Two Women

Two Women (La ciociara)

Scarica il sottotitolo Dutch

Informazioni sulla release

La Ciociara
Un commento di FMS2025

Tag

other
Pubblicato il: 2025-04-20
Download: 26
Sottotitoli per non udenti: No

Anteprima dei sottotitoli in Dutch

Le prime 200 righe.

Bommen. Ze bombarderen.

Rosetta.

Ze gaat dood.

Haal water, Arnaldo.

Rosetta, kindje.

Ga je nog water halen?

Hier, mevrouw.

Neem een slokje, kindje.

Het is al over. Doe je ogen open.

Kijk me aan, schatje. Ze zijn weg. Drink maar.

Ze zijn echt weg. Niet meer huilen nu.

Ik neem je mee. Ik sluit de winkel en we vertrekken uit Rome.

Het is voorbij.

Ze zijn weg.

Als man schoot ik ze allemaal neer, de moordenaars.

Mag het luik omhoog? - Trek maar.

Het zit helemaal vast.

Het is voorbij, de hemel zij dank.

Kijk eens wat een rook Dat is bij mij.

Mijn huis. - Wat is er gebeurd?

Een grote brand bij de Tiburtino. Hier is de daklijst ingestort.

Zijne majesteit schenkt de gouverneur van Rome een miljoen lire...

De paus? - Nee, de koning schenkt een miljoen.

Graaf Sforza zei in z'n toespraak, die de italianen in het hart raakte...

...dat heel het volk de zware test moedig heeft doorstaan.

Paus Pius XII stuurde een telegram naar president Roosevelt.

Giovanni?

Je moet me helpen. Ik wil weg met m'n kind.

Ga zitten.

Haar zwakke hart kan het zo begeven.

Waar wil je heen? - Weg uit Rome.

Die etters komen terug. Zelfs de paus respecteren ze niet.

Des te beter.

Dan is de oorlog snel voorbij. - Ben je gek? Metal die doden?

Wat doet Mussolini? - Dat wil ik zien, de idioot.

Hij moet wat zeggen. - Hij voert vrouwen dronken met geklets.

Zonder die bommen ging het best goed.

Er werd goed verdiend. - Logisch.

Ik geef je de sleutels van de winkel. Let je ook af en toe op het huis?

Als je me vertrouwt.

Laten we een inventarisatie maken.

Buonanni koopt alles wat kan bederven.

Jammer dat je weggaat.

Ga jij niet weg?

Ik heb geen cent. - Het duurt toch niet lang?

Vast niet.

Ga naar Covelli en kom over een uur. - Waarom een uur?

Als Rosetta iets overkwam, maakte ik ze af.

Wie maakte je af?

Ik verdoe je tijd.

Je mag me alles vragen.

Dat weet ik. Je was een trouwe vriend van m'n man.

Voor die rotzak steek ik geen vinger uit.

Dan ben je net zo vals als de rest. Jullie waren als broers.

Jij zag hem dag en nacht. En hield je van hem?

Ik was met hem getrouwd.

Met tegenzin. Wat erg.

Daarvoor sliep ik bij de ezel en de kippen.

We aten één keer per dag.

Hij had geld en nam me mee naar Rome. Ik ben met Rome getrouwd.

Hoe kon je zolang met die ouwe samenleven?

Waarom begin je nou over hem?

Ga zitten.

Hij...

...vertelde me alles over jou. - Wat dan?

Alles. - Nee.

We waren gaan vissen.

Hij beschreef je hele lichaam.

Hij pochte. Ik gaf hem bijna een duw.

Zei hij niet dat ik al twee jaar apart sliep?

Met wie sliep je dan?

Wat een onzin. Met een dochter heb je andere dingen aan je hoofd.

Dus...

...heb jij nooit zin?

Dat zijn mijn zaken.

Wat doe je nou?

Dit is een dood uurtje.

Er komt nooit iemand.

Het zal wel, maar dan ken je me niet.

Je bent best gek op me.

Denk aan je vrouw. - Alsjeblieft.

Als er een bom op haar valt...

...trouw ik met jou.

Niet doen, Giovanni.

Hou daarmee op, Giovanni.

Doet het pijn? - Val dood.

Waar doet het pijn? - Hier een beetje.

Zorg dat m'n kind dit nooit te weten komt.

Of ik doe je wat. - Heb je nu al spijt?

Wat mij betreft is er niets gebeurd.

We zijn zoals voorheen. - Ga nu maar. Tot morgen.

Dat mag je nooit doen. Ik ben bezit van niemand.

Ook bedankt voor de fles.

Zet een nieuw slot op de deur.

Dat zei ik al tegen Gaetano. - Mooi zo.

Als er nieuws is, schrijf ik je.

Ik schrijf niet terug, hoor.

Ik heb een bladzij nodig per woord.

Aileen de groeten.

Kom je een keer op zondag? - Dat lijkt me leuk.

Kom zitten.

Wat zingen ze mooi, hé?

Etters.

Op wie bent u boos? - Op iedereen.

