200 rreshtat e parë.
Davie, trek iets anders aan voordat je Babe wegzet.
Wie is dat?
Miss Effie, Miss Lou, Davie.
Het wordt weer warm.
U heeft ver gereden om ons te vertellen wat we al weten, sheriff.
De volgende keer hoeft dat helaas niet.
We zoeken jullie zwarte, Ben Woods. - Ben is niet meer in Grassy geweest...
sinds hij naar de oorlog ging.
Mr Catrell zegt dat Ben er met zijn spullen vandoor is.
Dan is Mr Catrell een leugenaar. - Wacht eens even.
Als Ben verschijnt, zeg dan dat ik hem wil spreken.
Hoezo, volgende keer hoeft dat niet?
Hij heeft gehoord dat we misschien ons huis kwijtraken.
Zeg dat niet waar de jongen bij is. - Toe nou.
We houden Grassy wel, Davie.
Ik kleed me om en haal Babe binnen. - Daarna Bijbelles.
Wegwezen, Thaddeus. Vort, ik weet dat je er bent.
Thad heeft me nodig voor aas.
We gaan vissen. - Niet vandaag.
Miss Millington zei dat je Jesaja niet kende.
Heeft hij geen thuis? - Vooruit.
Twee. Een geheime boomhut en de kelder van Mr Stark...
wanneer hij wil, als hij werkt.
Thad?
Ben.
O, Ben.
Waarom klopte je niet aan?
Te veel risico. - Wat is er?
Problemen? - Een schat, Davie. Goud.
Je vader begroef het voor Spangler. - Wie is Spangler?
Een slechte kerel.
Wat hoor ik nou over een schat?
We moesten een lading in Mobile afleveren...
en kregen goud, want alleen dat had toen waarde.
Kapitein Burnie wilde nog eens naar de Bahama's.
Toen zag de Cumberland ons en haalde ons in.
Die yankee-kanonneerboot die de Flora Bee zonk?
Spanglers boot.
De slimme kapitein voer ondiep water in, weg van de Cumberland.
En hij verstopte het goud. - Dus het ligt nog begraven?
Helemaal in Florida. En ik wilde met Jim Burnie...
Jim Burnie? Wat wil je met die schurk?
Zijn broer zou helpen het goud te halen en Grassy te redden.
Jim Burnie heeft nog nooit iets afgemaakt.
Heb je geld nodig, Ben? - Ik heb zelf niets.
Je mag wel wat hebben.
Lou, een heel klein beetje.
Goed,
waar moet dat goud ergens liggen?
De kapitein stuurde een kaart naar huis.
Ik zag geen kaart tussen Clays spullen. - In het boek.
Dat hij altijd las.
Natuurlijk.
Op deze pagina staat niets vreemds.
De kapitein zei het voor hij stierf in de gevangenis, erewoord.
Kijk zelf maar.
Wie was er vandaag naar je op zoek?
Een man van Spangler die achter de schat aanzit.
De kapitein vertelde de locatie nooit.
Misschien moeten we het boven de lamp houden.
Daar staat iets.
Matecumbe Key.
Een X. Daar is de schat. - Onder een boom, zei hij, maar niet welke.
Hoorde jij iets, Effie? - Alleen de wind.
Wat is dat? - Spangler. Ik wist het.
Dat is hem.
Wat doen jullie hier?
We zoeken Burnies zwarte. We weten dat hij er is.
Hier wonen mijn zus, mijn neef en ikzelf.
U hebt ons gewekt uit een diepe slaap. Ga weg.
Slaapt u altijd op zolder?
Ze komen. Barricadeer de deuren. - Davie, kom hier.
Davie.
Opzij, Effie. - Pas op je hoofd.
Ben. - Pak hem, Ben.
Ben. - Kom op.
Ben, de kaart.
Breek hem open.
Het gaat niet. - Ik sla ze wel.
Davie.
Ben?
De kaart.
Verspreiden. Laat ze niet ontsnappen. - Langs de zijkant. Doorzoek de bosjes.
Kom mee.
Jullie twee, check de kar.
We vinden ze wel.
Daar is niks. Ze moeten afgeslagen zijn.
Wat willen ze van je? - Niet nu.
Help met de boot.
Mag ik mee? - Het is een lange reis.
En het kikkers vangen dan?
En geheime vergaderingen gaan niet met maar één lid.
Goed, help me afduwen en klim erin.
Kijk.
Dit is Snyders boot.
We betalen wel wanneer... als we terugkomen.
Daar, de rivier op. - Ooit komen ze wel aan land.
Je leest nog een gat in die kaart. - Ik bestudeer hem.
Zou je die schat echt helemaal in Florida kunnen vinden?
Dat is ver van Kentucky.
Geen idee, maar ik ga het proberen.
Misschien raken we met genoeg goud het huis niet kwijt.
Waar zou je anders wonen?
Mijn arme tantes. Ze hebben daar altijd gewoond.
Ze zouden wel opkijken als je hem vond, hè?
Davie, als die mannen ons inhalen...
doden ze ons, net als Ben.
Ik zeg niet waar de schat is. - Al doen ze je iets aan?
