200 rreshtat e parë.
Dat is een luide... - Ja.
Ik ben een robot.
En een spin.
Nee.
Nee, nee, nee.
Oké. Schat, hou op.
We hebben nog wat snacks nodig, toch? - Hoi.
Hoi. Jeetje. Sally, wat doe jij hier?
Ik ben dit weekend bij m'n moeder.
Schat, dit is Sally.
Sally heeft je moeders baan overgenomen toen jij werd geboren.
Wat een schatje.
Is het fijn om altijd bij hem thuis te zijn?
Dat moet geweldig zijn. - Dat is een goede vraag.
Het is ingewikkeld, want ik zou graag tevreden zijn.
Maar ik heb het gevoel dat ik vastzit...
in een gevangenis van m'n eigen creatie waarin ik mezelf kwel...
tot ik 's nachts vijgenkoekjes zit te eten om niet te huilen.
En ik vind dat maatschappelijke genderverwachtingen en biologie...
me hebben gedwongen om een persoon te worden die ik niet herken...
en ik ben gewoon de hele tijd boos.
Ik zou graag m'n eigen kunst maken als kritiek op het huidige systeem...
maar mijn brein functioneert niet meer zoals voor mijn bevalling...
en nu ben ik dom.
En ik ben zo bang dat ik nooit meer slim...
of gelukkig of dun zal zijn.
Vind je het fijn om altijd bij hem thuis te zijn?
Dat moet geweldig zijn. - Ja, echt wel.
Ik vind het heerlijk om moeder te zijn.
Zeven, acht.
Bah.
Kijk, ik bouw een huis.
Ik heb honger.
Ik ga je opeten.
Ik ben geschrokken.
Naar de maan.
Gaat het?
Vier, vijf.
Waar is die met de eend?
Waar?
Nee.
Je weet het.
Eén, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven, acht...
negen, tien.
Je steekt een vlam aan in je jonge meisjesjaren.
Je voedt het en zorgt ervoor, beschermt het koste wat het kost.
Je laat het niet aanwakkeren tot een berg van licht...
dat past niet bij een meisje.
Je houdt het geheim. Je laat het branden.
Van hieruit, dit vuur, kun je creëren en je een weg banen door de wereld.
Uit dit vuur kun je iets nieuws voortbrengen.
Een nieuwe versie van jezelf, of een heel nieuw persoon...
die niet bestond voor jij 'm op de wereld zette.
Iemand die op een dag zomaar in je gezicht plast.
Laten we naar de truck gaan kijken. - Ja, kom op.
Waar is de...
Wat?
De truck? - Ja.
Verderop in de straat.
Verderop in de straat? - Ja.
Staat de truck daar? - Ja.
Die moeten we weer op straat brengen.
Ja? - Ja.
Ze gaan op de straat met de groene truck.
Hij staat achterop. - Denk je?
Hij ziet er sterk uit. Hij kan het vast. - Nee.
Nu is hij weer weg.
Hoger. - Hoger?
Hoe hoog?
Naar de maan. - Naar de maan?
We gaan naar binnen. - In dit?
Ja, we gaan naar binnen, dat gaan we doen.
Wij mogen dat, mensen mogen geen nee zeggen.
Dat klopt. Hoi, Norma. - Ook in de oceaan.
Sommigen helpen zelfs het water schoonmaken.
Boekbaby's. - Wauw, dat wist ik niet.
Nee, toch.
Ik ga een ritje maken op m'n favoriete fiets
Ik zal je zeggen wat ik zie
Het is een warme zomerdag en ik rij langs het meer
En recht voor mijn neus
Staat een eendje met een veel te grote snavel
En ogen die lijken op erwtjes
Z'n veren zijn roze...
Ik hou er gewoon niet van om met andere moeders op te trekken.
Wat is er aan de hand met die eend?
Wat is er met die eend?
Wat is er aan de hand...
Bevriend raken met een andere vrouw omdat we moeder zijn is zo zielig.
Wat is er met die eend?
Ik ga een stukje rijden in m'n lievelingsauto
Maar als het toevallig een mooie, slimme, grappige vrouw is...
en we worden vriendinnen omdat we allebei Boekbaby's haten...
Hij trekt z'n schaatsen aan en schaatst in het rond...
Nee.
Wat is er aan de hand met die eend?
Wat is er met die eend?
Wat is er aan de hand met die eend?
Wat is er met die eend?
