200 baris pertama.
In het jargon betekent "Doulos" namelijk "hoed".
Maar, in de geheime taal van politieagenten en bandieten, is
"doulos" de naam die wordt gegeven aan iemand "die er één draagt"...
Een informant.
VERRAAD OP MONTMARTRE
Je moet kiezen. Doodgaan... of liegen?
- Heb jij al gegeten? - Nee.
- Er staat een stoofpotje in de keuken. - Ik heb geen honger.
- Doe je jas uit en eet. - Sommige dagen lukt me niets.
Er zijn er de laatste tijd nogal wat geweest.
- Wat ben je aan het doen? - Ik heb twee kopers.
Één voor stenen en de andere voor platina. Niemand zou het zo aannemen.
Hoeveel denk je dat je ervoor krijgt?
Tussen 15 en 20, maar de kranten lieten uitschijnen 110 miljoen.
Heb je het met Rémy erover gehad?
- Neuilly? - Ja.
Waar wacht je dan nog op?
Je zaagt over geld, maar je hebt toch werk.
Er is een kluis, maar het wordt nacht en de plaats is geïsoleerd.
Je hebt gelijk, het lijkt te makkelijk.
Daar hou ik niet van. Zes jaar geleden had ik ook een makkelijke klus gekregen.
Voor wanneer is het?
- Rémy zegt dat het voor morgen is. - Hij heeft gelijk, hoe eerder hoe beter.
- Heb je het tegen iemand verteld? - Wie denk je dat ik ben?
Zelfs niet tegen Silien?
- Hij is een goede man. - Dat is niet wat ze vertellen in Parijs.
Silien is een vriend en daarmee basta.
Ik hoop het voor jou. Ga je iemand op verkenning sturen?
Thérèse zal controleren of iedereen weg is.
- Gebruikt Rémy een steekvlam? - Nee, met een zuignap.
Als het wordt versterkt, is dat beter. Ga naar bed. Ik zal met Nuttheccio praten.
Komt hij naar hier?
Ja? Waarom? Heb je een probleem met hem?
Niet persoonlijk. Ik denk gewoon dat hij uitschot is.
Ik snap niet waarom je met hem samenwerkt.
Dat is hetzelfde zoals jij en Silien.
Nuttheccio praat met de politie. Dat maakt hem anders dan Silien.
- Snap je het? - Waarom ga je niet eten?
- Komt hij met zijn vriend, Armand? - Ja.
Een mooi paar.
- Wanneer? - Ze zullen hier snel zijn.
Ik ben ermee weg, ik zal een taxi nemen en slapen bij Thérèse.
- Ze zal blij zijn. - Ga je vanwege Nuttheccio?
Ik begrijp hoe je je voelt. De dingen zijn veranderd de laatste 6 maanden.
Je bent weer op het goede pad als je wat geld
krijgt en je kunt gaan met Thérèse. Heb ik het goed?
Als je geen zin hebt om samen te werken met Rémy, laat het dan zo.
Veel mensen geven het op na 4 jaar in de gevangenis.
Zodra ik dit verkoop, zal ik je wat geld geven om naar de Provence te gaan.
Kom dan terug met andere gedachten.
- Zeg eens. - Wat?
- Ik heb morgen je pistool nodig. - Ben je gek?
Je zult het wel begrijpen.
Ik ben niet in staat om tegen iemand te vechten. Ik kan het niet meer.
Dus om Rémy te beschermen, en als het mis gaat,
schiet ik in het plafond, gewoon om ze bang te maken.
Ik wil niet dat je met een pistool weg gaat.
Ik ben het er niet mee eens.
- Je bent geen kind meer. - Waar ligt het?
De bovenste lade, aan de rechterkant. Je kan het licht aandoen.
Het is goed verborgen!
Heb je kogels?
Aan de rechterkant helemaal achteraan liggen 2 laders.
Bedankt. Dat zal me helpen. Maak je geen zorgen.
- Neem wat geld als je het nodig hebt. - Goed.
En vergeet je sigaretten niet, die liggen op de tafel.
We zijn direct terug.
Wat is er aan de hand? Wat is dat voor licht?
Hallo.
- Hoe laat komt hij? - 7 uur.
Weet je zeker dat je niet terug onnozelheden uithaalt?
Ik kan er niet altijd zeker van zijn...
Ik heb er genoeg van om gratis eten en gratis te logeren bij Thérèse.
Ik kan je geld geven.
Jij bent de tweede vandaag. Jullie denken dat ik het niet meer kan.
Ik zei niet dat je het niet meer kan. Ik geef niets voor niets.
- Ik kocht een huis, en binnenkort... - Je hebt een locatiemanager nodig.
Op die manier wordt het minder liefdadig.
Je krijgt werk, wees gerust.
Goed, laten we er over 20 jaar over praten.
Blijf zitten.
- Wie is het? - Het is Jean.
- Waarom ben je gekomen? - Om te zien hoe het met je gaat.
Het kan beter. Ik at gisterenavond slakken.
Ze liggen nogal op mijn maag. Heb je een remedie?
- Heb je de krant gelezen? - Ja, ik heb het gezien.
Gilbert Varnove: slachtoffer van een afrekening?
- Hij kwam er goed vanaf. Wat denk jij? - Niets.
Wie heeft je het adres gegeven?
- Jij, je was dronken. - Hij is het vergeten.
Hij was stomdronken. Rustig aan met de drank.
- Je praat te veel als je gedronken bent. - Wat zou ik dan gezegd hebben?
Wat je tegen Jean zei, dat Arlette werd vermoord.
- Wat heb ik gezegd? - Bijna niets.
