Julkaisutiedot

Il Vangelo secondo Matteo
Kommentaari FMS2025

Tunnisteet

other
Julkaistu: 2025-04-26
Lataukset: 36
Kuulovammaisille: No

Dutch tekstityksen esikatselu

200 ensimmäistä riviä.

H E T E V A N G E L I E V O L G E N S M A T T E Ü S

In dierbare, gelukkige en eigen herinnering aan paus Johannes XXIII

Jozef, zoon van David, wees niet bevreesd Maria, uw vrouw, tot u te nemen...

het kind in haar schoot is van de heilige Geest.

Zij zal een zoon ter wereld brengen die gij Jezus moet noemen,

want Hij zal zijn volk redden uit hun zonden.

Zie, de maagd zal zwanger worden...

en een zoon ter wereld brengen...

en men zal Hem de naam Emmanuël geven, wat zeggen wil: God met ons.

Waar is de pasgeboren koning der Joden?

Want wij hebben zijn ster in het oosten gezien en zijn gekomen om Hem onze hulde te brengen.

Waar moest Christus geboren worden?

Te Betlehem in Judea. Zo immers staat er geschreven bij de profeet:

En gij, Betlehem, landstreek van Juda,

gij zijt volstrekt niet de geringste onder de leiders van Juda,

want uit u zal een leidsman te voorschijn treden,

die herder zal zijn over mijn volk Israël.

Gaat een zorgvuldig onderzoek instellen naar dat Kind en wanneer gij het gevonden hebt...

bericht het mij dan, opdat ook ik het hulde kan gaan brengen.

Neem het Kind en zijn moeder,

vlucht naar Egypte en blijf daar tot ik u waarschuw,

want Herodes komt het Kind zoeken om het te doden.

Ik heb mijn zoon geroepen uit Egypte.

Een klacht werd in Rama gehoord, geween en luid gejammer:

Rachel, wenend om haar kinderen, wil niet getroost worden,

omdat zij niet meer zijn .

Neem het Kind en zijn moeder en trek naar het land Israël.

want die het Kind naar het leven stonden zijn gestorven.

Bekeert u, want het Rijk der hemelen is nabij.

Deze toch is het die de profeet Jesaja bedoelde, toen hij zei:

Een stem van iemand die roept in de woestijn:

Bereidt de weg van de Heer,

maakt zijn paden recht.

Adderengebroed, wie heeft u voorgespiegeld, dat ge de dreigende toorn kunt ontvluchten?

Brengt dus vruchten voort die passen bij bekering...

en neemt niet een houding aan alsof ge bij uzelf zegt: Wij hebben Abraham tot vader!

Waarachtig, ik zeg u, dat God de macht bezit voor Abraham uit deze stenen kinderen te verwekken!

Reeds ligt de bijl aan de wortel van de bomen.

Elke boom dus die geen goede vrucht draagt,

wordt omgekapt en in het vuur geworpen.

Ik doop u met water, opdat ge u bekeren moogt;

Hij die na mij komt, is sterker dan ik...

en ik ben niet waardig Hem van zijn sandalen te ontdoen.

Hij zal u dopen met de heilige Geest en met vuur.

De wan heeft Hij in zijn hand...

en Hij zal zijn dorsvloer grondig zuiveren;

zijn tarwe zal Hij in de schuur verzamelen,

maar het kaf verbranden in onblusbaar vuur.

Ik heb uw doopsel nodig...

en Gij komt tot mij?

Laat het nu zijn;

want zo past het ons al wat is vastgesteld te volbrengen.

Dit is mijn Zoon, mijn veelgeliefde,

in wie Ik welbehagen heb .

Als Gij de Zoon van God zijt, beveel dan dat deze stenen hier in brood veranderen.

Niet van brood alleen leeft de mens,

maar van alles wat uit de mond van God voortkomt.

Als Gij de Zoon van God zijt, werp U dan naar beneden, want er staat geschreven:

Aan zijn engelen zal Hij omtrent U een bevel geven, dat zij U op de handen nemen,

opdat Ge uw voet niet zult stoten aan een steen.

