat wel om een vermist meisje.
Ze wordt niet vermist. Ze is dood. - Dat weet u niet.
Als dat meisje nog leeft, vinden we haar nooit.
Moeten we het dan maar vergeten? Verdienen de mensen geen verklaring?
Dingen als dit zijn niet te verklaren.
En als het wel kon, zou je het niet willen weten.
We hebben ons werk gedaan.
Dit is tijdverspilling, net als uw laatste twee boeken.
Uit ervaring weet ik dat als een agent me vertelt dat ik m'n tijd verdoe...
dan vindt hij dat hij dat zelf doet. - Slim, hoor. Dat moet u opschrijven.
Ik neem aan dat uw mensen me dus niet zullen helpen?
Kijk eens aan. Soms heeft u toch nog iets goed.
Ik vind dit trouwens ontzettend ongepast.
Wat wilde hij?
Hij wilde een handtekening, maar was z'n boek vergeten.
Was het zo erg? Waarom wees hij naar het huis?
We zitten toch niet weer vlak bij waar de moord gebeurd is?
Zeg maar niets. Als het zo is, dan wil ik het niet weten.
Het is niet zo.
Zweer je dat? - Ja.
Hier, doe eens wat nuttigs. Deze moet naar de keuken.
Het wordt vast leuk hier. Wacht maar.
Wat is dit nou?
Rondhangen met het gezin, '11.
Barbecue, '79.
Ik heb ook noodles en gelukskoekjes.
Geniet ervan. We kunnen niet zo vaak meer uit eten.
Waarom niet? - Dat weet je.
Ons oude huis is nog niet verkocht. - Dat moet nu eerst.
Zak dan wat met de prijs.
Als we nog meer zakken, maken we verlies.
Als het huis is verkocht en ik m'n boek heb verkocht, kunnen we alles weer.
Is het een goed verhaal dit keer? - Zeker.
Mag ik zien waar het gebeurd is?
Ik ben oud genoeg. - Daar ben ik zelfs niet oud genoeg voor.
Je vader schrijft over nare dingen...
Je zegt dat alsof het iets slechts is. - Zo bedoel ik het niet.
Ik hoor het toch wel van klasgenoten, die me vast weer haten.
Niemand haat je. - Je kunt het me wel vertellen.
Hoor je dit? - Ja.
Hou je werkkamer op slot. Ik wil niet dat hij die dingen ziet. Hij is twaalf.
Hij weet hoe oud ik ben. - Hou op.
Wat is regel één? - Blijf uit papa's werkkamer.
En wat is jouw regel? - Doe papa's werkkamer altijd op slot.
Ik wil niemand meer horen over waarom we hier zijn.
Je hebt je tanden niet gepoetst. - Nog niet.
Kom je niet naar bed? - Ik wil m'n werkkamer eerst inrichten.
Hoelang gaat het duren? - Even.
Ik bedoel: hoelang blijven we hier? - Geen idee. Misschien wel een tijdje.
Ik heb liever dat je fictie schrijft. - Niemand wil mijn fictie lezen.
Je kunt het nog eens proberen. - Ik kan dit niet zonder jouw steun.
Ik steun je wel.
Ik wil gewoon dat je weer plezier hebt in je werk.
Als jij gelukkig bent, zijn we dat allemaal.
Ik heb gewoon nog één hit nodig. Eentje maar.
Je weet dat ik achter je sta. - Ja, maar dat wilde je niet zeggen.
Kentucky Blood was tien jaar geleden. - En?
Misschien was dat wel jouw moment in de schijnwerpers.
En wat dan?
Je kunt niet de rest van je leven proberen dat te herleven.
Je wilt niet alles van de kinderen missen.
Ik wil het gewoon nog één keer proberen en ik heb hier een goed gevoel over.
Ik kan dit niet nog een keer. - Dat hoeft ook niet.
Ik meen het. Als dit slecht afloopt, net als de vorige keer...
neem ik Trevor en Ashley mee en ga ik naar m'n zus.
Snap je dat? - Ja.
Maar het loopt niet slecht af. - Mooi zo.
Ga nou maar wat doen.
WAAR BEN JIJ?
DOOS MET FILMS HOE KOMT DIE DAAR?
Ach, ik doe het gewoon.
Goed dan.
WIE HEEFT DIE FILM GEMAAKT?
WAAR IS STEPHANIE?
Waarom film je zoiets?
