De eerste 200 regels.
- Elf. - Elf.
Twaalf.
Dertien.
Wie zijn dat?
Vreemde figuren.
Twee zijn er uit het bos gekomen.
Het lijken wel spoken.
Tweede deel
GEVECHT VAN PLAATSELIJKE BETEKENIS
16, kameraad onderofficier.
Ik zie het.
Ga naar Osianina, ze moet de soldaten naar de reserveposities brengen.
Stuur Brietsjkina naar mij toe.
Kruipend, kameraad tolk. Nu zullen we kruipend door 't leven gaan.
Kameraad onderofficier.
Wat vrolijker, Brietsjkina.
— Kun je je de weg terug goed herinneren? - Ja.
— Het belangrijkste is het moeras. — Dat weet ik wel.
Wacht, Jelizavjeta, je moet je niet haasten.
De doorwaadbare plek is smal, je moet links aanhouden, ga nooit naar rechts.
— Ik kom er wel doorheen. — Rust uit als je op het eilandje bent.
En rapporteer aan Kirjanova, dat de toestand veranderd is.
Op eigen kracht kunnen we 't niet aan.
Laat alles achter, ga zonder spullen.
Vergeet geen lange stok mee te nemen als je het moeras ingaat.
— Ga nou maar, Jelizavjeta! — Moet ik m'n patronen ook achterlaten?
't Is goed, dat we erdoorheen gekomen zijn.
't Staat er slecht voor, meiden… Beroerd.
Ze zijn dus met zestien man…
En ze zullen hier over 'n uur of drie zijn, moet je rekenen.
Brietsjkina heb ik teruggestuurd naar de staf.
Op hulp kunnen we alleen tegen de avond rekenen.
Als we de strijd aangaan, houden wij dat niet vol.
Op geen enkele positie houden we 't vol, omdat zij zestien machinegeweren hebben.
Moeten we dan kijken, hoe ze ons voorbij zullen lopen?
Ze mogen hier niet over de zandwal komen We moeten ze van hun route afbrengen.
We moeten ze 'n omweg laten maken, rondom 't Legontov-meer. Maar hoe?
Nee, de Duitsers zijn hier niet naartoe gekomen om te gaan vechten.
Ze gaan voorzichtig, door afgelegen terrein, zodat de vijand hun niet opmerkt.
Om stil en ongemerkt door te kunnen dringen tot hun doel.
Misschien is het nodig dat ze ons te zien krijgen,
en dat wij hun zogenaamd niet hebben gezien?
Dan gaan ze misschien weg en trekken ze rondom het Legontov-meer...
En eromheen trekken kost ze een etmaal.
En wie laat ik ze dan zien? Mezelf en ons vieren?
Hun verkenning zal ontdekken, dat we met ons vijven zijn.
Ze omsingelen ons en zonder één schot rijgen ze ons vijven aan hun messen.
Toe maar, Rita!
Kameraad onderofficier, en als ze nou 'ns houthakkers tegen zouden komen?
Wat voor houthakkers, waar? De bossen zijn leeg, het is tenslotte oorlog.
Daarom zijn er nu vrouwen die houthakken.
Dat klopt, meiden! Heel slim bedacht.
Wij zorgen voor een voorstelling, en daar weet ik wel een goed plekje voor.
Wat sneller, we hebben weinig tijd.
Onze meiden komen eraan!
— Wacht, ik draag het wel. — Wat doet u nou, dat hoeft toch niet?
Jij bent nog niet helemaal gezond.
Ze komen, kameraad onderofficier.
— Koud water. — Haal je benedenzoom op.
Ons groepje valt niet onder 't reglement.
Militaire uitdrukkingen vergeten we nu even. Zij hebben tenslotte ook tolken.
Wat dacht u van 'n klein..
Trek gekregen in een mixtuur?
Niet rennen waar 't vochtig is. Meiden, vlug 'n beetje!
We moeten nog een voorstelling organiseren.
Dat hebben jullie slim bedacht, dat met Liza's hoofddoek.
— Jammer, we hebben 'm gescheurd. — We geven haar wel een nieuwe.
Het ondergoed komt van pas.
Als zij maar kan pronken!
Verstop je voorlopig, jij blijft bij mij. Meiden, 't is tijd om te beginnen.
Laat de kampvuren flink roken, maak lawaai als je met stokken takken afhakt.
Laten jullie je alleen niet zien.
Flits even voorbij, laat je even zien, dat is goed, maar niet te veel..
— Praskovja! — Wat?
— Pak de bijl! — Heb ik al!
Help me!
Doe ik al! Nog een keer, en nog een keer! Laat me je helpen!
Het wil niet branden, te vochtig, waarschijnlijk.
Maar bij mij brandt het wel goed!
Nog 'n keer! Pak vast! Hij wil niet!
Nog 'n keer! Oh, nog eens!
— Pas op! — Hij komt!
Takken afhakken, vlug!
Praskovja, kom met me mee!
Masja, heb je de aardappels geschild?
Ja, allemaal! Mijn handen vallen er bijna af!
Pas op!
Meiden, kom helpen!
Daar gaat-ie!
De rayon-staf heeft gebeld, ze zullen karren sturen.
Gaan we gauw eten?
Als de aardappels gaar zijn, ga je eten!
Meiden.
Wees op jullie hoede, alsjeblieft.
