200 บรรทัดแรก
leve de vrouwen leve de mooie vrouwen
die de pilaren van de liefde zijn
die de pilaren van de liefde zijn
ik denk steeds terug aan de woorden
die Don Nicola eens tegen me sprak
je bent te jong, je bent te naïef
dat is de waarheid
Lulù bezwoer mij haar liefde
dat engelengezichtje brandde in mijn ziel
maar haar brandweerminnaar
bluste alle vlammen van mijn liefde
van het verhaal van die mislukking
stond ik even perplex
maar als een vrouw zo is
zeggen 50 andere vrouwen ja
leve de vrouwen leve de mooie vrouwen
die de pilaren van de liefde zijn
Don Nicola komt steeds in me op
van hem kan ik iets leren
je bent te eenvoudig, je bent te verlegen
dat is de waarheid
Mimì keek me verrukt aan
en sprak mooie woorden
je bent mijn licht, het leven
maar ging ervandoor met de man van het licht
die trieste, ongelukkige ervaring
heeft me voorzichtig gemaakt
maar als een vrouw zo is
zeggen 200 andere vrouwen ja
leve de vrouwen leve de mooie vrouwen
die de pilaren van de liefde zijn
die de pilaren van de liefde zijn
maar ik moet steeds denken aan Don Nicola
die mij leidde met zijn woorden
je bent te jong, je bent te lief
dat is de waarheid
Nenè sprak tegen mij over de liefde
een heldere zee, onbewolkt
maar ze kon niet zwemmen
en ging aan boord van de Japanse vloot
dit zoveelste zielige avontuur
doet me onderhand niets meer
want als een vrouw zo is
zeggen alle andere vrouwen ja
leve de vrouwen leve de mooie vrouwen
die de pilaren van de liefde zijn
die de pilaren van de liefde zij
Daar is de bus, rennen.
Dag, papa. Fijne dag. -Dag, Simonetta. Ga maar.
Hallo.
Ken je hem? Is hij een vriend? -Nee.
Hoor eens.
Hoor eens. -Laat gaan.
Mijn beste Franco. -Ciccio, sorry voor het wachten.
Nee, ik ben er net.
En het is niet erg om even te wachten. Kom.
Ga maar voor. -Nee.
Goedemorgen. -Goedemorgen, maarschalk.
Twee cappuccino's met koude melk. -Zoals altijd.
Goedemorgen, sergeant. -Eindelijk tref ik u alleen.
Niet zo snel.
Goedemorgen, zoete, westerse bloem. -Goedemorgen, mr Ikito.
Moge de zon uw ogen verlichten en de maan ze laten baden in zilver.
U bent altijd zo aardig.
De gebruikelijke vermout? -Ja, aan mijn tafeltje.
Een vermout voor mr Ikito.
Wat moet hij in Italië?
Hij zit bij de marine en werkt op het consulaat.
Wie komt hij consulteren?
Jaloers? -Moet je dat nog vragen?
Juffrouw Nenè, zeg het en ik lig aan je voeten.
Kijk uit, sergeant. -Sorry, Ciccio.
Een ongelukje. -Hoeveel is het?
Ik betaal. Hoeveel? -De gebruikelijke 200 lire.
Tot morgen, juffrouw Nenè. -Tot morgen, sergeant.
Zullen we? -Dag, maarschalk.
Na jou. -Alsjeblieft.
Ciccio, je bent maarschalk. -Dat heeft er niets mee te maken.
Als je zo praat, voel ik me een maarschalk.
Overdrijf je niet wat met je passie voor vrouwen?
Ja, maar ik kan er niets aan doen. Zo ben ik nu eenmaal.
Waarom trouw je niet? -Een vrouw is niet genoeg.
Ciccio, ik wil 10, 20, 30 vrouwen. Zoals ze zeggen…
Sorry. -Rustig maar.
Ik ben 't met je oneens.
Hij is de grote meester. Hij weet alles van de vrije liefde.
Don Nicola? -Hij is mijn geestelijk leider.
We zeggen hem gedag.
Hallo, jongens. Hoe gaat het? -Goedemorgen.
Ga zitten.
Als Cristina belt, ben ik er niet. -Oké.
Don Nicola, wat staat er vanavond op het menu?
Ossobuco met mais. -Wat is dat?
Een kalfsschenkel met een maiskolf in het gat.
En als je die kolf niet wil? -Dan is hij een klootzak.
Twee porties voor mij.
Eet u mee? -Nee, ik eet met de kraai.
Met mijn vrouw.
Don Nicola, laat hem maar. U weet dat hij getrouwd is.
Hoe kan zo'n knappe jongeman…
Hoe kan zo'n man als u vastzitten aan een vrouw?
Een man moet 1000 vrouwen hebben. Hij moet een harem hebben.
Bravo.
Wie vrouwen zegt, zegt problemen.
Wie zit er in de problemen? -Niemand.
U zei: 'Wie vrouwen zegt, zegt problemen.'
Wat voor problemen? -Geen.
