200 บรรทัดแรก
Doe hem maar weg, Possum.
Hemelse Vader, zegen deze maaltijd en allen die ervan eten.
Maak ons dankbaar voor uw gulheid en uw oneindige liefde.
Herinner ons eraan om dankbaar te zijn voor wat ons gegeven is...
en niet om het onmogelijke te vragen.
En laat ons denken aan degenen die het moeilijker hebben dan wij.
Draai je bord om en leg je servet op schoot.
Neem maar wat okra, Frank, en geef het aan je vader.
We kregen gisteren een brief van je tante Gladys.
Ze hoopt dat we haar komen opzoeken in Oklahoma tijdens je vakantie.
Ik weet het niet. Ik dacht dat we het huis wel konden schilderen.
Ik ga wel.
Eén broodje maar, Frank.
Precies op m'n broodje.
Is de sheriff thuis, Mrs Spalding?
We zitten net te eten. Kan het niet wachten?
Nee, er zijn problemen... - Ik kom er al aan, Jack.
Sorry dat ik u stoor, maar er zit een dronken neger bij de spoorbaan.
Waar ga jij heen? - Ik ga met pa mee.
Niemand heeft gezegd dat jij van tafel mocht. Blijf nou maar hier.
Ik ben zo terug.
Wie was het? - Die knul van Wylie, sheriff.
Ha, die Mr Royce. Lekker weer, hè?
Je bent straalbezopen, Wylie. - Dat kunt u wel zeggen, ja.
Je weet toch wel beter? - Het spijt me, Mr Royce.
Kom je met me mee? - Een ogenblikje.
Ben je nou klaar, Wylie?
Geef me m'n pop terug.
Kom hier.
Er is iets met jullie vader gebeurd.
Niet kijken, lieverd.
Waar zijn jullie in godsnaam mee bezig?
Smeer 'm. En wel nu meteen, Glen.
Ik meen het.
Oh, zusje van me.
Gaan jullie maar naar binnen toe, jongens.
Ik vind het zo erg.
Ik wil niet dat iemand me zo ziet, Margaret.
Ik wil het niet. - Dat gebeurt ook niet.
We zouden in oktober vijftien jaar getrouwd zijn geweest.
We hadden twee kinderen.
En ik heb nooit geweten dat Royce daar een litteken had.
Dat heb ik nooit geweten.
Ik was bang dat je misschien niet zou komen.
Ik heb het net gehoord. Ik ben zo snel als ik kon gekomen. Gaat 't?
Het komt allemaal wel goed, schat. Ik ben er nu toch?
Ik weet hoe rot je je voelt.
Ik moest steeds denken...
Toen ik die arme man daar zag...
Wat zou ik gedaan hebben als jij daar had gelegen?
Wat moet ik als jou iets overkomt? - Mij zal heus niks overkomen.
Ik ben veel te gewoon.
Ik zou niet zonder jou kunnen leven.
Ik hou van je. Ik hou zo zielsveel van je.
Ik ook van jou.
Waar is Edna? - In de keuken, bij Margaret.
Hoe is het met Mrs Spalding? - Gaat wel.
Wil je het even overnemen, Vi? Ik ben zo terug.
Hier, lieverd.
Je moet echt iets eten.
Marie Thornton heeft hem gemaakt.
Hij is heel lekker.
Wat moet er van ons worden?
Ik kan m'n gezin niet onderhouden.
Ik heb geen idee hoe ik het moet redden.
Het is net...
of ik m'n hele leven niks anders heb gedaan dan kinderen grootbrengen...
en het huishouden doen.
Royce betaalde alle rekeningen.
Ik weet niet eens hoeveel hij verdiende.
Wat moeten we nou?
En gij zult het gewas van het veld eten.
In het zweet uws aanschijns zult gij brood eten...
tot gij tot de aardbodem wederkeert, omdat gij daaruit genomen zijt.
Want stof zijt gij en tot stof zult gij wederkeren.
