200 baris pertama.
We zijn in Denver. Ik heb hopelijk hoogteziekte
en geen hersenvliesontsteking.
Blijkbaar is het dat niet, maar toch.
Alle tickets zijn uitverkocht.
Fantastisch. Allemaal fans.
Mensen die hier zijn, kunnen een gezonde dosis
eerlijke en agressieve comedy verwachten.
De special heet Bereheet.
Op de achtergrond zijn er palmbomen en sneeuw.
Aan het einde is er een verrassing: mijn hondje Blanche.
Ik heb haar gekocht
zodat ik altijd iemand bij me heb als ik rondreis.
Kom eens hier.
Bedankt. We gaan een special maken.
Dames en heren, applaus voor Iliza Shlesinger.
Bedankt.
Denver.
Ik heb deze stad gekozen.
Het is mijn favoriete stad voor comedy, dus ik doe de special hier. Bedankt.
Ik dacht dat het kouder zou zijn.
Ik zie het weer als iets waarmee je in 't gevlij kunt komen.
Mannen hebben sport. Het is van:
'Heb je dat programma gezien?'
'Echt wel.'
Met meiden gaat het niet om mode, maar om het weer.
'Het was zo heet.
Daarstraks.'
Die andere meid zegt dan: 'Het was zo heet. Ik voelde het.
Ik hou van de hitte, maar niet te. Snap je wat ik bedoel?'
'Ik snap het helemaal. Niet te heet.
Ik hou ook van de kou.'
Ik ook, maar niet te koud. Want dan denk ik: brr.'
Ik praat graag over 't weer.
Het gekke is dat als vrouw, het niet uitmaakt of je eraan gewend bent of niet.
Wij kunnen nooit beslissen wat we als bovenlaag zullen dragen.
Dat laten we aan mannen over.
Schat.
Zal ik een jas aandoen?
Jas? Een korte?
Een lange?
Je kijkt niet.
Een jas, dus. Gaan we naar...
Een jas? Toch? Zal ik een jas aandoen?
Kun je even stoppen met dat spel?
Een jas, dus? Of toch maar niet?
Zal ik vier sjaals omdoen en geen broek?
Dat voelt vreemd.
Een jas, dus?
En haar vriend: 'Neem een jas mee.'
Waarop jij zegt: 'Ik wil geen jas meenemen.'
'Waarom niet?' 'Omdat ik hem dan moet dragen.'
Meiden willen geen jas dragen. Hij is te zwaar.
Een vrouwenlichaam is in staat om een mens te dragen...
negen maanden lang, maar een jasje gevuld met dons is dus te veel gevraagd.
Zal ik een jas meenemen?
Als twintiger neem je nooit een jas mee.
Sommigen van jullie zijn in twintig. Weet je nog, gisteren?
Je neemt nooit een jas mee omdat je onoverwinnelijk bent.
Die heb ik niet nodig.
Dertigers lachen zich rot om twintigers die om 2 uur 's nachts de kou trotseren.
Bibberend.
Ze trekken steeds hun jurkjes omlaag.
Hun schoenen kunnen de druk niet aan.
Mijn jurk wil niet.
Dat is geen jurk, maar een lange kous, Mercy.
Je rationaliseert.
Het is niet zo ver van de auto naar het café.
Als twintiger trotseer je de vrieskou
voor de glorie om geen jas aan te hebben.
Die 2 minuten zijn een makkie.
Niet iedereen redt het. Ik heb er al veel zien sneuvelen.
Je denkt: Waar is Amber?
Amber is bevroren: Ga.
Bestel een cocktail en breng een toost op me uit.
Het ergste is als je je auto nergens kan vinden.
Als je met 'n groep meiden bent moet je aanvaarden dat je je auto nooit vindt.
Je kunt nog zo slim zijn. Iets in het DNA van vrouwen
zorgt dat we vergeten waar de auto geparkeerd staat.
Het komt zelden voor dat een vrouw denkt: Ik sta in 4-F. Goed onthouden.
Ik ben verantwoordelijk voor mijn keuzes.
Er wordt iets uitgeschakeld waardoor we denken: Wat is dit?
Dan worden we wakker bij de Sephora.
Neem een man mee. Iets in hun DNA maakt dat mannen de auto kunnen vinden.
Ze strooien broodkruimels, zoals Hans en Grietje.
Of hebben ze een GPS in hun ballen.
Ik weet het niet.
Misschien vindt hij jouw auto niet.
Hij vindt een auto, waar je in stapt.
Weet je wat? We willen die auto niet zoeken. Te saai.
Als ik hem niet vind, denk ik: Hij is gestolen.
Dat is het eerste wat ik denk.
Soms doen we alsof we gestrest zijn.
Vrouwen hebben jarenlang moeten aanhoren dat ze dom zijn.
We maken daar graag gebruik van.
Ik weet niet waar de auto is. Het spijt me.
Jij bent perfect. En ik weet niet waar de auto is.
Ik weet niet waar hij is.
Ik probeer het toch?
Ik ben gestrest, want ik werk wel tien uur per week.
En ik ben...
Bedankt, agent, we hebben de auto gevonden.
