ആദ്യത്തെ 143 വരികൾ.
Wat voorafging:
Het stond hier voor de oorlog al leeg.
Ik zie je over een paar dagen als je er dan nog bent.
Wat mankeert jou? Moira... - Nee, ik heet nu Ruby.
June? Je bent ongedeerd.
Weet je wat dit hier is en wat hier is gebeurd?
Het is een slachthuis. We gaan.
Dat gaat niet. Ze zoeken je overal. - Het zal wel.
Je bent een zwangere dienstmaagd.
We halen Hannah op en gaan naar het noorden.
Nee, dat doen we niet.
Welkom in Ontario. Heb je familie in Canada?
Hoe kan het dat je hier bent? - Je staat op m'n lijst.
God, in Wiens genade de gelovigen rust hebben gevonden...
zend Uw heilige engel om over deze plek te waken. Amen.
Vrouwen kunnen zich zo goed plooien, zei m'n moeder altijd.
Als je toch ziet waaraan we kunnen wennen.
Ik ben hier nu twee maanden. Waaraan ben ik gewend geraakt?
De Canadezen en Britten hebben hun oefeningen langs de grens opgevoerd.
Het is half acht. - Ja, ik had nachtdienst.
Mooi. Tijd voor een paar eitjes. Je bent veel te mager.
Goedemorgen.
Ik heb koffie. En er zijn ook eitjes, als je wilt.
Hoe gaat het?
Blijf niet de hele dag in bed liggen.
Ze maken zich vast op voor een inval in de staat New York.
Het is alsof het weer 1775 is.
Pak een bord. Ze zijn bijna klaar.
Dank je wel... mam. - Val dood.
Dat zei m'n moeder ook altijd. - Slimme vrouw.
Dat is maf.
Waarom heb je dit kapittel van de Zoons van Jakob gesticht?
Ik had er online over gelezen. Er is een Facebook-groep.
Het was vanwege de jongeren. Die hebben het niet altijd goed in deze buurt.
Ik wilde ze helpen en ze losweken van hun bende en hun zondige familie.
Ik klamp me vast aan strohalmen, maar strohalmen kunnen nuttig zijn.
Een van de varkentjes heeft er een heel huis van gebouwd.
Je was erbij... de hele tijd.
Maar niemand zag je.
Goed, er was toch iemand.
een vrouwenstem
We gingen eendjes voeren, zei ze.
Ik wist het wel, denk ik, of ik had het kunnen weten.
Wie gaat er 's avonds laat eendjes voeren?
Het deed er niet toe.
Ik genoot ervan om m'n moeder zo te zien.
Later zei m'n moeder dat ze de naam van hun verkrachter opschreven.
Ik weet nog dat ik dacht: er zijn zo veel papiertjes.
Het waren er zo veel dat het leek alsof het sneeuwde.
Maak jezelf niet gek met al dat gedoe. - Het is al te laat.
Dank je wel.
Je moet niet langer Rita's koffie stelen. Ze vermoordt je. Dat is geen geintje.
Je hebt me niet gewekt.
Als ik je wek, ga je weg. Dus wat heb ik erbij te winnen?
Ik moet ervandoor.
Ze hebben contact opgenomen. Bereid je erop voor dat je misschien weggaat.
Waarheen?
Ik weet het niet.
Ik kijk wat ik te weten kan komen. Ik hoop er dinsdag weer te zijn.
En Hannah?
Ik doe m'n best.
Ik kan niet weg.
Als jij veilig het land uit bent, is dat het beste voor iedereen.
Het is het beste voor mij. - Voor Hannah.
Voor iedereen.
Beter betekent nooit 'beter voor iedereen'.
Er komt veel op je af. Ik was een zombie in het begin.
Het ging van: Welkom in Canada. Alsjeblieft, ahornsiroop.
Je krijgt niet echt ahornsiroop.
Gaat het?
Ik zat bij het leger: logistiek en snelle inzet.
Uiteindelijk maakten ze Bewaarders van ons.
Een week later hing m'n eenheid lijken aan de muur.
Genderverraders.
Met een had ik verkering toen ik studeerde.
Er zijn hier traumacounselers.
De derde verdieping meteen tegenover de lift.
Het wordt gemakkelijker.
Dat beloof ik je.
Waar zijn de zakken? - Geen bestellingen deze week.
Dat wil zeggen: ik kom niks bezorgen, maar ik kom iets halen.
Nu?
Dat hebben ze me gezegd.
Komt Nick ook? - Wie is dat?
Ik heb boven nog spullen liggen. - Die gooi ik wel weg. