نخستین 200 خط.
Sta op.
Jennie?
David Graham? Jeremy Clayton, de advocaat van uw zoon.
Willen alle passagiers voor Stockholm zich melden in de vertrekhal?
Ik kon niet eerder komen. Is het morgen? Hoe laat?
De executie vindt morgenochtend om 8 uur plaats.
Ik ben met de auto.
Is dat al uw bagage?
Wat is er gebeurd?
Wat is er gebeurd? - Ik heb hier de processtukken voor u.
Dat kan ik nu allemaal niet lezen. Misschien later. Vertel het nu maar.
Op de avond van de moord haalde Alec Jennie Cole op.
Dat is... - De vermoorde vrouw.
Ze gingen naar de flat die ze van Robert Stanford mochten gebruiken.
Die van de auto's. 's Ochtends werd ze dood aangetroffen.
Uw zoon is opgepakt, totaal van de wereld.
Hij had gedronken.
Hij werd beschuldigd van de moord. - Hij is onschuldig.
Het bewijs is zeer overtuigend. - Hij blijft onschuldig.
De gevangene heet Alec Graham. Er zou toestemming zijn.
En dat is?
Z'n vader.
Ik wil even iets zeggen voor u naar binnen gaat.
De laatste 24 uur kunnen een hel zijn. Uw zoon heeft zich aangepast.
Hij is in z'n schulp gekropen en dat lijkt ons het beste.
We moeten hem beschermen en als een bezoek storend is...
moeten we het afbreken.
Loop maar met hem mee.
Wilt u uw tas hier laten?
Zal ik hier op u wachten?
Er is goed voor hem gezorgd.
Sorry dat ik niet eerder ben gekomen.
Ik wist het niet.
Hoor je me?
Ik was de hele tijd op reis. M'n uitgever had me een voorschot gegeven.
Ik werk aan een roman die in Canada speelt.
Je werkte aan je verslaving. Je zat in een kliniek.
Dat heeft Justitie gezegd, vast omdat het hun zaak zou helpen.
Dronken pa, slechte genen.
Ik ben zo gauw mogelijk gekomen.
Je bent nu ook dronken. - Welnee.
Ik heb al tijden niet gedronken. Ik kon niet eerder komen.
Ik was erg ziek.
Zelfs hiervoor had je me maanden niet geschreven.
Dat weet ik.
Sorry, vergeef me.
Dat maakte niet uit. We wisten altijd dat we bij elkaar hoorden.
Weet je nog?
Ik herinner me elke brief die je hebt geschreven.
Die enge kostscholen waar je me in stopte.
De weken, maanden dat ik je niet zag.
Dan kwam je altijd met een stom cadeautje.
Ik ben er nu. Daar gaat het om.
Ik vond je telkens zo knap en charmant...
dat ik het je graag vergaf. Ik vergaf je alles.
Maar dit keer niet, David. Je hebt me laten stikken.
Ik kon er niets aan doen. - Maakt niet uit.
Niets doet er nog toe.
Ik snap het nu van mama. Je hebt mij gebruikt om haar terug te krijgen.
Alec, hier hebben we geen tijd voor.
Wat is er gebeurd? - Ik wil er niet over praten.
Ik wil je helpen.
Ik ga sterven over een paar uur. Dan is het voorbij.
Het is vreselijk om hoop te hebben. Ik wil dit niet nog een keer meemaken.
Je laat ze hun gang gaan. Je probeert jezelf niet te helpen.
Waarom zou ik wachten tot ik op jou ga lijken?
Ik ben al veel eerder begonnen met drinken.
Je moet m'n hulp accepteren.
Ik kan vast iets doen. Ik ga de stukken lezen.
Je mag het niet opgeven.
Had het wat uitgemaakt als jij zo jong was gestorven?
Wat doe je nou?
Ik mag niet eens drank ruiken.
Denk je dat één borrel niet uitmaakt? Dan vergis je je.
Er klopt hier iets niet.
Ik heb hier 20 jaar ervaring in gestoken en niets gevonden.
Je vergist je. - Accepteer het nou maar.
Alec was verliefd op haar en zij heeft het die avond uitgemaakt.
Ze hebben in het openbaar ruzie gemaakt.
Er is gevochten in de flat. Alec had schrammen op z'n gezicht.
Alec is zachtaardig, net als z'n moeder.
Hij heeft gelogen. Hij zei dat ze stomdronken was.
Dat bleek niet uit de sectie. - Waarom zou hij liegen?
Clayton, jij vindt hem toch ook onschuldig?
Nu even niet als advocaat. Wat denk je als mens?
Ik heb gedaan wat ik kon. Ik heb twee keer uitstel geregeld.
Ik vecht door. Bel het ministerie.
Dat kan alleen iets doen als er nieuwe bewijzen zijn of twijfels.
Er moet iets zijn wat over het hoofd is gezien.
Had dat vermoorde meisje familie?
Een zus, Agnes Cole.
Ga eerst maar eens met haar praten.
Je kunt haar hier vinden.
Ik stel u voor aan onze lieftallige dames.
Dit is Yvonne.
Yvonne is een lange, wilde blondine. Soms wilde ze, soms niet.
Dit is Laura. Ze gaat nergens naartoe zonder haar moeder.
Haar moeder komt nog 's ergens.
Ik wil Agnes Cole spreken.
Ik ben Agnes Cole.
Ik ben David Graham, de vader van Alec.
Miss Cole? Kan ik u even spreken?
Uw zoon heeft m'n zus vermoord. - Zo is Alec niet.