Er staat ook geschreven: Gij zult de Heer uw God niet op de proef stellen.

Dat alles zal ik U geven, als Gij in aanbidding voor mij neervalt.

Weg, satan;

er staat geschreven: De Heer uw God zult gij aanbidden en Hem alleen dienen.

Het volk dat in de duisternis zat, heeft een groot licht aanschouwd;

en over hen die in het land van de schaduw van de dood gezeten hebben, over hen is een licht opgegaan.

Bekeert u, want het Rijk der hemelen is nabij.

Petrus.

Andreas.

Komt, volgt Mij; Ik zal u vissers van mensen maken.

Jakobus, Johannes, zonen van Zebedeüs, komt met mij mee.

De oogst is wel groot, maar arbeiders zijn er weinig.

Vraagt daarom de Heer van de oogst arbeiders te sturen om te oogsten.

Petrus.

Andreas.

Jakobus.

Johannes.

Filippus.

Tomas.

Simon.

Bartolomeüs.

Taddeüs.

Jakobus, zoon van Alfeüs.

Matteüs.

Judas Iscariot.

Gij zult arbeiders in de oogst zijn.

Ik zend u als schapen tussen wolven.

Weest dus omzichtig als slangen...

en argeloos als duiven.

Neemt u in acht voor de mensen.

Zij zullen u overleveren aan de rechtbanken en u geselen in hun synagogen.

Gij zult voor stadhouders en koningen gebracht worden omwille van Mij.

Maakt u echter, wanneer men u overlevert niet bezorgd over het hoe of wat van uw spreken:

op dat ogenblik zal u worden ingegeven wat gij moet zeggen.

Want niet gij zijt het die spreekt,

maar door u spreekt dan de Geest van uw Vader.

Ge zult een voorwerp van haat zijn voor allen omwille van mijn Naam.

Weest niet bevreesd voor hen die wel het lichaam kunnen doden maar niet de ziel:

vreest veeleer Hem die én ziel én lichaam in het verderf kan storten in de hel.

Verkoopt men niet twee mussen voor een stuiver?

En toch zal buiten de wil van uw Vader niet één mus op de grond vallen.

Bij u echter is zelfs ieder haar van uw hoofd geteld.

Weest dus niet bevreesd; gij zijt toch méér waard dan een zwerm mussen.

Denkt niet, dat Ik vrede ben komen brengen op aarde;

Ik ben geen vrede komen brengen maar het zwaard.

Tweedracht ben Ik komen brengen tussen een man en zijn vader,

tussen dochter en moeder,

schoondochter en schoonmoeder;

en iemands huisgenoten zullen zijn vijanden zijn.

Wie vader of moeder meer bemint dan Mij, is Mij niet waardig;

wie zoon of dochter meer bemint dan Mij, is Mij niet waardig.

Wie zijn leven vindt, zal het verliezen...

en wie zijn leven verliest om Mijnentwil, zal het vinden.

Als Gij wilt, Heer, kunt Gij mij reinigen.

Ik wil, word rein.

Zorg er voor dat ge het niemand zegt, maar ga u laten zien aan de priester...

en offer de gave die Mozes heeft voorgeschreven...

om ze het bewijs te leveren.

Zalig de armen van geest, want aan hen behoort het Rijk der hemelen.

Zalig de treurenden, want zij zullen getroost worden.

Zalig de zachtmoedigen, want zij zullen het land bezitten.

Zalig die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden.

Zalig de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid ondervinden.

Zalig de zuiveren van hart, want zij zullen God zien.

Zalig die vrede brengen,

want zij zullen kinderen van God genoemd worden.

Zalig die vervolgd worden om de gerechtigheid,

want hun behoort het Rijk der hemelen.

Zalig zijt gij, wanneer men u beschimpt, vervolgt...

en lasterlijk van allerlei kwaad beticht om Mijnentwil:

verheugt u en juicht, want groot is uw loon in de hemel.

Zo immers hebben ze de profeten vervolgd die vóór u geleefd hebben.

Of is er wel iemand onder u die zijn zoon een steen zal geven als hij om brood vraagt?

Of een slang wanneer hij vraagt om een vis?

