Pierwsze 200 wierszy.
DE WEG NAAR VERSAILLES
PARIJS TIJDENS DE REGERING VAN LODEWIJK XIV
Nadat Jeoffrey de Peyrac werd verbrand voor hekserij,
wordt Angélique achtervolgd door politie en haar aartsvijand
de broer van de koning.
Ze schuilt bij de Geuzen.
Hun chef, Calembredaine,
is niemand anders dan haar jeugdvriend Nicolas.
Heb meelij, niet de brandstapel!
Het is maar eventjes vervelend.
Het hellevuur betekent voor ons niets, vlammen wel.
Ik heb niets gedaan!
Door jou stierf Peyrac.
Door jouw leugens werd hij verbrand.
God hebbe zijn ziel.
En jouw ziel ook, als God die wil hebben.
Peyrac was een heks.
De politie zoekt zijn vrouw, ook door jou.
Dat is erg veel voor één man.
De koning hoort het en hangt jullie op.
Misschien wel, maar nu gaat het om jou.
Wij verklaren je ter dood.
Wil je nog iets zeggen?
Daarboven kun je moeilijk liegen.
Hij is de pijp uit.
- Is hij dood? - Hij was doodsbang!
We hebben niet eens lol gehad.
Op de dood van Conan Becher.
En alle andere verraders!
Op alle bangeschijters en lafbekken!
Nee, ik heb niets gedaan!
Op de koning.
Is het niet de beurt van de koning na die monnik?
Waarom doden we nu de koning niet?
De Markiezin zal het bevel gauw geven.
- Hou je mond, jaloerse. - Je bent bezopen!
Zeg OP!
Meneer Calembredaine, u bent de allermachtigste.
Zelfs de bende van de Egyptenaar
siddert van angst als ze je zien.
Als de Geuzenkoning sterft, blijf jij als enige ieider over.
Tenzij je natuurlijk binnenkort wordt opgehangen.
Zoals wij allemaal, aan de galg van Montfaucon.
Ga verder.
Want sinds zij er is, halen wij alleen nog maar stommiteiten uit.
We eindigen allemaal aan een koord in Montfaucon,
allemaal, als engelen voor de mooie Markiezin.
Jij gaat nu water putten,
je brengt het naar het bad van de Markiezin,
en verwarmt het tot de door haar gewenste temperatuur. Snell
Je ruikt lekker naar het bos.
Laat me met rust.
Maar vandaag is een feestdag.
Ik ben bang.
Voor die monnik? Het kostte ons maanden om hem op te sporen,
maar we namen wraak.
Men viert een mans dood niet met wijn.
De dood van een vijand wel! En met liederen.
Nee, zoiets is te ernstig.
Bevallen onze manieren de Markiezin niet meer?
Je vergist je.
Ik feest mee als alle vijanden dood zijn.
- Wat? Al je vijanden? - Ja, allemaal.
- Zelfs de broer van de koning? - Nou en of.
Je bent gek! Door jou komen wij nog aan de galg.
De Kleffe had gelijk.
Ga dan naar haar toe.
Ik geef echt niks om mijn leven, ze mogen mij ophangen,
maar jou niet.
Ik ga door tot het bittere einde.
Verander je nooit?
Nooit! Ik blijf zoals ik vroeger was.
Vroeger was je levendig en vrolijk. Ik was verliefd.
En nu?
Ik ben nog steeds verliefd.
Nou, hier ben ik dan.
Je bent hier slechts voor één ding: wraak.
Daarna verlaat me je voor je wereldje.
Ik weiger dat, Angélique.
Ik houd van je en zolang ik leef, blijf je bij me.
Nee, alsjeblieft.
Ik haat je.
Ik haat je.
Ik haat mezelf.
Ja hoor. Ik heb genoeg liefde voor ons beiden.
Laat me nu met rust.
Heb meelij, mevrouw. Ik moet twee weduwes onderhouden.
Dit ziet u nergens anders!
Rijkdom en gezondheid voor maar 2 stuivers!
Knijpkoekjes! Wie wil er knijpkoekjes?
Heb meelij met 'n arme soldaat.
Markiezin, een puntzak knijpkoekjes om te vergeten?
Om alles te vergeten en even te glimlachen?
De zwakke plek van dit mooie stijfkopje: gek op zoet!
Weten jullie dat hij betaald heeft voor die koekjes!
Normaliter pak je zonder betalen.
Inderdaad zijn we vandaag rijk, hé Flippo?
Althans, binnenkort...
Inderdaad, knul. Vandaag doe jij examen.
Toe dan, knul! Alle examinators kijken toe. Succes, Flippo!
