처음 200줄입니다.
Kunt u de tassen hier neerzetten?
Kun je me even helpen?
Anders nog iets? - Nee, dank je.
Welkom thuis, Miss Kalman. - Ik ben blij dat ik weer hier ben.
Kunt u 't alleen af? Doris en Carl hebben 'n dag vrij.
Ja, hoor. - Prima.
Hallo, Doris en Carl. Wat 'n binnenkomst. Hebben jullie geen vrij?
We dachten dat u een inbreker was.
We hoorden iets. - We wisten niet dat u kwam.
Daarom kwamen we u niet ophalen. - Ik heb 't vanmorgen pas besloten.
Is er iets?
Hebt u 'n goede reis gehad?
Dat is niet gezond. Ik maak iets warms klaar.
Ik hoef niks. Ga jullie werk maar doen.
Er is niks te doen. We wilden iets eten en dan naar de film gaan.
Ga dan maar.
Ik heb lekkere lamskoteletten en erwtjes...
Ga maar naar de film. Morgen weer.
Zal ik u even masseren?
Morgen. - Ik haal wat warme melk voor u.
Nee. Ga nou maar.
Ik blijf hier. Bel maar als u iets nodig hebt.
Ik had niemand verwacht. - Ik ben niet uit de dood herrezen.
Goedenavond, Mrs Munson. - Wat doe je hier?
Waarom ben je niet op Mallorca? - Ik ben hier. Hoe is 't met Alfred?
Goed. Ik zie dat je hier bent, maar je moest op Mallorca zitten.
Mr Munson en ik willen ons verkleden. Haal je onze avondkleding?
Daarna moet je gaan. - Goed dan.
Kun je niet met Doris overweg? - Jawel.
Wat is er? Je wou de hele winter wegblijven...
en je bent na 10 dagen terug. - Ik vond 't niet interessant.
Ligt het probleem misschien niet bij Mallorca?
Het zou kunnen.
Wat is er met die kolonel gebeurd over wie je schreef...
die op 'n Grieks standbeeld leek? - Zo praatte hij ook.
Hij kende maar 'n dozijn woorden.
Whisky, soda, en nog een paar. - Eerst mocht je hem wel.
Ik kende z'n woordenschat nog niet. - Wat verwacht je dan?
Mannen zijn niet altijd interessant.
Ze moeten toch een beetje kunnen praten?
Je zei dat hij knap was en goed kon dansen.
Verder heeft een vrouw niks nodig. Je kunt altijd 'n goed boek lezen.
Lief klein zusje, ga je hersens met zeep spoelen.
Ik ben toevallig wel de oudste.
Ik heb die moederlijke kant van je nog nooit gezien.
Ik heb geen medelijden met je. Je bent mooi, getalenteerd en beroemd.
Een actrice op wie iedereen die je kent jaloers op is.
Dan kent niemand me.
Hoe zit het met David Wilson?
Waarom trouw je niet met hem? - Ik hou niet van hem.
Waarom niet? - Geen idee.
Ik probeer van hem te houden, maar het gaat niet.
Je vindt wel iemand.
Wanneer?
Doe een toneelstuk. Als je werkt, ben je gelukkig.
Daar heb ik geen zin in. - Ga met ons mee.
Je zult je beter voelen in een groep.
Waar gaan jullie heen? - Naar 'n banket.
Ze hebben er interessante sprekers. - Ik herinner me het vorige nog.
De Nederlandse ambassadeur hield 'n rede, in 't Nederlands.
Daarna gaan we ergens anders heen. - Mooi niet.
Anna. Wat een verrassing. - Hallo, Alfred.
Lekkere crème. Die moet jij ook kopen. Je ziet er goed uit.
Hoe is 't op Buitenlandse Zaken? - Moeizaam.
Hoe is 't thuis? - Best.
Kleed je om. Dat zelfmedelijden van je.
Ik heb medelijden met jou. - Ze gaat mee.
Nee, hoor. - Ik zou het leuk vinden.
De Nederlandse ambassadeur. - Die komt vanavond niet.
Of wel? - Nee. Dat was 'n officieel banket.
Dat van vanavond is interessant. - Zie je wel?
Voor landen met harde valuta. Er komt een aantal sprekers om te... spreken.
Over harde valuta?
Geef mij die ambassadeur maar. - Het valt best mee.
Ik ga alleen als ze Nederlands spreken.
Ik blijf bij Anna. Ze doet zo vrolijk. Dan is ze depressief.
Dat is ze niet.
De voordeur stond open.
Hallo, Philip.
Lieverd, dit is Mr Philip Adams. Dit is m'n vrouw.
Aangenaam.
M'n schoonzus, Miss Anna Kalman.
Aangenaam.
Ik ken Miss Kalman wel. Ik heb u vaak op het podium gezien.
Ik bewonder u zeer. - Dat is aardig van u.
Ik ben 's in Liverpool gebleven omdat u zou spelen, maar 't ging niet door.
Het spijt me. - Het was niet erg...
want ik heb er geld door verdiend. - Gelukkig.
Ik had het geld er graag voor over gehad om u te zien spelen.
Zal ik nu voor u spelen? Ik speel alle rollen wel.
Om hoeveel geld ging het?
Philip wilde zich hier omkleden.
Hij komt net uit Parijs. Ik wist niet dat jij er zou zijn.
Geen enkel probleem. - Ik ga wel naar een hotel.
U bent van harte welkom. - Ik wil u niet tot last zijn.
Dat ben ik u verschuldigd voor Liverpool.
Waar verblijft Mrs Adams?
Er is geen Mrs Adams.
Moeten we echt naar dat stomme etentje?
De spreker is vast saai, en ze missen ons niet.
