لومړۍ 200 کرښې.
Bravo, Raoul.
Kom hier, Kiki.
Zag je dat?
Hij is fantastisch. Vind je niet? - Ik heb er geen verstand van.
Jeanne Tournier wist niets van polo. Ze ging alleen met Maggy mee.
Ze waren jeugdvriendinnen en opgegroeid in de provincie.
Maggy was getrouwd en leidde een schitterend leven in Parijs.
Jeanne was in Dijon gebleven...
...en getrouwd met Henri Tournier, eigenaar van de lokale krant.
Henri hield van zijn vrouw, maar wijdde zich vooral aan z'n krant.
Zo verstreek een aantal jaren.
Aangemoedigd door haar man...
...bezocht ze sinds kort twee keer per maand haar vriendin Maggy in Parijs.
Ze maakte plezier, ontmoette mensen en kreeg geruststellende complimenten.
Bij Maggy had ze Raoul Flores ontmoet.
Hij heeft nog nooit zo goed gespeeld.
Hij is onverslaanbaar. Bravo, Raoul.
Je was fantastisch, Raoul. - Hier.
Wat zie je er mooi uit. Hoe doe je dat toch?
Heb je je niet te veel verveeld? - Absoluut niet.
We hadden bijna door jou verloren. - Hoezo?
Ik was afgeleid en dacht alleen aan jou.
Hou je nog een beetje van me? - Ja, ik hou van u.
U? - Ik ben het niet gewend om te tutoyeren.
Ik ga me omkleden. Ik ben over vijf minuten terug.
Kijk me eens aan.
De liefde staat je goed. Je bent onherkenbaar.
De liefde staat je goed. Je bent onherkenbaar.
Dag, madame. - Goedenavond, Coudray.
Alles goed? - Alles in orde.
Ik ben doodop. - Dan moet u gaan rusten.
Catherine. - Mama.
Lieverd. Niet zo snel. Straks val je nog.
Hallo, lieverd. Ben je lief geweest?
Dag, Marthe. - Goedenavond, madame.
Hebt u een ander kapsel? - Nee, hoor.
Jawel, je haar zit net als bij m'n pop. - Die heks? Nou dank je wel.
Waar is papa? - Hoor je hem niet?
Ik kom je zo welterusten zeggen, hè?
Goedenavond. - Dag, lieverd.
Wat ben je hartelijk.
Hartelijk? Ik ben altijd zo.
Stoor ik je?
Ik stoor je altijd, hè?
'Altijd' is een woord voor vrouwen. Heb je je geamuseerd in Parijs?
'Je amuseren' is iets voor mannen. - In plaats van grappig zijn...
Ten eerste ben ik niet grappig en ten tweede kan ik niet anders.
Jawel, kijk hoe het met het eten staat.
Ik ga al. Ik verkleed me snel en ben binnen twee seconden terug.
'Snel' en 'binnen twee seconden' typisch Maggy-taal.
En?
Je weet niet hoe belangrijk haardracht in Parijs is.
Het doet er niet toe of je haar netjes gekamd is, als het maar stijl heeft.
Je herkent iemand aan z'n kapsel. - Wie?
Iedereen: Amerikaanse vrouwen, Zweedse, Parisiennes, provinciaalse...
Daar zit een kern van waarheid in.
Maggy weet er alles van. Als je geen schoonheid bent, moet je stijl hebben.
Jij hebt toch geen stijl nodig? Je hebt een man.
Die nauwelijks naar me kijkt.
Als dat zo is, voor wie heb jij dan stijl nodig?
Voor niemand.
Voor mezelf. Om modieus te zijn.
Dat is mijn goed recht.
En Maggy? Is ze nog altijd zo onrustig, idioot en druk?
Maak haar maar belachelijk.
Ik bespot haar niet. Ik constateer alleen.
Voor mij is alles aan Maggy nep: haar hele Parijse leventje.