Het is tijd om afscheid te nemen
Afscheid van onze vrienden Bedankt voor het meezingen
Godzijdank.
Het was reuzeleuk, maar dit is ons laatste lied.
Dus vaarwel... - Zarah Beverly.
En vaarwel... - Caden.
En vaarwel...
Tering.
Krijg de tering.
Ik ben de slechtste moeder ter wereld.
Hou jij... O, sorry.
Hou je van schilderen en nippen?
Je bent kunstenaar, toch? - Heb ik je dat verteld?
We hebben gepraat bij mama-baby-yoga. Heel even maar. Jen.
Schilder je of doe je nog iets anders? - Nee.
Ik deed meer immersieve kunst...
beelden met gevonden materialen. - Zoals installaties?
Sorry dat ik meeluister. Ik ben een enorme kunstfan.
Is dat zo? - Ja.
Ik ook.
Ik woonde vroeger in de stad en ging elke dag lunchen in het museum.
Ik heb daar ooit wat werk tentoongesteld.
Dat lijkt eeuwen geleden, dus... - Absoluut. Dat begrijpen we.
Ik was vroeger stripper...
als je dat kunt geloven.
Het was leuk, voor even maar.
De voor-tijden. - Juist, jeetje.
Hij moet echt naar huis voor z'n dutje. - O, ja. Juist.
Misschien volgende week dan. - Ja. Hij is moe.
Natuurlijk.
Zo schattig. - Ja.
Ik weet het.
Jeetje. - Ik vind haar leuk.
Ze is leuk. - Toch?
Echt wel.
Welterusten, bouwplaats.
Op de grote bouwplaats werken de trucks op volle kracht.
Ze wassen hun voeten.
Hij reikt en strekt heel hoog en zwaait de balken de lucht in.
Dus geen gepuf en gehijg meer, team.
Wat is deze hier?
Moet je die grote tanden zien. - Waar?
'Een voor een gaan ze naar bed en ze geeuwen en sluiten hun oogjes.'
Nu gaap ik. - Mag ik eruit?
Nee, we gaan slapen, weet je nog? - Nee.
Nee. - Alsjeblieft?
Ben jij niet doodmoe? - Nee.
Alle voertuigen zijn moe. - Nee.
Ja. - Nee.
Wie is de vader?
Nee, kom op.
Goed. Nu gaan we slapen. - Nee.
Het is oké. Ja, ik weet het.
Alles goed.
We spelen gewoon het muisstil spel.
Wil je stille muis spelen?
Kun je een stille muis zijn? - Snoep.
Schat. - Nee.
Het is mijn schuld dat hij niet slaapt.
Ik mag niet boos op hem zijn.
Iedereen zei het, maar ik luisterde niet.
Want ik vond het fijn als hij op m'n borst sliep als een warme kachel.
Ik had hem suf moeten neerleggen, wakker, zoals in de boeken staat.
Dan zou hij de rest van z'n leven geweldige slaapgewoontes hebben.
Ik zou altijd een schone keuken en een goed seksleven hebben.
Het leven zou geweldig zijn.
Maar dat heb ik lekker verknald.
En nu?
Als ik niet beweeg, ziet hij me misschien niet.
Ik hou van je. - En ik van jou.
Ik hou van jou. - Ik van jou.
Mama, we spelen paardje.
Oké.
Hop hop hop, paardje in galop
Over hekken, sloten heen
Maar voorzichtig breek geen been
Hop hop hop, paardje in galop
Is dat goed?
Mama pluizig. - Wat?
Ik ben niet pluizig. - Mama pluizig.
Waar ben ik pluizig? - Hier.
O, jeetje.
Welke hel staat je vandaag te wachten?
Ik heb grijze haren.
Veel grijze haren en een paar...
nieuwe rimpels.
Oké.
Nou, zo staan we ervoor.
Oké.
Ik pak een pincet.
Papa. - Hé, vriend.
Oepsie.
Soms lijken ze niet te beseffen dat ik ook een leven heb.
Ik ben veel liever thuis bij jullie...
dan in een hotelkamer donderdagavond om elf uur...
rapporten te zitten uittypen.
Wat irritant. - Echt.
Wij hadden een leuke week. We zijn naar Boekbaby's geweest, toch?
Ik dacht dat je dat haatte. - Dat is ook zo.
Leef jij nog, ouwe haarbal?
Over haarballen gesproken... - Wat?
No comments yet. Be the first to leave one.