Ik niet. Ik ben maar op één persoon boos.

Wat zingen die lui?

Serieuze dingen. - Je wordt er weemoedig van.

Weet u wie weemoedig zijn? Wij Italianen.

M'n arme kind kon niet slapen van de opwinding.

Wat is er? Waar zijn we? - Geen idee.

Ik versta je niet.

Een bom op de rails. - Moet ik naar Napels lopen?

Dit gaat wel vijf uur duren, of langer. - Potverdorie.

Dank de hemel dat de treinen rijden. - Ik dank helemaal niemand.

Dat moet u zelf weten. - Daar is Monte Forcella.

Waar is Sant'Eufemia? - Daarginds.

Mogen we uitstappen? We gaan lopen.

Mogen we uitstappen? - Welja.

Het is een flink eind lopen. Gaat dat? - Ik loop graag.

Reikt u m'n spullen aan? - Ga maar, mevrouw.

De Zak. Waar is de Zak?

Wanneer houdt die oorlog op?

Ik snap er niks van.

Met Kerst is het voorbij.

Nog zes maanden, dat is lang.

Zeg dat tegen die lui.

Doe mij na, Rosetta.

Nee, midden op je hoofd.

En niet zo stijf, losjes lopen.

Ik ben het ook verleerd, verdorie.

Tot ziens.

Die Duitsers zijn niet onaardig. - Nee, mama.

Wat zijn jullie mooi.

M'n zoons kijken hun ogen uit.

Rosario, pak wat brood en kaas voor jou...

...en voor Luigi drie plakjes salami.

Hoe laat vertrekken we morgenochtend?

Hoe laat Kan die mooie mevrouw weg? - Elk moment. De muilezel is gepakt.

Is de prijs akkoord? De kamer is inbegrepen.

U zet me voor het blok.

U mag niet klagen. Ik vraag niet eens een voorschot, in deze tijden.

Ik ken u niet eens, mooie mevrouw. - Wees maar gerust.

Kent u dit?

Lieve hemel, nooit zoveel geld gezien.

Die mevrouw is een bank, Rosario.

Daar is Scimmiozzo.

Wat zoek je, Scimmiozzo?

Dat weet u best. - Wil je brood en wijn?

Ik ben echt slimmer dan u. Waar zijn uw zoons?

In Albanië om te vechten, dat weet iedereen.

Voor de koning en Mussolini. - Kijk jij even.

En wie fietst er dan? Vincenzo?

Die arme man van me heeft geen adem.

Ik rij op die fiets.

Zullen we een wedstrijdje rijden?

Wie zijn dat?

Ze komen uit Rome, ze slapen hier vannacht en dan naar Sant'Eufemia.

Ik geef ze een bed. We zijn christenen.

Uw zoons zijn deserteurs en die worden gefusilleerd.

Goed zo, deserteurs moet je fusilleren.

Vooruit, drink maar snel op. Drink maar.

Hoe gaat het in de hoofdstad, mevrouw?

Er vallen zulke bommen. - Volgende maand zult u wat zien.

We maken er een eind aan. - Hopelijk.

Waarom blijft u niet in Fondi? - Daar is altijd voedsel.

In Sant'Eufemia krijg je zelfs geen meel.

Daar kom ik vandaan.

Op de commandopost kunnen u en het meisje een handje helpen.

Vooral in de keuken. - Ik ben geen dienstmeid.

De militie helpen is een eer.

En zou jij graag willen komen?

Of zit je liever tussen de geiten?

Zou je willen? - Doe dat bij je zus.

Rustig en niet zo'n toon. - Wat nou, niet zo'n toon?

Kijk die ellendeling nou.

Hou je handen thuis. - Het zijn goede fascisten.

Ik laat haar neerschieten. - Niet doen, het zijn vrouwen.

Weg met die steen. - Doe wat hij zegt.

Ik kan je inrekenen. Het is oorlog.

Zeg dat tegen haar. - Ze heeft het begrepen.

Snel, het wordt licht. - Ik heb slaap.

Die lui komen terug, wat ik je brom.

Lieve hemel, kleed je nu aan.

Stom dat ik m'n geld liet zien.

Al die dievensmoelen.

Hiermee komen we overal.

Opschieten, schatje van me.

Jij hebt nooit op een muildier gezeten. - Nooit.

Ik op jouw leeftijd zo vaak. Ik porde ze aan tot rennen.

Hoor eens.

Waar vind ik twee muilezels om naar Sant'Eufemia te gaan?

Niet, de mensen verplaatsen zich niet.

Maar ik betaal er goed voor. Het is te ver voor haar.

Ik ben op weg naar Forcella voor wat olie.

Die zijn weer op weg naar Rome. Tot ziens.

Je bent toch niet bang? - Nee, hier niet.

Die wilde ons vermoorden.

Waarom? - Weet jij het?

Kom, we gaan.

Kom langs hier.

More Dutch subtitles for Two Women

Commenti

No comments yet. Be the first to leave one.

Keep it about this subtitle — sync, quality, typos.500 characters left