Als gij dus, ofschoon gij slecht zijt, goede gaven weet te geven aan uw kinderen,

hoeveel te meer zal dan uw Vader die in de hemel is, het goede geven aan wie Hem daarom vragen.

Alles wat gij wilt dat de mensen voor u doen, doet dat ook voor hen.

Dat is Wet en Profeten.

Denkt niet dat Ik gekomen ben om Wet en Profeten op te heffen;

Ik ben niet gekomen om op te heffen, maar om de vervulling te brengen.

Gij zijt het zout der aarde.

Maar als het zout zijn kracht verliest, waarmee zal men dan zouten?

Het deugt nergens meer voor...

dan om weggeworpen en door de mensen vertrapt te worden.

Gij zijt het licht der wereld.

Een stad kan niet verborgen blijven als ze boven op een berg ligt!

Men steekt toch ook niet een lamp aan om ze onder de korenmaat te zetten,

maar men plaatst ze op de standaard, zodat ze licht geeft voor allen die in huis zijn.

Verzamelt u geen schatten op aarde,

waar ze door mot en worm vergaan...

en waar dieven inbreken om te stelen;

maar verzamelt u schatten in de hemel,

waar ze niet door mot of worm vergaan en waar dieven niet inbreken om te stelen.

Niemand kan twee heren dienen:

hij zal de een haten en de ander liefhebben, ofwel de een aanhangen en de ander verachten.

Gij kunt niet God dienen én de Mammon.

Als gij een aalmoes geeft,

laat uw linkerhand dan niet weten wat uw rechter doet,

opdat uw aalmoes in het verborgene blijve...

en uw Vader die in het verborgene ziet, zal het u vergelden.

Gij hebt gehoord dat er gezegd is: Oog om oog, tand om tand.

Maar Ik zeg u geen weerstand te bieden aan het onrecht,

doch als iemand u op de rechterwang slaat, keer hem dan ook de andere toe.

Gij hebt gehoord dat er gezegd is: Gij zult uw naaste beminnen en uw vijand haten.

Maar Ik zeg u: Bemint uw vijanden en bidt voor wie u vervolgen,

opdat gij kinderen moogt worden van uw Vader in de hemel,

die immers de zon laat opgaan over slechten en goeden...

en het laat regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen.

Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt.

Want met het oordeel dat gij velt, zult gij geoordeeld worden...

en de maat die gij gebruikt, zal men ook voor u gebruiken.

Waarom kijkt gij naar de splinter in het oog van uw broeder...

en merkt gij de balk niet op in uw eigen oog?

Als gij bidt, gebruikt dan geen omhaal van woorden, zoals de heidenen;

want deze menen dat zij door hun veelheid van woorden verhoring zullen vinden.

Volgt hun voorbeeld dus niet na,

want vóórdat gij Hem vraagt, weet uw Vader wat gij nodig hebt.

Gij moet daarom zo bidden:

Onze Vader, die in de hemel zijt,

uw naam worde geheiligd,

uw rijk kome,

uw wil geschiede,

op aarde zoals in de hemel.

Geef ons heden ons dagelijks brood,

en vergeef ons onze schulden,

zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren.

En breng ons niet in beproeving, maar verlos ons van het kwade.

Daarom zeg Ik u: Weest niet bezorgd voor uw leven,

wat ge zult eten of wat ge zult drinken,

en ook niet voor uw lichaam, wat ge zult aantrekken.

Is het leven niet méér dan het voedsel...

en het lichaam niet méér dan de kleding?

Let eens op de vogels in de lucht:

ze zaaien niet en maaien niet en verzamelen niet in schuren,

maar uw hemelse Vader voedt ze.

Zijt gij dan niet veel méér dan zij?

Trouwens, wie van u is in staat met al zijn tobben aan zijn levensweg één el toe te voegen?

En wat maakt gij u zorgen over kleding?

Kijkt naar de leliën in het veld: hoe ze groeien.

Ze arbeiden noch spinnen.

More Dutch subtitles for The Gospel According to St. Matthew

Kommentit

No comments yet. Be the first to leave one.

Keep it about this subtitle — sync, quality, typos.500 characters left