Flits door de bomen heen, niet door de struiken.
Deze boom moeten jullie zelf omverhalen.
Komelkova, kom met mij mee.
Houd vast, Galka.
Anjoeta, geef de bijl 'ns!
Zoek je eigen bijl maar. Deze bijl is van mij, ik heb 'm nog nodig!
Meiden, breng takken hiernaartoe!
Meiden, kom eens helpen!
Zijn ze misschien weggegaan?
Joost mag het weten, misschien zijn ze inderdaad weggegaan.
Dat zijn ook ervaren jongens, op zo'n missie sturen ze niet de eersten de besten.
— Sjoera, help 'ns. — Wacht nou even...
Wacht!
Ik zie '.
Trekken, trek dan! Neergehaald!
Goed geraden.
Verkenners.
Dus hebben ze toch besloten een kijkje te komen nemen.
Zo meteen steken ze over, en is alles mislukt.
Als ze begrijpen, dat ze ontdekt zijn,
tellen ze met hoeveel we zijn en dan is het gedaan met ons.
Zo...
Die twee vang ik wel.
En terwijl ze met hun machinegeweren op me zullen schieten,
kunnen jullie je waarschijnlijk uit de voeten maken en je verstoppen.
Ga, Komelkova, ga naar de anderen. Ik geef u dekking.
Raja!
Vera! Laten we gaan zwemmen!
Halt! Terug!
Appelbomen en perenbomen kwamen tot bloei,
Flarden mist zweefden boven de rivier.
Katjoesja ging naar de oever,
Naar de hoge, steile oever.
Katjoesja ging naar de oever,
Naar de hoge, steile oever.
Ze ging naar buiten, begon een lied te zingen...
Over een blauwgrijze steppenadelaar, Over …
Wanjoesja, waar ben je?
Meiden, laten we gaan zwemmen!
— Zo meteen, Zjenja! — We komen eraan!
Wacht op ons!
Waar gaat dan heen? En wie zal werken? Ik zal jullie leren te gaan zwemmen!
Het werk is geen wolf, hij rent niet weg naar het bos!
Hij kan wel even wachten!
Zeg, pas op!
Zjenjka, daar zijn scherpe stenen!
Ik zal jullie leren te luiwammesen!
Jullie gaan maar zwemmen na het werk!
Ga naar mijn positie. Geef dekking.
Gaan jullie 'ns even snel takken afhakken!
Wanjoesja, waar ben je nou?
Zjenj, het water is waarschijnlijk koud, hè?
Waar koel je ergens af?
Als jullie niet willen, hoeft het niet!
Ik ga eruit!
Nou, meiden, gaan we zwemmen?
Ik kom, ik kom!
De rayon-staf heeft gebeld, er komen zo auto's aan, dus kleed je aan.
Wat doe je nou?
Wegwezen hier, Komelkova!
Ben je bang om te zwemmen, Wanjoesja?
Wanja!
Ik kan niet meer. Ik ga zo schieten.
Dat mag niet, Sonja.
Wat doe je? Ik zou je..
Ivan Ivanovitsj, de karren zijn gekomen! Ze wachten op u, snel!
Hou op met vuur te spelen!
Kleed je aan.
Verwarm haar.
Rustig, rustig maar.
Ze gaan weg, Zjenja, ze gaan weg.
Ze hebben ze mooi voor de gek gehouden!
Nou, Jevgenija, je hebt me goed gewassen.
— Dat deed ze niet expres. — Wat?
Niet expres.
Oh, ik heb een gat in m'n rok gebrand! Meiden, moet je 'ns kijken!
Niks aan de hand, we geven je wel 'n nieuwe. Nou, zo kan-ie wel.
Nu hebben jullie mooi rondom het meer geleid, ze kunnen niet anders meer.
Als ze natuurlijk daar op tijd aan komt rennen.
Dat doet ze wel, ze rent snel.
Nou, meiden, zullen we er eentje nemen op ons succes?
Laten we drinken op haar snelle beentjes.
Op jullie slimme koppies.
Het ergste is achter de rug.
Zodra we terug zijn, zal ik jullie allemaal voordragen voor een onderscheiding.
En Zjenjka voor een orde.
Prima, ik ben helemaal voor.
Maar voorlopig wil ik jullie bedanken voor jullie dienst.
We dienen de Sovjet Unie!
Ruik je dat?
De cultuur heeft de Duitser verraden. Ze hebben trek in koffie gekregen.
Waarom denkt u dat?
't Ruikt naar kampvuur, dus zijn ze gaan ontbijten.
Maar of ze alle zestien zijn gaan ontbijten?
We zullen ze moeten tellen, Margarita.
Als ze gaan schieten,
moet je iedereen meenemen en naar het oosten gaan, tot aan het kanaal.
Daar bericht je dan over de Duitsers, maar ik denk,
dat Lizavjeta het wel redt om naar onze mensen te komen.
— Is het bevel duidelijk? — Nee. En u dan?
Osianina, dat moet je niet vragen. We plukken hier geen paddenstoelen en bessen.
— Wat moet ik dan antwoorden? — Duidelijk, moet je antwoorden.
Later zullen we samen gaan zingen, Lizavjeta.
Zodra het bevel hebben uitgevoerd zullen we gaan zingen.
Help! Help!
Zjenja, was je bang?
No comments yet. Be the first to leave one.