Of ze nooit weg zouden gaan.
Laat mij dat maar doen. - Ga jij nou maar uitrusten.
Ik ga wel.
Heeft u misschien wat klusjes voor me te doen?
Nee, we hebben hier niks voor u. Gaat u maar weer weg.
Wegwezen.
Wat is er? - Ik vroeg of ik wat klusjes kon doen.
Nee, ik heb geen hulp nodig. Maar ik kan u wel wat te eten geven.
Wacht maar bij het hek.
Ik had toch gezegd dat u hier niet kon blijven?
Ik zag dat het brandhout op was, dus ben ik maar wat gaan hakken.
U kunt ontbijt krijgen, maar dan moet u echt weg.
Weet u, mevrouw...
u heeft hier een mooie kippenren.
Maar hij staat wel op instorten.
En u heeft ook een prachtige melkkoe. Die kan wel wat verzorging gebruiken.
U heeft zeker wel zestien hectare land.
Met de juiste hulp kunt u een aardige boterham verdienen met katoen.
U heeft alleen iemand als ik nodig die alles van katoen verbouwen weet.
Ik zou hier best kunnen blijven werken tegen kost en inwoning.
Nee, u kunt hier niet komen werken. Na het ontbijt moet u echt weg.
Er is nergens werkte vinden.
Het spijt me. Ik maak wat lekkers voor u klaar, en dan breng ik het wel.
Ik kan dat hek na het ontbijt nog wel even voor u repareren.
Dat lijkt me heel fijn.
Ik wacht buiten wel op u.
Goedemiddag, Mrs Spalding. - Dag, Mr Denby.
Ik stoor toch niet? - Nee, hoor. Komt u maar binnen.
Namens de Farmers First Bank wilde ik u laten weten...
dat u ons altijd om hulp kunt vragen als u die nodig heeft.
Ik weet niet hoeveel uw man u over zijn zaak heeft verteld...
maar gisteren bedroeg uw banksaldo 116 dollar en 72 cent.
Toen uw man dit pand kocht, heeft hij geld bij de bank geleend...
en bij z'n overlijden was hij de bank nog 3681 dollar schuldig...
te betalen in halfjaarlijkse termijnen.
Dat betekent dat u de bank op 15 oktober 240 dollar schuldig bent.
We vroegen ons af of u dat bedrag wel zou kunnen betalen.
Daar heb ik inderdaad al over zitten nadenken.
Rilla Langsford en haar zus hebben een cadeauwinkel en ik wil ook zoiets.
Ik zou aan wat leuke spulletjes kunnen komen...
Waarom zouden ze hierheen komen als de winkel van Langsford in 't dorp is?
We wilden u voorstellen om het huis maar te verkopen.
Het zijn moeilijke tijden...
maar misschien blijft er nog genoeg over als de schuld is afbetaald.
Waar moeten we dan wonen? - U heeft toch een zuster in de buurt?
Margaret kan ons niet in huis nemen. Daar heeft ze geen ruimte voor.
Als tragedies als deze plaatsvinden...
moeten we soms beslissingen nemen die ons heel zwaar vallen.
Soms is het nodig om gezinnen tijdelijk uit elkaar te halen.
Uw man heeft familie in Oklahoma. Die wil best wel voor de kinderen zorgen.
Ik kan er nu niet over praten. Het spijt me. U komt er wel uit, hé?
Zo, u kunt er voorlopig weer tegen. Dat is dan...
75 cent.
Tot over een paar weken, dan. - Dank je, Ruby.
Ik wist niet dat je bezig was. - Ik ging toch net weg.
Nergens aankomen, Possum. Let maar op je zusje, Frank.
Mrs Parks wilde dat we vijf pond tomaten zouden bezorgen...
dus kwamen we even gedag zeggen.
Waar is Rosalie? - Die is met haar papa weg, jongens.
Ga maar naar de keuken. Er staat cola in de koelkast.