Hem missen ze wel. Hij is de spreker.
Dat overkomt mij nou altijd.
Ik heb een keer een butler ten dans gevraagd. Hij danste erg goed.
U hebt gelijk. De toespraak is saai.
We kunnen daarna ergens anders heen.
Anders wordt 't een saaie avond. - Wat dacht je ervan?
Ik kan niet mee. - Waarom niet?
Omdat ik er niet op gekleed ben. - Zij ook nog niet.
Ik ben nooit op tijd klaar.
Dan komen we wat later. Wij hebben de spreker. Zonder hem beginnen ze niet.
Ze heeft wat aanmoediging nodig.
Ik ben alleen. Met u erbij is er 'n even aantal gasten.
Hoeveel mensen komen er? - Zeshonderd.
Ja. 599 mensen ziet er maar slordig uit.
Ik wilde gewoon een intelligente reden.
Verkleedt u zich daar. Wie 't laatst klaar is, verliest.
Kan ik u helpen? - Whitehall 0011.
Wie is die man in hemelsnaam?
Adem niet zo zwaar. - Is dat zo duidelijk?
Wie is hij? Wat doet hij? Langzaam praten.
Hij is heel intelligent. We willen hem voor de NAVO strikken...
maar het lukt nog niet zo.
Met Mr Munson. We krijgen er 'n tafelgast bij.
Een naamkaartje voor Miss Anna Kalman. Naast Mr Philip Adams.
Vertel 's wat meer over Mr Adams.
Wat wil je weten? - Alles. En dan bedoel ik ook alles.
Ik denk niet dat hij een vriendin heeft. Daar doel je toch op?
Ik doel nergens op, ik vraag 't je. Hoe weet je dat?
Als we samen dineren, komt hij alleen.
Jij ook. Dat bewijst niks. - Dat klopt.
Ik weet niet wat hij na het eten doet.
Volgende keer volg ik hem. - Hij heeft zeker geen geld?
We geven dit banket om over geld te praten.
Hij is de spreker. Hij heeft vast wel wat.
Dan is hij vast ziek of zo. - Nee, hoor.
Hij heeft de squashkampioen verslagen. Dan moet je fit zijn.
Er moet iets mis met hem zijn. Anders was hij wel getrouwd.
We willen hem bij de NAVO hebben.
Mannen als hij vind je niet vaak voor overheidsbanen.
De overheid interesseert me niet.
Daarom hebben we met een klein dilemma te maken.
Enerzijds hebben we de inflatie, en anderzijds opgenomen kredieten.
Maar zelfs dat is geen reden tot paniek...
omdat we tegelijkertijd kopers en verbruikers zijn.
Daarom moeten we de ratio van bevroren valuta...
overeen laten komen met de toezeggingen van de NAVO-landen.
Hij is al net zo erg als de ambassadeur. Ik begrijp er niks van.
De tarieven zijn dan niet meer afhankelijk van interne devaluaties.
En kan ik niet vaak genoeg zeggen...
dat de valuta's dan niet afhankelijk zijn van elkaar...
voor hun stabiliteit. In mijn ogen is dat eerlijker.
Miss Kalman, fijn dat u er weer bent.
Hallo Oscar. Ik vind 't ook fijn. - Wat is het al laat.
Hebben we nog tijd voor 'n drankje? - Jawel.
We hebben er helaas geen tijd voor.
Ik moet vroeg op en Philip heeft 'n bespreking met het Franse kabinet.
Hij overnacht op de boottrein.
Ik zet je wel af bij het station. - Ik neem wel 'n taxi.
Het duurt maar 'n paar minuten.
We pakken onze tassen even.
Wil je je hier omkleden? - Dat doe ik wel in de trein.
Vreselijk, hè? - Wat?
Hou op met je spelletjes. Ik weet dat je hem leuk vindt.
Hij is 'n goede redenaar.
Hij is wel interessant.
Ik ben al zo lang getrouwd, maar nog nooit... Ik moet je iets opbiechten.
Ik dacht dat hij onder het eten z'n knie tegen me aandrukte.
Het was de tafelpoot. Jammer genoeg.
Je bluft.
We gaan maar eens.
Welterusten. Het was erg gezellig.
Ik heb er erg van genoten. - Ik vond uw toespraak erg goed.
Ik ben dol op harde valuta.
Je zult in het station een uur moeten wachten.
Zo ongeveer. - Nee, toch?
Wilt u echt zolang in het station gaan zitten?
Ik heb genoeg te lezen.
Geen sprake van.
Kun je de deur niet open laten?
Natuurlijk. Dan kunt u hier lezen.
Dan hou ik u wakker. - Ik heb geen slaap.
Alfred, het wordt laat. - Ik zet je niet verder onder druk.
We willen graag dat je de baan neemt.
Wat je ook besluit, de minister is je dankbaar voor al je werk tot nu toe.
Ik ben gevleid. Het is een hele eer.
Welterusten.
Welterusten, Margaret. - Alfred.
Ze zijn iets vergeten.
Wilt u uw jas uitdoen?
Wilt u iets drinken? - Een borrel.
Ik drink zelden na het eten. - Wat wilt u?
Whisky en soda graag.
Drinkt u ook iets? - Ik niet, maar drinkt u er maar een.
Ik zie graag mannen met 'n glas in hun hand.
Dan hou ik het graag vast. - U moet er ook af en toe van drinken.
Dat hoort erbij.
Geweldig dat de minister...
u een baan aanbiedt die u niet wilt. Mag u erover praten?
Zo belangrijk is het niet.
Ik heb onderzoek gedaan voor de NAVO, en ze willen dat ik blijf.
No comments yet. Be the first to leave one.