Mij dwingen ze niet.
Mij ook niet.
Ik vond Ben aardig.
Laten we beloven dat we niets zeggen.
Wat ze ook doen. - Wat dan ook.
Snel, Thad. Een raderboot.
Net een groot plantagehuis. - Dat de rivier afdrijft.
Zouden we erop mogen? - We hebben toch geld? Kom.
Hoeveel naar Friars Point? - Welke klasse?
Vijf dollar voor een kajuit, drie voor de ketelkamer, twee voor het dek.
Twee keer het dek.
Alsjeblieft, jongens. Deze kant op, door de gang.
Zoek een comfortabel plekje. Dag, mensen. - Woont hij daar, Friars Point?
Oom Jim blijft nergens lang. Daar kwam z'n laatste brief vandaan.
Ze noemt hem een zwart schaap. - Zal hij helpen?
Als hij niet te druk is.
Mijn oom Jim kan zowat alles.
Alles? - Dat zei ik.
Zou hij hier bedoelen?
Ik heb op erger geslapen.
Jongetjes die weten wat goed voor ze is...
gaan niet vanaf balen katoen dames bespioneren...
die zich verstoppen. - Deden we niet.
We wisten niet dat u er was. - Ik ben kapitein Boomer. Uw instapgeld.
Ik denk dat mijn zus aan boord is. - Geen idee.
Eén meter 70, in een trouwjurk. - Niet voorbij zien komen.
Ze koopt ook geen kaartje, sukkel. Ze is een verstekeling.
Ze wil naar New Orleans. - Als ik haar vind, zet ik haar van boord.
Heren, u hebt twee minuten voor we gaan. - Niet tot ik haar heb.
Is dat je man?
Nee, en dat gebeurt ook niet, hoeveel geld hij ook heeft.
Als ze hier komen zoeken, vinden ze je vast.
We verstoppen je wel bij de dieren.
Nee, toch? - Anders moet je trouwen.
Lauriette kan van gedachten veranderd zijn, Farrow.
Ze is alleen wat nerveus. Zo zijn vrouwen op hun trouwdag.
Een vrouw in een trouwjurk gezien? Geef eens antwoord.
Wat moet zo'n dame hier? Laat mijn arm los.
We zeggen de gasten dat we het uitstellen. - De gasten kunnen de boom in.
Daarachter misschien?
De meeste bruiden zijn nogal zichtbaar tussen vee...
Maar ik heb uw zus nooit gezien.
We zoeken boven. - Niet tenzij jullie betalen voor de reis.
Anders moeten jullie van boord, we vertrekken nu.
Ze zijn weg.
Allemachtig.
Iets ouds, iets nieuws.
Als je het wilt, geit...
mag je erop kauwen.
Kan ik...
vanaf hier naar de dameskajuit?
Nou zeg. Ze kon toch wel gedag zeggen?
Hier boven krijgen we problemen. - Ze kunnen ons naar beneden sturen.
Kijk, Thad.
Goed. - Is dat niet die dame?
Wat doet ze?
Je geld stelen. Ik zal het eerlijk winnen.
Let op. Twee rode azen en de babykaart.
Die leg ik langzaam op tafel. Zegt u maar waar de baby zit.
Hij pakt de middelste. Jammer. U zat in de buurt. Die lag ernaast.
Wedt u gerust. Wie niet waagt, wie niet wint.
Geen weddenschappen van armen, strippers en oma's.
Ik ben geen van allen. Mag ik wedden?
Tenzij de kapitein er iets tegen heeft? - Natuurlijk niet.
We hebben alleen zelden dames hier op het Texas-dek.
Wat voor spel is dit? - Een simpel spel genaamd drie kaart monte.
Ik laat ze alle drie zien. Twee rode azen en de babykaart.
Ik pak ze en leg ze omgekeerd op tafel. Dan verplaats ik ze zo.
Het is geen truc, het is allemaal oprecht. Kunt u de babykaart eruit pikken?
Als dat lukt, krijgt u al het geld.
O, dat lijkt me leuk.
Hoeveel wilt u wedden?
Ik heb geen idee. Is 500 dollar genoeg?
Vijfhonderd? Dat heeft ze niet. Ze heeft nog geen vijf cent.
Ik moet eerst uw geld zien.
En Jeff Davis dollars hebben geen waarde meer.
Ik ben een dame uit het zuiden.
Niemand heeft ooit aan mijn woord getwijfeld.
De verliezer moet wel dokken.
Valsspelers en zwendelaars op mijn boot...
zet ik op een zandbank af.
Zag je dat? - Vast de babykaart.
Die vindt ze nooit. - Ze krijgt problemen als ze niet betaalt.
Goed dan. Let goed op.
Ik zal het langzaam doen, omdat u zo mooi bent.
Ik leg ze langzaam neer. Zegt u maar waar de baby is.
Eens zien...
Dat is... Nee. Die daar. O, ik durf niet te kijken.
Draai de andere twee maar om.
Zo wordt het spel niet gespeeld.
Nou...
Als dit... het is een aas.
No comments yet. Be the first to leave one.