Zelfs haar hond. - Wat kun jij gemeen zijn.
Nee hoor. Ik ben gek op haar.
Gisteren gebruikte ik zelfs nog een foto van haar in de vrouwenrubriek.
Polo. Madame Marguerite Thiébaut-Leroy overhandigd de Carven trofee...
...aan Raoul Flores, aanvoerder van het team...
Dat is het, ja.
Ik weet er alles van. Ik heb alles gevolgd.
Interesseert polo je tegenwoordig?
Een mooie man.
Hij is vooral erg aardig. Zeer intelligent.
Je zou hem wel mogen. En...
Dit is voor jou.
Ik heb Coudray nauwelijks gesproken.
Geen nieuws? Geen problemen? Gaat het goed met de tuin?
Dat zou je weten als je niet zo je best deed om de boel hier te negeren.
Ik neem 'm wel.
Met mij, ja.
Nu? Nee.
Ik neem zelf de beslissing. Ik regel het wel.
Goed. Tot zo, Hélène.
Ik moet naar de krant. De plicht roept.
Kan ik iets voor je doen?
Je ziet er verdrietig uit. - Ik ben het niet.
Waarom ben je niet verdrietig?
'Je bent onherkenbaar,' had Maggy gezegd.
Henri is niets opgevallen.
Meneer verwend Catherine te veel. Ze wordt hooghartig.
Meneer vindt dat wel grappig. - Die niet. Die moet gemaakt worden.
Het is niet goed voor haar.
Als ze mag doen wat ze zelf wil, krijgt u later problemen met haar.
Door haar grilligheid raakte Jeanne overmand door jaloezie.
Gaat madame uit?
Goedenavond, Marcelot. Ik wil mijn man spreken.
Hij is bij de opmaaktafel. Ik zal hem waarschuwen.
Wacht, ik ga met u mee.
Ik ben Hélène Cavalier. De secretaresse van monsieur Tournier.
Marcelot zei dat u er was. Er is toch niets ernstigs gebeurd?
Waarom denkt u dat?
Sorry, maar ik zie u hier niet vaak. Omdat het al zo laat is, was ik bang...
Maakt u zich geen zorgen. Ik kwam gewoon even langs.
Ik wilde mijn man zien. - Monsieur Tournier is bij de opmaak.
Waar was je nou, Hélène? - Bij madame Tournier.
Jeanne. - Hélène, kom eens.
Ben je verbaasd?
Ze boft maar.
Wie? - Zij.
Stel je niet aan. Ik heb het druk.
Waarom ben je gekomen?
Ik weet het niet.
Omdat Henri haar zo negeerde, dacht Jeanne dat ze vrij was.
Ze gaat vaker naar Parijs en blijft steeds langer weg.
Dag, Chantal.
Hoe laat is het?
Bijna twaalf uur. Madame Tournier is al lang wakker.
Zij wel ja.
Mag ik bij je zitten? - Heb je lekker geslapen?
Vind je dit mooi? - Ach...
Wat is er? Ben je met je verkeerde been uit bed gestapt?
Denk aan Raoul. Hij aanbidt je. Is dat niet genoeg voor je?
Laat je toch liefhebben. - Dat doe ik ook.
Ik ken dertig vrouwen die een moord voor hem doen.
Maar jij blijft rustig, want hij ligt aan je voeten.
Als je niet hier bent, ligt hij nachten te piekeren.
Hij is gewend aan zekerheden, maar jij brengt hem van slag.
Hij heeft het me verteld. Ik kan er ook niet meer van slapen.
Daarom lig je zo lang in bed.
Hou je eigenlijk van Raoul? - Ik geloof het wel.
Wat een antwoord. Je komt toch alleen voor hem hierheen?
Kun je niet een keer besluiten om gelukkig te zijn? Wat wil je eigenlijk?
Je man begrijpt je niet. Logisch na acht jaar huwelijk.
