نخستین 200 خط.
Het is deels overlevering,
maar dit is in elk geval waar:
toen de Franse burgers de Bastille bestormden
troffen ze iets geheimzinnigs aan in het register:
"Gevangene nummer 64389000."
"De man met het ijzeren masker."
Nog niet dood?
Aramis.
Aramis.
Porthos is...
Helaas, meiden. Jullie hadden er vast van genoten.
Hij is groot geschapen.
Jij ook. - Echt?
Hij slaapt al zo lang dat ik dat zelf niet meer weet.
Oké, ga nu maar.
Laat Zijne Heiligheid nu maar.
Ik breng jullie morgen weer, dan heeft hij vast meer zin.
Wegwezen, dames.
Hou op met bidden en kom feestvieren.
Ik moet opgevrolijkt worden.
Ik ben oud en ziek. Ik heb geen kracht meer.
Porthos.
Ik zit te bidden. - Dat zeg ik toch.
Nog doof ook? In ieder geval blind.
Je stuurt een stel ontroerend mooie tieten weg.
Er is meer in het leven dan mooie tieten.
Werkelijk?
Noem me één ding,
één ding maar,
dat mooier is...
dan zo'n roze tepel tussen m'n lippen,
dan bouw ik een nieuwe kathedraal voor je.
Vergiffenis.
Vergiffenis?
Vergeef me...
Vergeef me...
Vergeef je het me?
Nou, vergeef je het me?
Je vergiffenis haalt het niet bij een tepel.
Begrijp je het dan niet?
Ik probeer te bidden.
Je doet niet anders.
D'Artagnan.
Oh. D'Artagnan.
Hoe gaat het, jochie?
Je valt midden in een theologische discussie.
Dat zie ik. - Welkom. Ga zitten.
Nee, ik kom namens de koning.
Hij wil je spreken.
Je blijft hem trouw,
hoewel het volk z'n wapen met rotte eieren bekogelt.
D'Artagnan, je moet jezelf eens zien.
Je ziet er zo jong uit. Ik voel me zo oud.
Onmiddellijk, zei de koning.
Eén voor allen, d'Artagnan.
En allen voor één.
Ooit waren we allemaal musketiers.
Hoe zou het met Athos zijn?
Rustig, Raoul.
Je bent toch m'n zoon?
Welke vrouw kan je weerstaan?
Wanneer ga je haar vragen?
Vandaag, als we aankomen...
of als we weggaan.
Ik weet het nog niet precies.
Zou dit helpen?
Moeders ring.
Dat kan ik niet aannemen. Die is van u.
Met haar dood schonk ze me jou.
Ik schenk hem aan de vrouw van m'n zoon.
Ga nu maar. En neem je verloofde mee terug.
Majesteit, we verwachten de aanval bij zonsopgang.
Nee, dan onderschat je de Hollanders.
Deze compagnies worden hier afgesneden,
verplaats ze dus hierheen.
Dan zijn we daar in de meerderheid.
Zo kun je het doorgeven.
Majesteit.
De gele sjerp.
Als uw raadslieden is het toch...
onze plicht... - Juist, onze plicht u te zeggen...
dat er rellen in Parijs zijn.
Rellen?
Parijs is de mooiste stad op aarde.
Mijn volk kan toch alleen maar...
trots en tevreden zijn?
Zeker, Majesteit.
Ik weet zeker dat ze tevreden en trots zijn.
Maar ze komen evengoed om van de honger.
We kunnen een deel van de legervoorraden uitdelen.
De priester Aramis.
Pater Aramis, Zijne Majesteit heeft een probleempje...
met de jezuïeten. - De jezuïeten?
Ze beweren dat de oorlogen van Zijne Majesteit onjuist zijn.
Dan moet hij bij hun leider zijn.
Maar wie is dat?
Ze bewaren hun geheimen strikt.
Ah, Aramis.
Majesteit.
Jij bent priester. Maar vroeger ben je musketier geweest.
