Le prime 200 righe.
Morgen.
Er is koffie op 't fornuis.
Vroege vogel, hè?
Wel nu de wereld naar de klote is.
Wil je eens kijken?
Coördinaten van de vermissingen?
Ontvoeringen. Martin zei dat Lisa meegenomen is.
Ik lag wakker toen 't in me opkwam.
Jouw jongen zag de vogelverschrikker van de familie Williams voor Felix verdween.
Dan zag hij vast ook de andere ontvoeringsplekken.
Op de hoek waar Edna Reynolds gezien is, staat een brandkraan.
Daar is een gezicht op getekend. Misschien heeft hij dat gezien.
De schoonheidssalon waar Dolores Kim gezien is.
Met een bord in de vorm van een schaar. Dat kan hij getekend hebben.
Of misschien de coördinaten. Die getallen.
Misschien staan die in de tekeningen, net als bij sheriff Tyson.
Dus ik kijk naar elke tekening, elke regel, elk woord, elk getal.
Er moet iets zijn. - Neem even pauze.
Dat doe ik als ik klaar ben.
Ik klink... - Intens?
Ik wou zeggen: ik klink zoals jij. - Au.
Ik heb nagedacht over hoe dat moet zijn. Over straat lopen terwijl iedereen weg is.
Maar je hield 't vol tot gisteravond, toen er eentje terugkwam.
En nu...
Het gaat je niet om iedereen, hè?
Er is één iemand.
Is dat Billy?
Wat? - Ik ken dit getal.
Dit is een nummerbord. Dat van Ben Shelton.
Zijn neefjes Cal en Chet zijn er met z'n truck vandoor gegaan en verdwenen.
De eerste twee vermissingen.
Sheriff Tyson vond de truck maar niet de jongens.
En toen verdween hij daar ook.
En toen Shelton en zijn vrouw.
Hier.
Spiralen.
Wat als...
ze denken...
en bewegen...
in een spiraal?
Wat is hier in 't midden?
Ben Sheltons boerderij.
Nadat Ben verdween, stond het leeg tot het leger het overnam.
Ze gebruiken het als voorraaddepot voor eten en zo.
En waarschijnlijk nog iets.
Kom mee.
Zoveel soldaten. Verdedigingsformaties. Wat bewaken ze hier?
Echt niet alleen maar eten.
Ze verbergen iets.
Kom mee.
We moeten 't beter zien.
Wat is daar beneden?
Ik zie een piek. - Oké. Het is actief.
Spullen pakken.
Ophaalteam in positie.
We hebben er een. Hijs 'm op.
Sergeant, daar.
Indringers. Twaalf uur.
Shit. Doorlopen. - Wacht.
Shit.
Geen beweging. Handen omhoog. Handen omhoog.
Oké, rustig.
Hé, Casp, wat is dit voor plek?
Ik denk dat ik hier lag. - Weet je dat niet?
Zulke rapporten had m'n moeder nooit. Maar 't is Frans, dus ik weet 't ook niet.
Wat ze ook deden, het heeft ze niet gered.
Alleen jij bent er goed van afgekomen.
Wat is er gebeurd?
Ik weet 't niet. Ik herinner me niet eens dat ik wakker werd.
Deze was van mij.
Maar goed dat je hier niet was toen ze kwamen.
En zij? Waren zij hier?
Wie zijn dat? Wacht. Jij hebt dit getekend, toch?
Kennelijk. Maar ik herinner 't me niet.
Ik weet niet of ik ze ooit gezien heb. - Hoe kun je ze dan tekenen?
Eva, Elkin, Natori... Klinkt dat bekend?
Dat zijn...
Les enfants exceptionnels. Ze zijn er allemaal.
En jij ook, Caspar.
Patiënten op deze afdeling.
Vast niet zomaar patiënten. 'Buitengewone kinderen'?
Kijk dan. Het waren proefkonijnen. - Waarvoor?
Voor wat voor proeven? - Wie weet?
Hij niet.
Dit hoort allemaal bij de WDC.
Het leger, dus. Dus al die kinderen...
en jij... zouden wapens kunnen zijn.
Dat weten we niet. - Wel logisch, toch?
Waarom zaten ze opgesloten als ze niet gevaarlijk waren?
Goede vraag, eigenlijk.
Casp, in mijn dromen zei je dat je een manier zou vinden om ze te verslaan.
Is dat gelukt?
De kinderen. Volgens mij zijn zij de oplossing.
Echt? - Ik kan ze voelen.
En horen.
Zelfs als ik er niet was. Maar ik wist niet dat zij 't waren.
Ik dacht dat jij 't was, Jam.
Maar ze spraken andere talen. En nu nog steeds.
Ze zijn alleen wat stiller.
Alsof ze ver weg zijn.
En roepen.
Ik weet niet waarom we zo zijn.
Zo verbonden.