Maar je moet toegeven dat hij je niet aan banden legt.
Je hebt zelfs het geluk dat je je thuis kunt vervelen. Wat een rust.
Had ik dat maar. Jij hebt je rustkuur thuis en je klaagt nog.
Ik klaag niet.
O, jij bent het. Ik geef je haar.
Het is Raoul.
En u?
Vanavond dineren we bij de familie Andrés.
Laten wij samen ergens heen gaan. - Nee. Dat is onmogelijk.
Kom je, Raoul? - Nee, Jeanne is moe.
Kom nou toch even mee. Niemand wil het laat maken.
Wachten jullie op mij?
Ik wil je zo graag gelukkig maken. - Ik ben gelukkig.
Ons leven bestaat uit momenten. Ik wil mijn leven echt met je delen.
Waarom hou je van me?
Dat heb ik al zo vaak gezegd. Ik hou van je omdat je anders bent.
Anders dan wie? - Anders dan andere vrouwen.
Vreselijk al die vrouwen om je heen. Als ik er niet ben, grijpen ze hun kans.
Praat geen onzin.
Ik wil je iets zeggen.
Ik vertrouw je. - Liefste.
Je kijkt zo verdrietig. Wat is er?
Morgen ga je weer weg. Ik ben jaloers op je man en je leven daar.
Praat niet over hem.
Ik ga in Dijon wonen. Dan glip ik 's nachts als een dief bij je binnen.
Blijf zitten. Rij maar door.
Het onrustige dubbelleven van Jeanne duurt niet lang.
Op een avond, vlak voor ze naar Parijs wil gaan...
Alsjeblieft. Het weekmenu. Geef jij het aan Coudray?
Goedenacht. - Tot zondag.
Kwam je me niet welterusten wensen? - Ik dacht dat je al sliep.
Je had kunnen zien dat het licht nog brandde.
Kijk me eens aan.
Je ziet er niet uit als een man die thuiskomt van een zakendiner.
We drinken altijd te veel.
Altijd te veel.
Je bent dus klaar om te vertrekken. Komt Parijs niet je neus uit?
Het is afleiding. - Voor jou, maar ik ben het zat.
Ik was niet van plan te gaan, maar jij zou weggaan, dus...
Je wist drie dagen geleden al dat mijn reis was uitgesteld.
Ik kon Maggy moeilijk afzeggen nadat ik mezelf had uitgenodigd.
Geen smoesjes.
Smoesjes zijn vaak leugens.
Ik moet zeggen dat ik versteld sta.
Maggy is je boezemvriendin en jullie zijn heel close.
Je nodigt je wel bij haar uit, maar je durft haar niet af te zeggen.
Dat lijkt me onwaarschijnlijk.
Maggy is snel gekwetst. - Wat kan mij dat schelen?
Trouwens, als ze zo pietluttig is als jij zegt...
...waarom stoort het haar dan niet dat je haar hier nooit uitnodigt?
Wil je haar morgen bellen om haar uit te nodigen voor volgend weekend?
Ik hoef haar niet te bellen. Ik spreek haar morgen.
Je hoeft niet naar Parijs.
Je moet niet zoveel drinken. Maggy geeft een etentje voor me.
Ze heeft veel mensen uitgenodigd: de Dupuis', de Dupré's, Raoul Flores...
Natuurlijk. - Hoezo natuurlijk?
Ze mag uitnodigen wie ze leuk vindt. - En wie jij leuk vindt.
Als je hem zou kennen... - Daar kun jij voor zorgen.
Je ziet het helemaal verkeerd.
Ik hoor je alleen maar over Maggy en Raoul. Ze zijn altijd samen. Nodig ze allebei uit.
Je bent gek. - Ik sta erop.
Je nodigt ze allebei namens mij uit.
Daar krijg je spijt van. Ze zullen je enorm vervelen.
No comments yet. Be the first to leave one.