The first 200 lines.
We zijn aan de laatste ronde toe, dames en heren.
Nog een paar honderd meter en dan weten we wie er heeft gewonnen.
Wordt het een nieuw record voor racebaan Kielce?
Ze vechten om de koppositie, zo vlak voor het laatste rechte eind.
Ze knokken om een plek. Ze wachten op het juiste moment...
om een manoeuvre te maken, zonder buiten de baan te belanden.
Het is een kwestie van seconden. Een fout en je ligt eruit.
Nummer zeven ligt aan kop van het stel, maar ze hebben allemaal nog een kans.
Ze naderen de laatste bochten en het is nu snel voorbij.
Ze bevinden zich op het rechte eind.
Nummer zeven leidt, maar wordt gepasseerd.
Inderdaad, ik denk niet dat hij het haalt.
Ja, dames en heren, nummer vier heeft gewonnen.
Nummer zeven is tweede en derde is kart nummer twee.
Dit was onze laatste race voor vandaag, dames en heren.
We hebben de officiële resultaten nog niet, maar de jury maakt ze zo bekend.
Maar we kunnen wel zeggen... Ja, het is bevestigd.
Na het verlies van vandaag zijn voor onze favoriet, Tomek Nowak...
de kansen verkeken op winst in de competitie.
Tomek.
Waar is je vader? Is hij te laat?
Of kon hij niet komen?
Wat maakt het ook uit.
Je zou hem niet herkennen, als hij er zou zijn.
Bedankt, gast.
Graag gedaan.
Weet je?
Mag ik steeksleutel 16?
Dat is het.
Goed.
Waarom zei je niet dat je moest racen? - Zou je gekomen zijn, dan?
Ik kwam de laatste keer toch? - Maar ik heb niet gewonnen.
Dan heeft iemand met je motor geknoeid.
Je raadt maar wat. Misschien had ik wel een slechte dag?
Een slechte dag? Jij?
Wil je de bus weghalen? Dan zet ik een auto op de hefbrug.
Tomek.
We gaan naar huis.
Nu. Ik zeg het niet nog een keer.
Mag ik van tafel?
Ik heb je gezegd dat je hem niet meer mocht zien, toch?
Heb ik het niet verboden?
Jawel.
Waarom hang je daar dan nog rond? - Waarom zou ik dat niet doen?
Zeg.
Ik ben je geen verklaring schuldig.
Ik voed je op.
Ik ben verantwoordelijk voor je. - Rustig.
Wind je niet op. Denk aan je bloeddruk.
Dank je wel, oma.
Waar denk je dat je heen gaat?
We zijn niet klaar met praten.
Noem je dit praten?
Mooi, dat is het.
Goed. - Weet je waar mijn vader nu is?
Wat wil je nu echt, Tomek?
Je zei dat je hem niet wilde zien, omdat hij jou niet wilde zien.
Ik snap het niet.
Goed.
Vraag maar aan Hajduk.
Hij heeft een kliniek in Kielce. Bij Kadzielnia.
Hij heeft hem bij een cursus of een training gezien.
Je vader kon nooit stilzitten. Een echte stuiterbal.
Zelfs toen hij een gezin begon. Je opa vond het maar niks.
En je moeder ook niet.
Dus je weet niet waar hij is, of wil je het niet zeggen?
Ik heb geen idee, maat.
Tomek.
Toen je vader na het ongeluk verdween...
ging ik naar jullie huis om alles uit te leggen en om vrede te sluiten.
Maar je opa werd woest en schopte me naar buiten.
Waarom haat hij je zo erg? - Hoe moet ik dat weten?
Moet jij niet op school zitten? - Nou...
Zo gaat je opa weer tegen me te keer. Naar school. Ik moet aan het werk.
Zes tegen een, hè.
Kan je dat aan?
Denk je dat ik bang voor ze ben?
Ik wil vandaag gewoon niet naar school. - Waar ga je dan heen?
Gaat je niks aan.
Ik ga spijbelen.
Spijbelen? Dat heb ik altijd al willen doen.
Maar ik zou me schuldig voelen.
Mag ik met jou mee spijbelen?
Hoi.
Je herkent me dus toch.
Waar ga je heen? - Rechtdoor.
Laat je de hond uit? - Nee, een neushoorn.
Ben je boos, omdat ik op de racebaan niet naar je toe kwam?
Ik ben niet zo zielig. - Maar je bent wel boos.
Ik ben blij dat je er was, maar waarom nam je vrienden mee?
Wat maakt dat uit?
Je hoeft niet met me te praten, als je dat niet wilt. Doei.
Wacht.
Wil je me een plezier doen? - Waarmee?
Mag ik je hond lenen? - Brutus? Waarom?
Ik zeg het als je belooft dat ik hem mag lenen.
Ik zie geen problemen.
Wat mankeert hij precies?