Maar misschien kunnen we daarmee terugvechten.
Dan gaan we ze zoeken. - Ja, waar zijn ze? Ergens in Parijs?
Verder weg, denk ik. - Sorry.
Caspar zou de oplossing zijn. Nu zijn dat die andere kinderen?
Hij weet niet of hij ze gezien heeft.
Maar gelukkig kan hij ze horen in zijn hoofd.
Ook al is z'n GPS niet reuzebetrouwbaar.
Vinden jullie dit niet getikt klinken?
Monty, doe niet zo... - Nee, Alf.
Ik snap het.
Het is wel gek, maar deze hele reis is gek.
Alle gekte heeft ons hier gebracht.
Bij Caspar.
Als hij zegt dat die kinderen kunnen helpen, zoeken we ze.
We hebben niks te verliezen. - Waar moeten we beginnen?
Hier, misschien.
Er is een lab bij Orléans.
Of ze bouwden er een. Klopt dat, Casp?
Ja, ik denk het wel.
Als ik luister, kunnen we hun stemmen volgen.
Klinkt goed. Ik doe mee. - Ik ook.
Welja. Waarom niet?
Zoals je zei: niks te verliezen. Behalve onze levens dan.
Daar is 't. Camp Pierce.
En? Wat denk je?
We gaan je dochter terughalen.
We komen wel binnen.
Behoorlijk steil, hè?
Als we al voorbij de poort komen.
Aan de barakken te zien zijn er minstens 50 soldaten.
Laten we geen aannames doen. We observeren de basis een dagje.
Informatie verzamelen.
Clark, we zijn al zo lang bezig.
Moet je ons zien.
We waren eerst met 40, en nu met 12.
We zijn Jack kwijt. - Veertien.
Met Luke en mij erbij 14. - Ik heb het over mensen die iets kunnen.
Ik maak je wapen schoon.
Oké. Jullie mogen gerust jullie zorgen uiten.
Nog iemand?
Met alle respect, hoeveel mensen willen we nog kwijtraken om er één terug te krijgen?
Eén?
Ze is niet 'één'. Ze is Sarah. - Je snapt wat ik bedoel.
Namen zijn belangrijk. Anders vergeten we mensen te makkelijk.
Weet je wat ik niet vergeet?
Dat hij ze naar ons toe geleid heeft.
Dat weten we niet. - Hij hoort ze.
Dat gaat geheid beide kanten op. - Nee.
Hij heeft ons gered in de mist.
Hij hield die alien tegen. - Doordat hij het zei.
Wat zegt hij ze nog meer? - Hou op.
Heb je iets te verbergen? - Ik zei: hou op.
Allemaal even rustig aan.
Je hield wel dingen achter.
Dat ene buitenaardse ding?
Jij?
Uitgerekend jij? Serieus?
Oké, prima. Prima. Ga maar.
Ik heb jullie niet nodig. Ik doe het wel alleen.
Je hebt 't mis. Je hebt ze wel nodig.
Zonder hen red je 't niet.
Blijf.
Praat met ze.
Dat heb ik geprobeerd. - Nee, niet als soldaten. Als mensen.
Bange mensen die hun levens wagen.
Laat zien wie je bent.
Als studente liep ik een week lang stage bij een arts op de kankerafdeling.
Ik was erbij toen mensen hoorden dat de dood in hen leefde...
Waar wil je heen? - Heb je haast?
Dat was ik vergeten.
Of ik had het onderdrukt.
Zoals alle andere dingen die ik heb onderdrukt.
Die arts zei iets tegen me aan het eind van die week.
Hij zei: 'De mensen met de grootste kans om te overleven...
zijn degenen die niet alleen voor zichzelf vechten.'
Zoals hun gezin of hun dierbaren. Wat dan ook.
Meer dan alleen overleven.
En dat was ik vergeten.
Totdat ik jullie ontmoette.
Totdat ik jullie zag vechten, en jullie levens zag wagen.
Bereid om te sterven...
voor iets groters.
Jullie zijn dierbaren verloren voor de mijne.
Zulke pijn is...
Maar als jullie willen stoppen, en 't willen onderdrukken, begrijp ik dat.
Geloof me.
Dat deed ik ook voor ik jullie ontmoette.
Jullie allemaal.
Hé. - Ik ben het.
Verkenningshelikopters. Kom.
Hier. Dit komt van die sergeant. - Nou, als ik nog niet voortvluchtig was...
Dit heb je vaker gedaan. - Ik heb van alles gedaan.
We moeten weg. - Nog niet.
Het is hier ergens. - Wat was dat daarstraks?
Dat gat. Dat blauwe licht. Alsof het leefde.
Er zit daar beneden iets. Iets van hen. En het leger wil niet dat je weet wat.
Ik wist wel dat ze ons niet echt beschermen.
No comments yet. Be the first to leave one.