最初の200行です。
Ik weet niet…
Het is nieuw, maar ik bel je wel terug.
Heb je een momentje? Aanvraag voor respijt?
Er is een nieuwe, kortere versie. Ik zal het je laten zien.
Nee, die is hier niet.
We halen hem uit de computer. Het is zo nieuw. Er is minder ruimte…
om redenen te vermelden voor het respijt. Dus minder gemopper…
Ik weet niet hoe het heet. - Het is voor mij ook nieuw.
Hier is het.
Nou…
Nee.
Hier is het. Dit is het.
Ik zal een paar kopieën maken en nu weet je waar je het kunt vinden.
Oké. Heel erg bedankt.
Ga je mee? - Ik weet het niet.
Tijd voor een biertje. Het hoort bij het werk.
Een biertje hoort bij het werk. Ga je mee?
We gaan een biertje drinken. Het hoort erbij. Ga je mee?
Ik moet alleen iets regelen. Ik kom straks.
Beloof je het? Anders krijg je salarisverlaging.
Daar is ze. - Ik werd opgehouden.
Een uur? We dachten dat je dood was.
Waar was je? - Ik ging even wandelen.
Een lange wandeling. - Ze kan doen wat ze wil.
Natuurlijk, zolang ze het maar met mij doet.
Maar heb je alles gevonden? Ben je hier eerder geweest?
Is het niet allemaal nieuw voor je? - Ik denk dat ze zich wel redt.
Je bent een beetje bleek. Is er iets gebeurd?
Nee, ik was gewoon wat gedesoriënteerd.
Alsjeblieft, voor jou. - Bedankt.
Hé, geef eens…
Je moet er wat zout op doen. - Hij gaat er wel uit, toch?
Ja, papa zorgt daar wel voor.
Het gaat er wel uit.
Nee, dit is iets anders.
Je was al vies.
Laat me je handen zien.
Wat heb je gedaan? Gegraven?
Bedankt. - Wat?
Wat is er? - Ik ga naar het toilet.
Mona.
Ga je weg? - Ik ben moe.
Weet je het zeker? - Ja, ik heb rust nodig…
maar zeg tegen de anderen dat…
Maar je bent hier net.
Kun je niet…
Zou je niet…
Hoe zeg je dat… - Niet nu.
Dit klinkt belachelijk, maar ik…
Toen je bij ons kantoor kwam…
Je bent gescheiden, hè?
Wat? - Je vrouw heeft je verlaten.
Hoe wist je dat? - Er is iets met je.
Zoals je kijkt…
Zoals ik kijk? - Naar mij.
Je blik…
Ik moet gaan. - Zal ik je brengen?
Is er iets gebeurd? Vertel het me.
Kan ik je helpen?
Nee.
Weet je dat zeker?
Je moet iemand niet storen die misschien aan het bidden is.
Was je aan het bidden? - Nee.
Wat heb je in godsnaam met mijn auto gedaan?
Ik zag je niet. Je reed zo snel.
Ben je dronken? Heb je gedronken? - Nee.
Wat mankeert je? - Je reed net tegen mijn auto aan.
Wat is je probleem? - Het is maar een deukje.
Het is niets, het is maar een deukje. Hou op. Ben je gestoord?
Jij bent degene die helemaal flipt.
Staar me niet zo aan.
Een andere man werd dood aangetroffen op dezelfde dag dat de politie…
een reconstructie publiceerde van het gezicht van de bajonet-man..
De angst neemt toe en tevens de kritiek op de politie die na vier weken…
nog steeds niet weet wie de moordenaar is…
van de tot nu toe vijf slachtoffers.
Dit soort misdaad is moeilijk op te lossen. Er is geen duidelijk patroon.
Maar de handelwijze is altijd hetzelfde.
We denken dat het dezelfde man is. - Man? Dus het kan geen vrouw zijn?
We denken dat het een man is. - Heeft zo'n tekening enige waarde?
Heeft hij geholpen in eerdere zaken? Lijkt hij überhaupt op iemand?
We zullen deze man pakken. Of vrouw.
ZE HEEFT DE BAJONETMOORDENAAR GEZIEN
'DAT HAD IK KUNNEN ZIJN.'
Hallo. Stoor ik? Ik woon aan de overkant.
We zagen dat je net verhuisd bent. Ik wilde mezelf voorstellen, Eva.
Alsjeblieft. - Dank je wel.
Ik weet hoe het is om te verhuizen.
Heb je eerder in Zweden gewoond? - Nee.
Bel maar aan als je iets nodig hebt.
Je sliep toch niet? Ik hoop dat je niet ziek bent.
Werk je? Is het je vrije dag?