Nou, hij is apathisch en heeft zo'n...
droevige blik en zijn oren staan triest.
En hij eet niet en heeft buikpijn.
Hoe weet je dat?
Omdat hij zichzelf blijft krabben met zijn rechterpoot.
Zijn rechterpoot?
Voornamelijk.
Neem je me in de maling?
Volgende patiënt, graag.
Dokter.
Mijn vader is ook dierenarts.
Slawomir Nowak.
Waarom zei je dat niet? In plaats van dat geneuzel.
Dus jij bent Tomek.
Wat kan ik voor je doen?
Ik hoorde dat u hem onlangs zag. - Ik zie hem zo af en toe.
Een maand geleden nog.
Weet u waar hij nu woont?
In Sandomierz. Hij heeft daar een eigen praktijk.
Maar ik weet niet of hij daar nog is...
want hij heeft een aanbod uit Amerika gekregen. Hij zou naar Boston gaan.
Boston?
In Amerika?
Nou, bedankt dan maar.
Graag gedaan. Hé, vergeet je niks?
Hij is gestrest, arm ding. - Sorry daarvoor, bedankt voor je hulp.
En jij ook, Brutus. - Wil je op mijn verjaardag komen?
Ik ga naar een kasteelfestival met mijn ouders.
Wanneer? - Morgen, het wordt leuk. Let maar op.
Ik wilde iemand anders meenemen, maar dat is net uit.
Dus als je wil...
Dank je, maar ik weet niet of ik dat ga redden.
Sorry, ik moet gaan. Doei.
Doei.
Trouwens...
fijne verjaardag.
Kom mee.
Wat heb je daarop te zeggen?
Waarover?
Dat weet je heel goed. Je bent vandaag niet op school geweest.
En dat is niet de eerste keer.
Waar was je?
Goed, jij mag de stad niet meer in.
Je gaat naar school en komt daarna direct naar huis.
Geen computer of zakgeld meer.
Er wordt niet meer geracet.
Als je je goed gaat gedragen, praten we wel over het opheffen van de straffen.
Duidelijk? Heb je goed naar me geluisterd? - Hij is niet doof.
Waarom onderbreek je me? Waar heeft hij al die tijd gezeten?
Hij was vast met zijn vrienden op pad. - Welke vrienden?
Als je op de ouderavond was geweest, dan had je geweten dat je kleinzoon...
zijn klasgenoten mijdt als de pest. Of zij hem.
Op wie lijkt hij?
Op zijn criminele vader, hè?
Slawek is geen misdadiger. Het ongeluk was niet zijn schuld.
Jij bent de enige die hem beschuldigt.
MAAK JE OM MIJ GEEN ZORGEN, OMA
Hallo? - Is dr. Nowak daar?
Nee, hij is al weg. Kan ik u helpen?
Wanneer is hij er wel? - Morgen en overmorgen.
Daarna neemt dr. Lisicki de kliniek over. Wilt u een afspraak maken?
Ben je van huis weggelopen?
Wat doe je hier? Volg je me?
Kom op zeg, misschien ga ik toevallig dezelfde kant op.
Deze gaat ook niet stoppen.
Intuïtie.
Goed dan, wijsneus. Wat zegt je intuïtie nu?
Hij zegt dat je nergens komt.
Liften lukt vandaag de dag niet meer. De mensen zijn te bang.
Maar voor zover ik weet...
moeten treinen stoppen.
Hoe laat gaat de trein naar Sandomierz?
Er is geen directe verbinding met Checiny. Je moet overstappen...
in Kielce of Skarzysko.
Hoe duur is een kaartje? - Dat is 21 zloty.
Doe geen moeite. Dat is niet genoeg.
Ik heb 8,20. - Ik zei toch dat het niet genoeg is.
Waar haal ik 21 zloty vandaan?
2 keer 21.
Dat is 42.
Ik heb ergens een twee-zloty-stuk.
Dus neem wat te drinken en gaan naar je mammie.
Dat zal niet gaan.
Maar met jouw 50 hebben we genoeg voor kaartjes en cola.
Ik heb al lang geen briefje van 50 heb gezien.
Kijk maar in je zak.
Ik weet wat er in mijn zakken zit. - Dat denk ik niet.
Hoe kreeg je dat voor elkaar? - Ik wist dat je het daar had.
Ik raak ze wel kwijt..
Pak me dan als je kan.
Kom eens kijken. Dit lijkt me de mooiste.
Wat?
Ik zoek een verlovingsring uit.
Je hebt geen verloofde voor zover ik weet.
Nooit een gehad ook.
Misschien kom ik iemand tegen.
Ik ben oud genoeg om me te settelen.
Als ik de juiste meid tegenkom. De ring heb ik al.
Geef je je verloofde een gestolen ring?
Dat weet ze toch niet?
En goud is goud, toch?
Wacht eens, zou je het niet vervelend vinden...
No comments yet. Be the first to leave one.