200 dòng đầu tiên.
DE VREK Een komedie van MOLIERE
Bevallige Elise, wordt u melancholisch,
nadat u me van uw vertrouwen hebt weten te overtuigen?
Ik zie u zuchten, ondanks mijn vreugde.
Spijt het u, me gelukkig te maken?
Betreurt u wat u me beloofde?
Nee, Valere, ik heb geen spijt over wat ik voor u doe.
Een gevoel van tederheid zet me ertoe aan.
De wil tot weerstand ontbreekt me.
Maar mijn succes verontrust me ook.
Ik ben te verliefd, vrees ik.
Wat hebt u, in uw liefde voor me, te vrezen?
Ach! Honderd dingen tegelijk.
Mijn vaders drift, de verwijten van mijn familie, de kritiek.
Maar boven alles, Valère, de wisselvalligheid van uw hart
en de misdadige kilte waarmee mannen
een onschuldige, al te vurige liefde bestraffen.
Vergelijk me niet ten onrechte met anderen.
Verdenk me van alles, maar wees niet teleurgesteld.
Daarvoor heb ik u te lief.
Mijn liefde zal mijn leven lang duren.
Ach, Valère, iedereen zegt hetzelfde.
Hierin zijn alle mannen gelijk.
Alleen hun handelingen maken het verschil uit.
Als we ons alleen zo openbaren,
wacht dan af, voor u me inschat
en zoek geen euvel, uit onbillijke vrees en onzalig doemdenken.
Benadeel me niet met pijnlijk vernederend wantrouwen.
Gun me de tijd om u te overtuigen van m'n eerlijke hartstocht.
Ach!
Hoe licht men zich laat overreden door een teerbeminde!
Ja, Valère, ik acht uw hart vrij van bedrog.
Ik geloof dat u echt van me houdt en trouw zult zijn.
Daar twijfel ik niet aan.
Mijn verdriet verbleekt bij de angst voor een blaam.
Waarom bent u zo bezorgd?
Ik zou niets vrezen als iedereen u met mijn ogen zag.
In uw wezen vind ik voldoende gegrondheid voor mijn min.
Mijn hart kent uw kwaliteiten
en ik ben dankbaar dat het lot ons samenbracht.
Op elk moment staat het grote gevaar me voor ogen,
waarbij we elkaar ontmoetten.
Verbijsterend mild
waagde u uw leven, om het mijne aan de golven te onttrekken.
U verzorgde me zo teder,
nadat u me uit het water had gered.
U getuigt van een vurige liefde,
door de tijd, noch narigheden ontmoedigd,
en u verwaarloost uw ouders en vaderland
om in deze contreien
uw fortuin te verhullen
en u te vermommen als huisknecht voor mijn vader, om mij te zien.
Dat alles maakt grote indruk op mij
en het volstaat om mijn engagement jegens u te legitimeren.
Maar het volstaat misschien niet voor anderen
en ik weet niet of men mijn gevoelens begrijpt.
Van dit alles wil slechts mijn liefde
waarde hebben voor u.
Ondanks uw scrupules,
legitimeert uw vader zelf uw gedrag.
Zijn overdreven vrekkigheid
jegens zijn kinderen kon nog erger veroorzaken.
Vergeef me, als ik u zo toespreek.
Maar het is niet goed te praten.
Kon ik mijn ouders maar terugvinden.
Zij zouden ons wel gunstig gezind zijn.
Ik wacht ongeduldig op nieuws, desnoods zoek ik ze.
Ach, Valère, blijf toch hier
en zoek slechts mijn vaders genegenheid.
U weet hoe ik dat aanpak.
Hoe inschikkelijk ik was om zijn huisknecht te worden.
Onder het mom van sympathie en medegevoel
vermom ik me om hem te behagen.
Elke dag speel ik een rol om zijn affectie te winnen.
En met behoorlijk succes.
Om zijn gunst te krijgen,
is er niets beters dan hem naar de mond te praten,
zijn gebreken te loven en wandaden toe te juichen.
Men vreze geen teveel aan welwillendheid.
Ook al ligt het er te dik bovenop,
de slimsten zijn steeds de grootste slachtoffers van vleierij.
En niets is te onbeschaamd of belachelijk
als men het maar met lof voorschotelt.
De eerlijkheid lijdt onder mijn beroep,
maar wie anderen nodig heeft, past zich aan ze aan.
Als je ze alleen zo voor je wint,
is niet de vleier schuldig, maar hij die vleierijen zoekt.
Waarom zoekt u geen steun bij mijn broer,
mocht de dienster ons geheim verklappen?
We kunnen niet zowel de zoon als de vader ontzien.