Wat voor problemen bedoelt u?
Ik zei: 'Wie vrouwen zegt, zegt problemen.'
Wat voor problemen? -Niemand zit in de problemen.
Sergeant, u begrijpt het niet. Vertel. Welke problemen?
Laat maar. -Vergeet de problemen.
Hij heeft gelijk. -Een man moet vrij zijn.
Vrij als een zwaluw. -Zoals ik.
Zwaluwen, zwartkoppen en mussen.
Wat doet u? -Een mus.
Het is al laat. We moeten gaan. -Oké.
Dag, bedankt. -Dag.
Bedankt, meester.
Wat een aardige man.
Ciccio, ik heb een vergunning nodig.
Waarvoor? -Mijn neef uit Amerika komt hier.
Ik haal hem op van het vliegveld.
Blond of bruin? -Nee, echt waar.
Hij is de zoon van mijn zus, een succesvolle Italiaans-Amerikaanse zanger.
Hij komt hier voor een tour. Regel je een vergunning?
Sergeant Samperi. -Ja, Ciccio?
Niets 'Ciccio'. Ik ben maarschalk La Rosa.
Maar je zei… -Die 'je' bewaart u maar voor uw zus.
Op de kazerne wil ik discipline en gepaste afstand.
Maar zonet… -Dat was net, nu is nu.
Maar… -Sergeant Samperi.
Ja, meneer. -Uw uniform is niet in orde.
Knoop uw zak dicht. -Ja, meneer.
Sergeant Samperi, aan de slag.
U bent zeven minuten te laat. -Ja, meneer.
Sergeant Samperi, u krijgt geen vergunning…
…want u had een dag van tevoren een schriftelijke aanvraag moeten indienen.
Sergeant Samperi. -Ja, meneer.
Geef acht. -Ja, meneer.
Sorry, maarschalk. Het zal niet meer gebeuren.
Samperi. -Wat is er, maarschalk?
Maarschalk? -Ja, kolonel.
Ben je dronken? -Nee, hij heeft me dronken gemaakt.
Ik snap er niets van. -Maarschalk La Rosa?
Hij heeft twee gezichten. Een buiten en een binnen.
Buiten kust hij me en binnen snauwt hij me af.
Het is als een metamorfose in de nacht. Hij wordt opeens dokter Jekyll.
Ik word gek. Het is niet… Ja, meneer. Ik ga al.
Sorry dat ik hier nog sta. Dag, meneer.
Waar moet ik heen? Welke kant moet ik op?
Hier ben ik, meneer. Ik ga al.
Sergeant Samperi. -Ja, meneer.
We zijn negen minuten te laat. -Ik ga al.
Op de tiende minuut krijg je 15 dagen straf.
Ja, ik ga al. Ik snap er niets van. Waar moet ik heen?
Ik weet het niet. -Ik word gek.
Zit ik in het leger? Dan ga ik.
Uw aandacht, alstublieft.
Alitalia kondigt de landing aan van vlucht 980 uit New York.
Een moment, alstublieft.
Kijk wat een spektakel, Tony.
We zijn in Italië en er staat niemand te applaudisseren.
Is dit het spektakel? -Geen zorgen.
Als ze je horen zingen, roepen 10.000 man op elk vliegveld…
…'Leve Tony Marconi.'
Laten we het hopen. -Heren.
Tot ziens.
Is je oom er niet? -Ik ken hem niet.
Kent hij jou ook niet? -Nee.
Hoe vind je hem dan?
Dat is niet moeilijk. Hij heeft een legeruniform.
Kijk, hij misschien.
Dat is hem. -We gaan hallo zeggen.
Kom, Tony.
Bent u Tony Marconi? -Ja, oom.
Waarom noemt u me oom? -U bent de broer van zijn moeder.
Nee, ik ben maarschalk Palombini van de 2e binnenlandse compagnie.
Ik heb de opdracht Tony Marconi tegen te houden.
Waarom? -Kom mee naar de kazerne.
Victor, ze arresteren me.
Geen zorgen. We regelen het op de kazerne.
Maarschalk, wat hebben we misdaan?
Hij is een bekende zanger. We komen uit Amerika.
Als Italiaan-Amerikaan moest u kiezen tussen twee legers.
Twee jaar geleden tekende u deze verklaring…
…waarmee u het Italiaanse leger koos.
Ja, dat was ik vergeten. We zijn artiesten…
Hij is op wereldtournee. Dat staat hier ook.
Wie bent u? -Zijn manager, zijn agent.
Victor Santaniello.
Bent u Italiaans? -Oorspronkelijk.
Documenten, alstublieft.
Ik maak me zorgen. -Waarover?
We hebben ze voor de gek gehouden. Mijn trucje heeft gewerkt.
Denk je? -Ja, ik kan niet zien en jij hoestte.
Ze geloofden het. We hoeven niet in dienst.
Keuren ze ons af? -Ja.
We hebben ze voor de gek gehouden.
Wacht, daar komt de dokter.
No comments yet. Be the first to leave one.