Mag het, mama? - Toe maar.
Deel er maar een met je zusje, Frank.
Neem er allebei maar een, hoor.
Wat zeggen jullie dan? - Dank u, tante Margaret.
Ik zat eens te denken...
Kan ik hier niet komen werken? Ik weet er weinig van, maar ik leer snel.
Ik ben een harde werkster.
Ik heb net genoeg klandizie om Wayne en mij te onderhouden.
Ik snap het best. Laat ook maar zitten.
Kom jongens, het wordt donker.
Ik heb 28 dollar gespaard. - Niet doen.
Anders verkwist Wayne het toch maar. - Ik heb het niet nodig.
Kom op, jongens.
Je bent net als papa. Die zou nog niet om een kleinigheid durven vragen.
Ik spreek je morgen wel.
Sorry dat ik u zo laat nog stoor.
We hebben een neger betrapt met wat spulletjes van u.
Hij zei dat hij voor u werkte, maar volgens mij wilde hij 'm smeren.
Nee, hij werkt wel voor mij.
Ik had wat klusjes en toen heb ik... - Moses Hadnot.
Moses aangenomen tot ik alles weer op orde zou hebben.
Weet u dat zeker? Hij had al dit tafelzilver bij zich.
Het is van moeder. Margaret wilde het lenen.
Als je daar meteen heen gegaan was, was je niet in de problemen geraakt.
Is alles echt in orde, Mrs Spalding?
Dat was erg aardig van u.
Hoeveel zou ik precies kunnen verdienen met katoen?
Vorig jaar leverde het zes cent per pond op.
U heeft hier zo'n twaalf hectare, dus dat is iets van 300 dollar.
Met het plukken... - Kun je het aan?
Ik pluk al katoen sinds m'n vijfde. Ik weet alles van katoen.
Je kunt wel in het schuurtje slapen.
Ik stel het heel erg op prijs...
Als je ooit nog probeert te stelen, schiet ik je zelf neer. Begrepen?
Ik ben blij u zo snel weer te zien. Komt u maar even mee.
Gaat u daar maar zitten.
Zou u me misschien kunnen laten zien hoe ik een cheque moet invullen?
Ik heb het nog nooit eerder gedaan.
Natuurlijk, Mrs Spalding. Dat is echt doodsimpel.
Hier bovenaan zet u de datum neer.
Misschien is het toch niet nodig om de boerderij te verkopen.
Het is echt wel nodig. Dat heb ik u gisteren uitgelegd. Hieronder...
Maar als ik katoen ga verbouwen... - U weet helemaal niks van katoen.
Ja, maar Moses zegt... - Wie is Moses?
Dat is een neger. - Ik ken geen neger die Moses heet.
Hij was op doorreis en hij heeft wat klusjes gedaan.
Heeft die zwerver u ervan overtuigd dat u katoen moet verbouwen?
Heeft u weleens van de depressie gehoord?
Ziet u dit?
Dit zijn de faillissementen van de laatste tijd.
Dit zijn blanken met veel ervaring die het niet redden met katoen.
En dan luistert u naar zo'n neger.
Het spijt me om het te moeten zeggen, maar ik vind het oliedom.
Ik ben niet dom. En ik ga m'n land niet verkopen.
En ik laat m'n kinderen niet door een ander opvoeden.
Ik ga nu voor vijftien dollar katoenzaad kopen.
Laat u me dus maar zien hoe ik een cheque uitschrijf.
Dat is dan...
450 pond katoenzaad à 0,3 cent per pond.
Dat wordt dan bij elkaar dertien dollar en vijftig cent.
Laad het spul even op de wagen voor Mrs Spalding, jongens.
Hij berekent u topkwaliteit, terwijl hij u standaardkwaliteit geeft.
Is er iets mis, mevrouw?
Geeft u ons niet het verkeerde zaad, Mr Simmons?
Daar heeft u gelijk in.
No comments yet. Be the first to leave one.