Ze zijn als water en vuur.
Maar u zou uw broer kunnen beïnvloeden
om uw vriendschap
in ons belang te laten werken.
Hij komt. Ik trek me terug.
Spreek met hem en onthul slechts wat u nodig acht.
Ik weet niet of ik de kracht heb.
Wat fijn dat ik u alleen tref, zus.
Ik wil u 'n geheim verklappen.
Ik luister, broertje. Wat wilt u vertellen?
Een heleboel dingen, maar in een woord...
Ik ben verliefd.
Verliefd?
Ja, ik ben verliefd.
Maar ik weet dat ik van vader afhankelijk ben,
me aan zijn wil moet onderwerpen
en geen belofte mag aangaan
zonder ouderlijke instemming.
Ouders bepalen onze wensen.
De hemel gebiedt dat we gehoorzamen.
Want, voor hartstochten behoed,
vergissen ze zich minder dan wij
en weten ze beter wie we zijn.
Daarom is hun behoedzame inzicht raadzamer dan onze blinde passie.
Door onze jeugdige verve loopt het vaak bedroevend af.
Ik zeg u dit alles
om het niet van u te hoeven horen.
Want ik ben vastberaden
en wil niet berispt worden.
Hebt u zich met uw geliefde verloofd?
Nee.
Maar ik ben het wel van plan.
En probeer me er niet van af te brengen.
Vertrouwt u me dan niet?
Toch wel, zusje,
maar u bent niet verliefd.
U kent de zoete pijn van verliefd zijn niet
en ik vrees uw wijsheid.
Ach, broer, spreek niet over mijn wijsheid.
Iedereen is wel eens onverstandig
en als ik u mijn hart blootleg,
vindt u me vast roekelozer dan uzelf.
Bent u dan ook verliefd?
Maak eerst uw verhaal af
en zeg me wie u lief hebt.
Een jongedame
die onlangs in deze buurt kwam wonen
en die blijkbaar met iedereen goedhartig is.
De natuur maakte nooit iets lieflijkers.
Ik was meteen verrukt toen ik haar zag.
Ze heet Marianne
en woont samen met haar lieve moeder
die bijna steeds ziek is
en die zij met veel zorgen omringt.
Onvoorstelbaar.
Ze verzorgt en troost haar, ze praat met haar
met een ontroerende tederheid.
Bij alles wat ze doet, straalt ze iets moois uit.
Alles wat ze doet, doet ze met gratie.
Ze is vriendelijk en goed, eerlijk en lief, en...
Ach, kon u haar zelf maar eens zien!
Ik zie haar al helemaal voor me.
Als u van haar houdt, ben ik ook blij.
Ik vernam dat ze het niet zo breed hebben
en dat ze in al hun discretie
niet rond kunnen komen.
Stel u voor, zusje,
hoe fijn het voor me zou zijn om haar te kunnen helpen
door haar wat geld te geven
om aan hun bescheiden behoeften te voldoen.
Weet hoe onaangenaam het is
voor mij, te constateren
dat de gierigheid van vader
me die vreugde ontzegt
om haar zo mijn liefde te verklaren.
Ja, ik begrijp hoe pijnlijk dat voor u is.
Pijnlijker dan u denkt.
Bestaat er iets wreders
dan deze strenge spaarzaamheid,
deze absurde karigheid die hij ons oplegt?
Waartoe dient geld, als we er pas
in onze oude dag van kunnen genieten?
Als ik nu genoopt ben
om overal schulden aan te gaan
en, net als u, de handelaren hulp moet vragen
om gepaste kleren te kunnen dragen?
Help me om bij vader te peilen hoe hij op mijn gevoelens reageert.
Als hij ertegen is,
vertrek ik met haar naar andere oorden
om elders ons geluk te beproeven.
Met dit doel probeer ik overal geld te lenen
en als u zich in dezelfde situatie bevindt
en vader zich tegen onze wensen schrap zet,
laten we hem samen in de steek
en bevrijden we ons van zijn onuitstaanbare tirannie.
Elke dag geeft hij ons inderdaad
reden om de dood van moeder te betreuren...
Laten we elders verder praten
om hem later met gebalde energie aan te pakken.
Opkrassen! En spreek me niet tegen!
Maak je uit de voeten.
Uitgekookte oplichter.
Echt galgenaas!
Gemener dan hem bestaat niet.
Vervloekte grijsaard. De duivel!
Brom je binnensmonds?
Waarom verjaagt u me?
Die galgenbrok vraagt uitleg?
Eruit of ik ga slaan.
Wat heb ik misdaan?
No comments yet. Be the first to leave one.