Toen Maurice in de gevangenis zat, vermoordde
Gilbert zijn vrouw om haar het zwijgen op te leggen.
Dat is een beetje teveel van het goede. Arlette was geen verlinker.
Wat hem betreft, hij zou zijn handlangers niet verlinken.
Het is mijn stijl niet.
- Nee. - Gilbert was uitschot.
Hij wilde hulp voor Arlette. Ik heb hem sindsdien niet meer gesproken.
Ik weet dat allemaal al, ik was zelf in de woonkamer.
En ik kon alles horen.
Ik ben weg.
Wacht, laten we wat drinken.
Nee, ik wilde even zien hoe het ging met je.
Excuseer me dat ik kwam zonder een uitnodiging.
- Hallo. - Hallo.
- Dit is Silien. - Hallo.
Hallo, meneer Silien.
- Maak een boterham voor me. - Goed.
Zeg eens...
Ik heb maagpijn van die slakken van gisterenavond.
Ik voel me helemaal in de war.
En?
Ik heb heel de namiddag doorgebracht in de auto.
Op één man na, ziet het er leeg uit. Er is een poedel aanwezig die steeds blaft.
- En daarna? - Ik heb meneer Delétang gebeld.
Hij vertelde me dat de schrijver en zijn vrouw in Biarritz verblijven.
Volgens mij verblijft er een vriend van hen, tot ze terug zijn.
- Dus, dat is Silien? - Ja, hij heeft materiaal meegebracht.
- Welk materiaal? - Voor de kluis.
Waarom werk je met hem samen? Hij is niet te vertrouwen.
Waarom heb je het niet aan Jean gevraagd?
Hij had dit soort materiaal niet kunnen krijgen.
We zullen zien.
Silien is in ieder geval een vriend.
En hij zal een vriend blijven totdat het tegendeel is bewezen.
Ik zorg ervoor dat hij Remy niet ontmoet.
Als er dan een probleem zich voordoet, dan is het mijn schuld.
Weet je, ik en vrienden...
Ik moet gaan. Wil je eens kijken in de tas?
Zolang er alles in zit is er geen probleem...
- Heb je schroeven meegebracht? - Acht.
- Dat zijn twee pakken. - De klus zal twee uur duren.
Als de eerste set breekt dan betekent dat vier uur extra boren.
Als de tweede breekt dan moeten jullie zo snel mogelijk vluchten.
- Rémy kent het wel. - Goed, tot later.
Probeer de zuignap terug te brengen. Ze zijn moeilijk te krijgen.
En ze zijn moeilijk te produceren.
Als het werkt, dan zal je er geen spijt van krijgen.
- Tot ziens. - Tot ziens.
Hij is eindelijk vertrokken, uw Silien.
- Je had aardiger kunnen zijn. - Ik zou niet weten waarom.
Met de politie.
Geef me inspecteur Salignari.
Hallo?
- Is Maurice nog aanwezig? - Nee, hij is net vertrokken.
- Stoor ik? - Nee, kom binnen.
- Wil je een whisky? - Ja graag.
- Je houdt van bruin, toch? - Ja, het is mijn lievelingskleur.
- Maurice houdt er ook van. - Wat?
Bruin. Het komt door je ogen. Ik stoor toch niet?
Als je hier 10 minuten eerder was dan had je hem nog kunnen aantreffen.
Je kan niet van één kleur houden als je ze maar één keer hebt gezien.
Je ogen, Maurice heeft geluk.
Wees nu verstandig en geef me het adres waar Maurice vanavond werkt.
Geef me een teken als je wilt spreken.
Mooie dame, wees redelijk. En vooral: schreeuw niet.
Vertel me waar dat hotel is, degene die je deze namiddag hebt bezocht.
En?
86 Boulevard du Général Grenier, in Neuilly.
Ik hoop dat je niet liegt want ik kom direct terug.
Flip, dat is genoeg, kom hier. Kom hier, nu.
Handen omhoog. Beweeg niet, of ik schiet.
- Doe wat we zeggen. - Is dit een overval?
Het is gewoon een verrassingsfeestje. Je zal plezier beleven, kom naar binnen.
Lichten aan en hoofd naar beneden.
Kijk naar de muur en draai je niet om.
- Het begint goed. - Nu naar het spaarvarken.
- Hoezo? - De kluis.
Het geld staat op de bank.
Dat weet ik, we zullen toch even een kijkje nemen.
Bedtijd. Doe maar rustig.
Op je buik.
Als je niet gewond wilt geraken dan moet je ook niet beginnen schreeuwen.
- Hou hem in de gaten. - Oké.
Kan je geen betere job vinden dan dit?
Ja natuurlijk, we willen binnenkort bij de politie aan de slag.
We hebben eerst wat geld nodig.
Genoeg gepraat. Je stoort mijn collega.
De smerigaard.
Rémy?
- Laten we gaan! - Ik ben bezig.
Stop alles, laten we vluchten.
Die klootzak van een Silien. De eerste naar links, snel.
- Geef het me. - Wat?
Het geweer.
Verdorie!
- Wat is er? - Ik ben geraakt.
Ga verder zonder mij.
Geef me dat pistool.
Ga door, vergeet die smerige Silien niet.
Thérèse?
- Hallo dokter. - Hallo, Maurice.
- Is het erg? - Een klein gaatje boven de oksel.
- Ben ik alleen daardoor flauwgevallen? - Maurice, de laatste keer dat ik je zag,
heb ik toen gezegd: de jaren die je in de gevangenis hebt doorgebracht
dat deze niet goed waren voor jou. Ik zei ook dat je ijzertekort had.
Je hebt het verkeerd begrepen. Ik bedoelde spinazie.
No comments yet. Be the first to leave one.