Nou, ik…
Waar kom je vandaan? Kopenhagen? - Nee.
Soms vraag je je af waarom je in de stad woont met je kinderen.
Het is onveilig, bijna eng. We willen graag de stad uit.
Hoe zit het met jou? Woon je alleen? Nou, ik begrijp het…
Een slechte relatie achter je laten.
Nieuwe baan en omgeving, opnieuw beginnen.
Je hoeft het niet uit te leggen.
Je zou je wortels willen lostrekken…
en met een schone lei beginnen.
Ze zeggen dat er gisteravond weer een moord is gepleegd.
Waar? - Hier. Het is krankzinnig.
Ik zag wat er gebeurde.
Wat zei je? - Had ik maar gezien wat er gebeurd is.
Ze zeiden iets over een beloning.
Dat zou geweldig zijn. We kunnen dat geld goed gebruiken.
Dit moet worden gewassen. Zoals ik al zei, je mag altijd aanbellen.
Daar ben je weer.
Frank.
We hebben elkaar gisteren ontmoet.
Je was aan het bidden.
Eigenlijk niet. - Nee, oké.
Woon je in de buurt? - Misschien.
En jij?
Misschien. Sigaret? - Je mag hier niet roken.
Wie zegt dat? - De politie.
O, ja. De politie…
Werk je daar?
In de kerk? - Nee.
Ik dacht dat je misschien een cantor was. - Ik?
Ik kan totaal niet zingen.
Was jij wel aan het bidden?
Ik ben niet…
Ik vind het gewoon een fijne plek.
De ruimte.
De stilte. De akoestiek.
Er is daar nooit iemand.
Niemand ziet je.
Ik heb je gezien.
Kan ik je helpen? - Wat bedoel je?
Ik vraag het me gewoon af. - En waarom is dat?
Het was maar een vraag. - Dezelfde vraag als de vorige keer.
Ik vind het nogal indiscreet. Zie ik eruit als iemand die hulp nodig heeft?
Ja, eigenlijk wel. Je ziet eruit als iemand die op zoek is naar iets.
Staar me niet zo aan. - Jij staart mij aan.
Je hebt een vreemde blik in je ogen.
Jij ook.
Hoe heet je ook alweer?
Frank.
Mona.
Hoi.
Mag ik binnenkomen?
Ik had je niet thuis verwacht. Ik heb meerdere keren gebeld.
Hoe gaat het met je?
Prima.
Waarom kom je niet naar je werk? We beginnen ons zorgen te maken.
Ik heb wat vrije dagen opgenomen.
Dat heb je ons niet verteld.
Je bent toch niet ziek? - Nee.
Wat is er dan aan de hand? - Niets.
Doe ze weer dicht.
Doe ze dicht.
Is er iets gebeurd?
Wat is dat?
Een tekening.
Ik herken hem uit de krant. Wie is hij?
Een moordenaar.
Waarom hangt hij op je koelkast?
Omdat ik hem heb ontmoet.
Heb je hem ontmoet? - Ja.
Waar?
Op straat.
Hoe weet je dat hij het was? - Ik weet het gewoon.
Voelde je het?
Voel jij nooit dingen?
Niet dat soort dingen.
Dus je gelooft niet dat dat kan gebeuren?
Wat voel je nog meer?
Dat…
jij zweethanden hebt.
Helemaal niet.
Mag ik ze aanraken?
Voel je nog meer dingen?
Je wilt met me naar bed.
Je gedrag is nogal vreemd.
Je kunt beter weggaan.
Nou, ik…
Ik wil graag…
Ik hoopte dat we… - Ik ga nu weg.
Hoi, ben jij dat, Frank? - Ja.
Met Mona.
Dingen lijken me gewoon te overkomen.
Is het toeval? - 'Toeval'? Bestaat dat?
Misschien hangt het allemaal samen, al denk je van niet.
Er is iets wat je weet…
maar je ontkent dat je het weet.
Ik vraag me af waarom hij het doet. - Hij weet het zelf waarschijnlijk niet.
Het moet een soort trauma zijn.
Soms geloof ik dat er twee manieren van bestaan zijn.
Of je houdt van mensen…
of niet.
Ze functioneren allebei.
Je lijkt je er bewust van. - Ik?
Je hebt er wel over nagedacht, hè? - En jij?
Vroeger dacht men dat het allerlaatste wat je in het leven zag…
in je ogen zou blijven staan alsof het een foto was.
Daarom keken ze bij een autopsie naar de ogen van slachtoffers.
Men dacht dat het gezicht van de moordenaar op het netvlies gegraveerd werd…
No comments yet. Be the first to leave one.