Le prime 200 righe.
DE WETTELOZE STRAAT
Verkeersbord: "Wetteloze straat" - Er is een onbekende wijk in deze stad.
Buitenlanders zijn er al lang niet meer geweest.
Bord: vrijwillige donaties - Het is dezelfde wereld als elders.
Wetshandhavers staan op hun post.
De geheime politie is waakzaam.
De openbare diensten functioneren goed.
Zoals overal, zijn er bedelaars.
En ook muziek... ...voor de geliefden.
Tot morgen.
En toch klopt er iets niet in de straat.
Ben je afgevallen? - Waarom vallen agenten af?
Waarom zijn er geen gevangenen meer?
Een misdadiger kan niet meer worden vervolgd...
...omdat deze gangsters de straten beheersen.
Mama? Mama? Ik kom net van school.
Dag papa. - Goedendag.
Heb je goed gewerkt? - Ja, zie je... - Dan zijn we blij.
Anatole, help me.
Pas op... - Een momentje.
Ik heb medelijden met deze ongelukkige blinde man.
Anatole, geef deze munt aan die blinde man.
Bedankt, kapitein.
Anatole? - Ik ben er, Fifi.
Anatole! - Ja?
Ik ben hier, Fifi. Waar ben je, Fifi?
Onnozelaar, ga brood halen. - Geen oud brood.
Geef me wat geld, Fifi. - Zeg maar dat ik morgen betaal.
Dit is onvoorstelbaar.
En nu, dames en heren, begint de echte sportieve prestatie van onze sportman.
Zal mijn jongste zoon dit spektakel voor u waarmaken? Moedig hem aan.
Begin maar, mijn zoon.
En dat is nog niets. - Fooi.
En nu, dames en heren, de sterke man uit Belleville.
Dat ben ik!
Ik zal het tillen, vasthouden en weer neerzetten...
Het gewicht is geen 100 kg, het is stof, dames en heren, stof.
Maar deze twee gewichten samen. Dank voor jullie gulheid.
Deze atleet kan doorgaan.
Je bent iets kwijt. - Echt waar?
Kijk maar zelf. - Oh ja, bedankt.
Graag gedaan.
Deze twee gewichten zijn verbonden met... Met wat?
Van staal. - Van staal, dames en heren.
Niet van gewoon staal, maar van massief staal.
Alles bij elkaar weegt dit 300 kg. Dat betekent...
...300 en 300 is 600 kilo, dames en heren.
Ondertussen zal deze jongen trompet spelen.
Ik ga mijn trein missen. - Schiet op, schiet op.
Je hebt helemaal gelijk, kleed je goed aan, anders word je nog verkouden.
Dat is geweldig.
Nou, dat is echt goed... - Anatole, wat doe jij hier?
Ik ging brood halen... Kijk eens. Ik heb je niet op kantoor gezien...
Ik was er gisteren toch? Ik had een opleiding.
Welke opleiding? - Rijlessen.
Kun je dat voorstellen, 300 kg. - Plus het gewicht van zijn armen.
Dat klopt, ongelooflijk.
Komt het nog?
Kijk uit!
Kijk jij ook naar dit spektakel? - Nee, Fifi.
Waar blijft mijn brood? Ben je het soms vergeten?
Nee Fifi, toch hier niet. - Ik heb het al meegenomen.
Ik ga nog een opleiding volgen. - Goed, laat mijn man met rust.
Luister Anatole...
Schiet op, ga naar je werk!
Schiet op, geen tijd te verliezen!
Mevrouw Burt, u bent geen klein meisje meer!
Wees eens serieuzer.
Meneer, kom eens hier, dat zal u leren!
Stilte.
Vandaag zullen we het verschil zien tussen een echte en een valse agent.
Wat is er nu weer?
Het spijt me meneer, ik... - Weer te laat...
Klopt. - Ken je de les al? Zeg het maar hardop!
Mevrouw Burt, stop daarmee.
Kom eens hier. - Ja, mijnheer.
En geef je stuur maar aan François.
Jij bent voetganger en jij François bent de bestuurder.
Dus, wat zeg je tegen de voetganger?
Jij smeerlap. - Proficiat.
Ga opzij, maak plaats.
Heel goed François, ga maar terug naar je plek.
En nu allemaal samen, de file-oefening.
We starten, 6, 5, 4 en 3.
Maar nee, dat is het niet.
Een klein ogenblik. En we beginnen opnieuw.
En dat is het ook niet.
Dat ben ik niet. Het is beneden, hij volgt lachlessen.
Maar Fifi...
Ik heb honger. - Dek alvast de tafel.
Je vader keek naar atleten.
Wat wil je ook, Fifi... Ik ben sportief. - Dan heb je mooie benen.
Inderdaad, ik heb mooie benen.
Goeiedag, mijnheer Hippolytus.
Waarom noem je hem geen maestro?
Dat hoeft niet, ik ben erg bescheiden.
Excuses maestro dat we u storen tijdens onze lunch.
