لومړۍ 200 کرښې.
Jij met die pet. - Ik?
Mag ik je tas?
Drank. Drie, vier liter.
Maar die heb ik gekocht. - O, ja?
Maar je bent te jong. En het is verboden.
Of wil je opgepakt worden voor smokkelen?
Nee.
Mooi. Je kunt je tas beneden ophalen. - Sorry.
Tuurlijk.
Lelijke trut.
Ik kan niet tegen dat soort mensen.
GRENS
Hallo! - Hoi, Tina.
Nee! Hier, verdomme!
Ik wist niet dat je zo vroeg thuis zou komen.
Ze moet in bad.
Je hebt schurft, lieverd.
Brave hond. Ja, brave hond.
Hoe was je dag?
Tja...
Ik ga een stukje lopen. - Goed, oké.
Schatje... schatje.
Stil maar.
Hallo.
Hoi.
Tjonge, nou noemen ze gespierde honden weer vechthonden.
Hoeveel hondengevechten heb jij hier gezien?
Achterlijke mietjes.
Eet je niks?
Chinchilla's. Alsjeblieft zeg. Die nemen het over.
Prooidieren.
Wat heb jij vandaag gedaan?
Wat?
Pardon.
Ja?
Het is in orde. Dank u wel. - Geen probleem.
Uw telefoon, alstublieft.
Er wachten mensen op me. - Leg uw telefoon op de tafel.
Waarom? - Doet u maar, we zijn zo klaar.
Wat doet u?
Robert!
In z'n mond. Z'n mond.
Ik bel de politie.
Pardon.
Wat is dit?
Raad eens.
Geef antwoord.
Een larven-incubator.
Hou je van insecten?
U kunt gaan.
Tot kijk.
Anders nog iets?
Een pakje John Silver.
Hallo.
Hoi, papa.
Wat eet je daar?
Papa?
Tina! Wat leuk dat je komt.
Ik heb je gisteren gebeld dat ik zou komen.
Weet je nog?
Ja... Ja, misschien.
Nu je het zegt.
Hoe is het, liefje?
Druk aan het werk.
Je mag er een.
Twee. - Zeg...
Drie, dan.
Long John Silver.
En hoe is het met onze sjacheraar?
Roland?
Hetzelfde.
Hij was van de week bij een hondenshow in Umeå.
Maar hoe gaat het tussen jullie?
Best.
Het gaat goed...
Hetzelfde. - Maar slapen jullie samen?
Papa!
Daar ga ik het met jou niet over hebben.
Liefje, ik wil gewoon niet dat hij misbruik van je maakt.
Het is jouw huis.
Ik vind het gewoon fijn om iemand in huis te hebben.
Hij is best...
aardig.
Elf!
Ik ben vandaag bij pa geweest.
Houdt hij nog van me?
De ouwe zak.
Nog even en hij weet niet meer wie je bent.
Gaat hij achteruit?
Op en neer.
Wat naar om te horen.
Nee, nee, nee!
Toe dan!
Kom op!
Gebruik die zweep!
Hallo.
Dag, ik ben Agneta. - Tina.
Dus je vindt een geheugenkaart vol kinderporno...
op iemand die je nog nooit gezien hebt.
Hoe komt dat zo?
Ik wist niet wat er op de kaart stond, maar...
Maar wat?
Ik rook dat hij hem had.
Hoe bedoel je?
Ik voel dat soort dingen.
Ik voel dat soort dingen.
Schaamte, schuldgevoel, woede.
En andere dingen. En dan trek ik m'n conclusies.
Die man ontkent natuurlijk alles.
We hebben hem al wegens bezit.
Maar we vermoeden dat hij de makers van die films kent.
We hebben zijn telefoon uitgelezen.
Daaruit bleken verschillende bezoekjes...
aan een wijk in Svaneholm, buiten de stad.
We houden het daar al even in de gaten, maar we lopen vast.
Wat wilt u dat ik doe?
Ik krijg geen huiszoekingsbevel zonder aanwijzing.
Ik weet niet eens welk appartement het is.
Is het echt mogelijk om te ruiken wat mensen voelen?
Ja.
Klinkt gezellig.
Nee, ik dacht, we doen hetzelfde als vorige keer.
Nee...
Sorry, maar dat eten is voor iedereen.
Sorry.
Hallo daar.
Hij lijkt clean.
Er is iets raars aan hem.
Weet je het zeker? - Ja.
Komt u even mee?
Niks?
Niks dat voor ons van belang is.
Jij had het moeten doen, niet ik.
In wetenschappelijke termen is zij... hij...
Ze heeft een vagina, geen penis.
En dat was nogal gênant.
Aha.
Maar... dus...
Heeft ze zich laten opereren? - Dat heb ik niet gevraagd.
Ze heeft een litteken op haar staartbeen, maar vrij ver naar achteren...
Wat? Een litteken?
Een litteken. Hierachter.
Ja?
Ik moet u mijn excuses aanbieden.
U hebt alle recht om een klacht in te dienen.
Dat hoeft niet.
Verder nog iets?
Dit is misschien wat persoonlijk... - Ja?
Wie bent u?
We zijn klaar. U kunt gaan.
Ik heb geen haast.
What can I say?
Ik reis rond.
Ik blijf even op één plek.
En dan trek ik verder.
Om insecten te bestuderen?
Onder andere, ja. En jij?
Woon je hier in de buurt?
Ja... in Skogsnäs.
Bij de archipel.
Het hostel bij Riddersborg...
is dat goed? - Ja.
Wilt u daar logeren?
Misschien.
Ik heet Vore.
Oké.
Ik zat me iets af te vragen.
Mijn litteken... - Ja.
Hoe kom ik daaraan? - Nou, je...
Je bent op iets scherps gevallen toen je klein was.
Een steen als ik het goed heb.
Hoe klein?
Nou...
Drie misschien.
Is het gehecht?
Zeker.
Ze hebben je dichtgenaaid.
Met naald en draad en zo.
Lag ik in het ziekenhuis?
Dat zou ik moeten weten.
Je was drie.
Dat weet je toch niet meer?
Tina, wat ben ik blij je te zien. De weeën zijn begonnen, kun je ons brengen?
Eh... Tina, we hebben een beetje haast.
Ogenblikje.
Bedankt voor het brengen. Heel lief van je.
Voorzichtig.
Ik wil niet.
Laat me gewoon even bij je liggen. - Nee, waarom?
Ben je dronken? - Ja... nee.
Ik vind je gewoon zo leuk.
Kunnen we het niet proberen?
Roland, ik kan niet.
We kunnen het proberen. - Nee.
Het doet pijn. Ik kan het niet. - Ik zal voorzichtig zijn.
Jezus.
Het is altijd wat met jou.
Je moet ook een beetje aan mij denken.
HOSTEL
Wat een verrassing.
No comments yet. Be the first to leave one.