Wat gemeen! Hij wordt nog gepakt.
Als hij gepakt wordt, heeft ie geen aanleg,
en past ie niet bij ons.
Houd de dief!
Onze beurt.
Is het je gelukt?
Het is hem gelukt.
Goed zo, Flippo. Je bent cum laude geslaagd.
Goede buit, goede zuip! We drinken een fles leeg.
- Eén enkele fles? - Een hele kelder!
Word je weer chagrijnig?
Zodra ik mijn vijanden zie. Daar heb je Brinvilliers.
De luitenantsdochter?
Ze was tegen Jeoffrey. Ik wil haar een lesje leren. Besteel haar.
Nee, niet hier op klaarlichte dag. Vanavond.
Ben je soms bang?
Loop om, jongens. We vallen dat rijtuig op de hoek aan.
Hij is niet wijs!
Kom mee.
Jij blijft hier.
Ik wil het zien. Ontneem me dat plezier niet.
Wat is dit? Wat wilt u van me?
- Stil, kreng! - De man met de hond!
Laat me los!
Warte! Stop ermee.
Hij doet je niks.
- En jij? - Ik loop geen enkel gevaar.
Kom mee, Sorbonne.
Beste Gerhard, dit is voor Barbe, zoals gewoonlijk.
Doe geen moeite, ze werden verbannen.
Fallot en z'n familie werden opgepakt.
- En mijn kinderen dan? - Ook.
- Waar zijn ze? - Geen idee.
Fallot werd verjaagd wegens een fout.
Hij stemde verkeerd op een hekserijproces of zo.
En Barbe dan?
Zij werkt in een herberg,
maar die De Stappende Haan-herbergen
vind je overal.
Kom op, leg 't ons uit!
- Ik zweer 't jullie! - Zeg op!
Waar is Calembredaine?
En de sieraden van Brinvilliers?
Hij is boven en wacht op je.
Waar was je?
Mijn zonen zijn verdwenen.
En Barbe ook, het meisje dat op ze paste.
Wij verdwijnen maar op één manier: aan de galg.
Maar die lui verdwenen niet zo!
Vrees niet, mijn jongens vinden ze wel terug.
Rodogone de Egyptenaar!
Wat is daarmee?
Hij is hier beneden.
Wat kom jij hier doen? Me provoceren?
Ik kom als vriend.
Met een boodschap van de baas.
- Van de Geuzenkoning? - Ja.
Het zou jammer zijn,
héél jammer als al deze mooie knapen hier
op Place de Gréve zouden branden,
omdat meneer de wetten negeert.
Wees duidelijk!
Vraag dan maar aan je dwerg
hoe hij is ontsnapt aan de hond van die agent.
De Markiezin heeft mijn leven gered.
Ze kan die hond laten ophouden.
- Ik leg het je uit. - Dit gaat slechts mannen aan.
Nou, Calembredaine? Wat zal ik de Geuzenkoning zeggen?
Rustig zeg. Ik ben op missie.
Overleef ik dit niet, dan weet je wat er gebeurt.
Het is makkelijk,
want makker, we maken geen ruzie om een grietje.
Zij gaat naar onze leider toe,
en omdat ze knap is, kan ze hem vast overtuigen.
Zijn dat de orders?
Ja, inderdaad. Kom, ik breng je erheen.
Geen enkele beweging, begrepen! En geen wapens!
Eén enkel schot en de Geuzenkoning veroordeelt je ter dood.
Met de blote hand dan? Wil je dat wel?
Laat hem los!
Je bent niet wijs, laat hem los!
Laat hem los!
Nu dat deze smeerlap weg is, Markiezin, legt u 't ons uit?
Verraders brengen we om.
Wij moeten niks van verraders hebben.
Ja, ik ken de man met de hond, maar jullie ook.
Hij was de advocaat van mijn man, die jullie wilden redden.
Een detail: hij verkocht zijn toga voor een politie-uniform.
Hij en z'n hond zijn onze aartsvijanden.
Zou ik Barcarolle redden als ik bij de politie was?
Jouw soort mensen doet aan liefdadigheid.
Och, geef me 'n aalmoes, alstublieft.
Genoeg zo!
Dankzij haar, doodde ik Rodogone niet,
woedt er geen oorlog tussen onze twee bendes, zoals de politie wil.
Dankzij haar, komt er geen slachtpartij.
Altijd die mooie woorden. Dat werkt niet meer!
Ik geef geen hout om die hond, woef!
Jij redde het leven van een kleine boef!
- Maar wat is er dan? - Verrassing!
No comments yet. Be the first to leave one.