Hoe weet u dat? U was niet bij het proces.
Jennie was een lieve meid voor ze Alec leerde kennen.
Daarna herkende je haar niet meer. Ze kwam elke avond dronken thuis.
Een keer kwam ze thuis, op kerstavond.
Ik dacht dat ze een ongeluk had gehad. Ze was bont en blauw.
Dat was Alec niet. Ze had vast een ander.
Alleen Alec. - Met welke man ging ze nog meer om?
Wat moet een revuemeisje met een jongen die platzak is?
Weet iemand iets over Jennie Cole?
Wat wilt u? De nagedachtenis van m'n zus bezoedelen?
Uw zoon heeft m'n zus vermoord en ik ben blij dat hij gaat sterven.
Kan ik helpen? - Ik kom voor Mr Stanford.
Kom binnen. Ik verwachtte u al.
Mr Gage. Pap, dit is Mr Gage, weet je nog?
Heb je me over Mr Gage verteld?
Hij helpt me bij m'n advocatenexamen. - Ik weet niets van bijles.
Je was te veel met het nieuwe model bezig.
Dat is goed mogelijk.
Als het om auto's gaat, ben ik in weinig anders geïnteresseerd.
Brian ook. Dit is trouwens Mrs Stanford.
De benzine zit ons in het bloed.
Ik ben als monteur begonnen. Ik had nooit tijd of geld voor bijles.
Excuseert u mij.
Ik heb haast. Heb je Henry nodig? - Die rijdt ons naar de testbaan.
Het Stanford-sportprototype ondergaat z'n vuurproef.
Een groots moment. Die bijles komt wel een ander keertje.
Ik heb een andere afspraak.
We moeten dit regelen. Ik moet met Mr Gage praten.
Dat kan ook wel in de auto.
We gaan naar de flat. Daar is het rustig.
Ga jij dan mee, Honor? - Ik kan niet.
Is het dringend? Ik ben niet graag alleen als er een auto wordt getest.
Ik heb een afspraak met een kamerlid.
Hoe lang gaat dit nog door?
Wat is er nou? Denk je dat Mr...
Mr Gage de enige is die niet weet dat er een moord is gepleegd?
In onze flat, door een vriend van onze zoon, die morgen zal hangen?
Mrs Stanford probeert wanhopig die arme knul te redden.
Ik vind dat ze overdrijft.
Nu zijn er geen geheimen meer.
Ga je mee? - Nee, Robert.
Het leger der deugdzamen is niet te stoppen.
Neem Henry maar. Ik rij zelf.
Hopelijk kun je iets regelen met Mr Gage.
Ik red mezelf wel.
Waarom zei je dat ik bijles gaf?
Pardon, Mr Stanford.
Wat wil je? - Ik wil Alec helpen.
Je bent wel wat laat. - Ik was opgenomen. Ik mocht niet weg.
Wist je dit? - Nee, ik mocht m'n post niet lezen.
Helemaal niet? - Nee, hoezo?
Vanwaar die interesse in mijn post?
Hoe wist je wie ik was? - Van de foto op Alecs kamer.
Had hij een foto van me? - Ja, die had hij altijd bij zich.
Verbaast je dat?
We hadden het vaak over je. Het was ons favoriete onderwerp.
We hadden allebei niet echt ouders.
M'n vader is omgekomen in de Stanfordfabriek. Hij was arbeider.
U dacht toch niet dat Honor m'n moeder was? Ik ben geadopteerd toen ik 8 was.
Wat zei Alec over mij?
Dat je de grootste roman aller tijden zou schrijven. Is dat zo?
Net als veel andere schrijvers ben ik dat al heel lang van plan.
Hier woon ik. Is het niet te ver om? - Je wilt toch helpen?
Ik ga naar binnen.
Alec is toch je beste vriend?
Ja, dat was hij.
Dus je verzwijgt niets?
Waarom zei je dat ik bijles gaf?
Het was een ingeving. Ik wilde je helpen.
Hoe? - Geen idee.
Mensen gedragen zich niet altijd logisch.
Is het hier gebeurd? - Ja, inderdaad.
Tijdens het proces...
zei Alec dat hij een deur had gehoord, alsof iemand achterom was gekomen.
Was jij dat, Brian?
Ik heb de hele avond gepokerd. De politie heeft het nagetrokken.
Is dat de achterdeur?
U wilt toch geen lunch? De kok en de meisjes zijn vrij.
Nee, Mrs Johnston. Neemt u ook maar vrij.
Kan ik nog iets doen? - Die is er niet. Ik zal het doorgeven.
Nee, dank u.
Als je iets verzwijgt, ben je een moordenaar.
Ik?
Je weet iets. Zit Alecs tijd niet te verdoen.
Het gaat om een brief.
Wat voor brief? - Geen idee.
We stuurden je onze oude tijdschriften.
Hij zei dat je van Engelse bladen hield. Hij zat altijd erg over je in.
Toen de meid ze laatst opstuurde, zat er blauw schrijfpapier tussen.
Ik begrijp het niet. Iets langzamer.
Waarom denk je dat dat blauwe schrijfpapier een brief was.
Dat weet ik niet. Ik denk dat het iets persoonlijks was.
Een familiekwestie.
Waarom is die brief zo belangrijk? - Misschien is hij dat niet.
Jij had er iets mee kunnen doen.
Ik kon niets. Je hebt niets gezegd bij het proces.
En waar was jij? Je zat in een kliniek voor alcoholisten.
No comments yet. Be the first to leave one.