Zowel mijn vader en ik...
hebben je moeilijke zaken toevertrouwd.
Daarom...
Zoek uit wie de geheime leider van de jezuïeten is.
En dan,
in naam van God en Frankrijk,
wil ik dat je hem vermoordt.
Ik weet dat het een verschrikkelijk verzoek is,
vooral voor een priester.
Neem je de opdracht aan...
en kun je hem geheimhouden?
Als ik achter de identiteit van die rebelse jezuïet kom,
vermoord ik hem én de man die me die informatie gaf.
Eens een musketier altijd een musketier, nietwaar?
En wat die rellen betreft,
we hebben voorraden in de haven.
Deel dat maar uit.
Maar dat voedsel is bedorven.
Daarom is het niet verscheept.
Dan zou ik maar opschieten.
Uitstekend idee, Majesteit.
Kijk die japon toch.
Zien ze er niet prachtig uit?
Niet zo mooi als jij.
Wie is dat?
Raoul, de zoon van Athos.
François, jij valt op jonge soldaten,
maar ik bedoel de schoonheid naast hem.
Dat is Christine.
Majesteit?
Wat nu weer, d'Artagnan?
Vallen er moordenaars uit de lucht?
Ik wist niets van de varkensjacht.
Kijk eens naar de gezichten van die mannen.
Hoe ze je bewonderen.
Als jij me beschermt,
welke gek durft mij dan kwaad te doen?
Het mes van een gek kan scherper zijn dan zijn verstand.
Ik weet een spelletje.
We spelen dat ik de koning ben...
en jij kapitein van mijn musketiers.
Dan spelen we dat mijn wil wet is.
En ik wil van dit feest genieten.
Moet jij ook's proberen.
Dames.
Christine... sinds we hier zijn...
Monsieur? Mademoiselle? - Nee, dank u.
Christine... - Raoul.
D'Artagnan.
Kapitein, dit is Christine Bellefort.
Enchanté.
D'Artagnan is m'n vaders beste vriend.
Het is een eer...
om musketier te mogen worden, net als mijn vader.
Ik voel me ook vereerd.
Eén voor allen...
En allen voor één.
Christine...
Ik hou van je.
Ik hou ook van jou, Raoul.
Ik zal nooit rijk worden, maar m'n hart is van jou.
Dan ben ik rijker dan de koning.
Ik heb iets voor je...
We dagen u uit voor een wedstrijd in listigheid en lenigheid.
Aanschouw onze eenhoorn.
Wie onze eenhoorn weet te vangen,
wint zijn schat.
Laat de jacht beginnen. Ik beveel jullie allen.
Die ketting is voor jou.
Christine, toch? Ik hield het niet voor mogelijk,
maar de spanning van de jacht heeft je nog mooier gemaakt.
Sire, ik... dank u wel.
Je bloost.
Wil je niet mooi zijn voor je koning?
Nee, sire. Ik bedoel... ja... Natuurlijk, sire.
Ik bedoel, u bent... - Het geeft niet.
Je bent dit alles niet gewend.
Maar daar kunnen we iets aan doen.
Je zou het goed doen als hofdame.
Zijne Majesteit is... heel... heel vriendelijk.
Maar ik ben verloofd met Raoul. Als ie me ooit durft te vragen.
Verkies je een soldaat...
die je nog niet gevraagd heeft...
boven een koning?
Ik moet m'n hart trouw blijven.
Maar is dat hart jou ook trouw?
Wacht, Christine.
Christine. - Raoul.
Gun uw volk eten.
Jezuïeten.
Stuur een generaal.
Hare Majesteit wil u spreken.
Majesteit.
U hebt m'n zoon vandaag het leven gered...
God was ons goedgunstig, majesteit.
Bent u zelf niet gewond geraakt?
Nee, madame. - Gelukkig.
Kapitein?
Raoul, de zoon van Athos,
heeft z'n aanmelding voor de musketiers ingetrokken.
No comments yet. Be the first to leave one.