Net als je jas.
Meiden vertrouwen op mannen wat het weer betreft.
Iedereen zal dit herkennen.
Je wordt 's ochtends wakker
naast je man, vriend of een of andere manager die je van Tinder hebt.
Het is acht uur en je vraagt:
'Schat... is het koud buiten?'
En je vriend wil je graag helpen.
Hij zegt: 'Ik weet het niet, want ik ben binnen.'
'Het is frisjes.'
Meiden hebben een hekel aan kou.
Zorg dat je date het niet koud heeft. Dan zijn we niet blij.
'Kom hier, schat. Ik verwarm je wel.'
'Raak me niet aan. Dat wil ik niet.
Vrouwen willen geen seks als ze 't koud hebben.
Ik heb nooit gedacht: Ik heb het zo koud,
had ik nu maar iemand om te neuken.
Dat gebeurt gewoon niet.
We worden niet opgewonden van de kou.
Want dan krijgen onze hersens een seintje:
Tijd voor een winterslaap.
Tijd om een serie te kijken over een vrouw die zich dood eet.
Dat willen we dan.
'Koud.'
Zorg dat je date 't niet koud heeft.
De lichaamstaal voor 'ik heb het koud' en 'ik ben kwaad op je' is hetzelfde.
Maar we houden van koud weer.
Typische vrouwenlogica.
Alles is tegenstrijdig, maar mooi verpakt, met glittertjes.
Het is zoiets als:
Ik doe een strakke broek aan, maar kijk niet naar mijn billen. Zoiets.
Ik heb het zo koud, ik zweet.
Het is bereheet hier. Ik weet niet hoe ik me voel.
Meiden houden van de herfst.
We moeten er verplicht van houden.
Dat klopt. Verplicht.
Toen we ons aanmeldden als meisje...
stond je bij het meisjesloket
en toen ze vroegen: Wat is je lievelings- seizoen? zei je: Herfst, eikel.
Hier is meisjes-kaart en je Uggs. Veel plezier. Ga onzeker zijn.
Ik plan al voor de herfst sinds juli--
twee jaar geleden. We bijten ons erin vast.
Je hoeft ons niet te vertellen wanneer het herfst is.
Dat voelen we.
We gaan er helemaal voor. Zodra het herfst wordt
en er ergens een blad valt, voelen we dat.
We zitten thuis tv te kijken.
Buiten daalt de temperatuur van 30 naar 17.
We komen de grond uit als mollen. We voelen de herfst.
We kijken tv, het wordt herfst en we gaan van...
'Voelde je dat?' 'Ja, het was een briesje.'
'Kaneel, nootmuskaat, kruidnagel, alles met pompoen.
Pompoen.
Eet de pompoenen. Laten we herfstdingen plannen.'
Je sleurt je vriend mee: Kom. We gaan appels plukken.
'Er zijn in LA geen appelboomgaarden.'
'Dan ga ik naar de supermarkt, appels naar kinderen gooien.'
We gaan op Pinterest herfstideeën pinnen.
Bladeren, daar zijn we gek op.
Ieder jaar worden we gek als de bladeren verkleuren.
Heb je de bladeren gezien?
Vorige week waren ze groen en nu zijn ze bruin.
Ze zijn niet bruin, ze zijn dood, malloot.
Ze zijn dood en jij knutselt met hun lijkjes.
Heb je geen respect voor de natuur?
Dat was een levend iets, monster.
Wat doe je met je dode bladeren?
Ik maak er een stapel van, zodat kinderen in de dood kunnen spelen.
'Wat doe je met jouw dode bladeren?' 'Ik maak een krans voor de voordeur
zodat de andere bladeren weten dat er met mij niet te spotten valt.'
'Heb je net een blaadje op?' 'Dat klopt.'
We houden van Pinterest. Meiden zijn gek op Pinterest.
Pinterest. Porno voor blanke vrouwen.
We plannen er graag dingen op.
Veel meiden plannen er hun bruiloft op.
Een van mijn vriendinnen is op Valentijnsdag getrouwd.
Ik grapte:
Dat is super. Wat was het thema?
Ze zei bloedserieus: Liefde,
maar dan onder de sterrenhemel, onder water.
Het is een bruiloft, geen schoolbal.
Weet je wat, Denver? Als ik ga trouwen,
doe ik dat de dag na Valentijnsdag.
En mijn thema wordt dikke korting op chocolade.
Of niet dan?
Want het is mijn dag.
Is iemand hier verloofd?
Reken erop dat je verloofde de bruiloft al gepland heeft.
Toekomstige vakanties, je begrafenis. Het staat op Pinterest.
We doen dit niet als jullie kijken.
Want als jullie wisten hoe we zijn met Pinterest,
dan willen jullie ons niet.
We doet het midden in de nacht. We wachten.
We halen een latte met pumpkin spice.
We loggen in op Pinterest. Pinterest is zoiets als Call of Duty.
Ik heb een headset op en klets met tieners in Michigan.
Ik pin foto's van Channing Tatum.
'Hij is van mij.' Pin pin pin pin pin.
Je belandt in 'n neerwaartse spiraal
No comments yet. Be the first to leave one.