Papa, ik kan de wc niet vinden. - Kom maar hier. Ik loop wel mee.
Dank je wel, papa.
Wat heb je veel geschilderd. Je wordt echt goed.
Misschien maak ik ooit iets heel goeds en word ik beroemd, net als jij.
Vast wel, prinses. Ga maar slapen.
En papa? - Ja.
Schrijf je een heel goed boek zodat we naar huis kunnen?
Ik schrijf het beste boek dat iemand ooit heeft gelezen.
Centrale. - De politie van King County.
Is het een noodgeval? - Ja.
Met de politie van King County. Wat kan ik voor u doen?
Met de politie van King County. Kan ik u helpen?
Oké.
Je bent teruggekomen en hebt die doos hier achtergelaten. Waarom?
TUINIEREN '86 BEDTIJD '98
ZWEMBADFEESTJE '86
Verdorie, Ashley.
Wakker worden, Trevor.
Hé, wakker worden. Kom op.
Allemachtig. Gaat het wel? - Hij heeft het weer.
Kom, we gaan naar buiten. Word nou wakker. Wakker worden.
Wakker worden, Trevor. Kijk maar naar de sterren.
Waarom zijn we buiten?
Je had een nare droom, nachtangst. Ga maar weer slapen.
Ik dacht dat dat voorbij was.
Het komt door de stress. Hij zat in een verhuisdoos.
Arme schat. - Het gaat straks wel weer.
Wat is er?
Ik moet je iets vertellen.
Het spijt me zo.
Dit is niet jouw schuld. Het is koud. Laten we naar binnen gaan.
Zat ik in een doos?
Ja. - Dat herinner ik me niet.
Het kan nog vreemder. - Begin nou niet over de droger.
Gaat het over die keer dat Trevor in de droger wilde plassen?
Sorry, ik dacht dat het daarover ging.
Wilde Trevor weer in de droger plassen? - Nee, hij had nachtangst.
Is dat een nare droom? - Zoiets.
Ik had er ook eentje. - Nachtangst is geen nachtmerrie.
We hadden het wel geweten als jij dat had. Niet doen.
Heb je zin om naar je nieuwe school te gaan?
En jij? - Ja, hoor.
Leuk dat jullie zo enthousiast zijn.
Hou op. - Hou daarmee op. Gedraag je.
Breng jij ze? - Ik moet toch naar de winkel.
Ik ga de buurt verkennen, dan kun jij werken.
Eet eens door, jullie komen te laat. - Eet onderweg maar.
Ik heb verse koffie gezet. - Dank je.
Veel plezier met je moordzaak.
Waar is je notitieboek, Trevor? - In m'n rugtas.
HOE MONTEER JE EEN SUPER-8-FILM
De super-8-film werd in 1966 op de markt gebracht door Eastman Kodak.
MONTAGETECHNIEKEN
Niet weglopen als ik tegen je praat. Wat dacht je wel niet?
Ik zei toch al dat ik er niet bij nadacht.
Precies. Je denkt niet na. Je bent niet zo volwassen als je denkt.
Als jullie nadachten, waren we hier niet.
Wat weet jij nou? - Meer dan jij.
Ga naar je kamer. Ik wil je niet zien.
Wat is er gebeurd? - Je zoon misdraagt zich.
Wat heeft hij gedaan? - Kies je haar kant?
Wat heb je gedaan?
Ik heb iets getekend. - Met watervaste stift op het whiteboard.
Wat heb je getekend? - Een boom.
Waar vier mensen aan hingen. Ga naar je kamer. We moeten praten.
Op z'n eerste schooldag hoort hij de gruwelijke details al.
Wat heeft hij gehoord? - Over een gezin dat is opgehangen.
Is dat alles? - Is dat niet genoeg?
Het is rot dat hij er zo achter komt, maar hij zou het toch wel horen.
Moet dat het goed maken?
Nee, er is niets goeds aan wat er met die mensen is gebeurd.
Goede mensen overkomen nare dingen en iemand moet hun verhaal vertellen.
Wat ben je toch een weldoener. - Kom op nou.
Ik breng de kinderen naar bed. - Geef ze een zoen van me.
Schiet je een beetje op? - Ja.
Mooi zo. Hou je deur dicht.
A/V-REGELAARS TONEN
WETENSCHAP VOOR KINDEREN ST LOUIS
No comments yet. Be the first to leave one.