Het enige wat voor mij telt is muziek. Wat gaan jullie eten?
Kip met rijst, maestro. Maar omdat ik geen rijst had, heb ik het met erwten gemaakt.
Het is de eerste keer dat ik kip met rijst en erwten eet.
Bovendien is het met aardappelen gemaakt. - Kun je even helpen?
Ik zat zelf bij de scouts, dus ik kan jullie gerust helpen.
Ik heb zelfs muziekles gehad in de keuken.
Anatole. - Ja, Fifi?
Help me mijn schort aan te doen. - Wacht even, Fifi.
Anatole. - Ja?
Waar ben je? - Hier. Wacht even, je beweegt te veel.
Heb je de kip gebakken?
Ja, ik heb vanmorgen de kip in de oven gezet.
Waarschijnlijk is het al klaar.
Pas op!
Kon je die niet pluimen? - Nee, ik heb een gevoelig hart.
Je bent een goeie man. - Ja, absoluut.
Ik heb geen zin in kip met kikkererwten of aardappelen.
Ik zal mijn gerecht klaarmaken: de vol-au-vent Paganini.
Het zal heerlijk smaken.
Een beetje boter...
In de keuken ben je zelfs een muzikant tot in de puntjes, meester.
Ik zoek een pan die mij de "la" geeft.
Je moet op alles voorbereid zijn. - Klopt.
Ik heb een ei nodig. - Anatole, geef hem een ei, nu.
Schiet op. - Jaja, ik maak het al klaar.
Ik ben al onderweg.
Onnozelaar!
Ik hield van die slakom. - Dat ei is veel te hard, kijk maar.
Dit is geen ei, idioot! - Waarom lag hij er dan?
Gaan jullie vechten om een slakom?
Maak je maar geen zorgen, hier.
Leg beter bestek neer. - Ja, Fifi.
Mevrouw, ik heb vlees nodig. - Oscar!
Ja, mama. - Breek dat ei.
Op het ritme: 5, 4, 3, 2, 5, 4, 3, 2...
Ja. 5, 4, 3, 2...
En, en? - Nou, wat?
Er staat geen baard in het recept.
Nou, ik weet het niet, ik heb dat nog nooit gegeten.
Een loopneus, jongen? - Het is gewoon sneeuw.
Ja, onzin.
Oké, genoeg nu, alles werd op het ritme gemaakt, bedankt.
Heb je rode peper? - Ja, hier.
Je vergat ze te openen. - Dat zal wel open gaan door de hitte.
De wijn en de melk.
Houd er rekening mee dat ik een zieke lever heb.
Ik ook. - Dat is niet zo verwonderlijk.
Die artiesten toch. - Ja.
En nu moeten we alles laten sudderen.
We moeten het ook nog opeten. - Hou je bezig met je eigen zaken.
Is dit water uit het fornuis?
Ik ben zout vergeten.
Oh, god. - Dat dacht ik ook.
Misschien kunnen we uit eten gaan?
Excuseer, meneer.
En?
Goedemiddag, chef.
Hier is je eten.
Strike, zoals deze en deze.
Schaakmat.
Dat zal de chef zijn. - Ik ga wel.
Waar kom je vandaan?
Mijn grote loebas. - Opzij, mevrouw.
Mooi schilderijtje. - Ja, dit komt rechtstreeks uit het Louvre.
Hoe was het? - Niets bijzonders.
Een groots uitje voor iets kleins.
Als je alleen het geld van de klanten telt...
...uit het restaurant waren we failliet.
Dat is toch logisch? - Dat klopt toch?
Ik kan het in het restaurant ophangen. - Wat kun je er anders mee doen?
Het schilderij is te antiek. - Jij krijgt zo een tik...
Een beetje sneller dan dat.
François, in de auto.
Wees niet bang risico's te nemen. Veel plezier.
François, begin maar.
Perfect.
Rijd deze mensen maar omver.
Ik kan het niet, het zijn vrienden. - Jammer.
We zullen andere wel tegenkomen.
Is Anatole al klaar met eten? - Nee, hij wil naar het restaurant.
Wat vind je van autorijden, François? - We zullen proberen.
RIJSCHOOL -
Het is hier. - Prima.
Fifi...
Je das.
Na u.
Tot uw dienst, dames en heren.
Ober, waar blijven mijn langoesten? - We zijn ermee bezig.
Ik wacht al lang.
Het is volzet. - Je bent toch een man, doe er iets aan.
Vind een plaats voor ons. Ik sterf van de honger.
Ik zal jullie een plek geven.
Je hebt mijn rekening nog niet gegeven. - Een rekening?
Help me.
Mevrouw.
Dat is tenminste een man.
Maar we hebben geen soep besteld. - Zwijg maar.
Ober?
Er zit een vlieg in mijn soep.
Nee, het is een punaise.
Een sandwich, chef. - Ober, voor ons "Pommar".
Een "Pommar" voor jou, Fifi.
Een "Pommar".
No comments yet. Be the first to leave one.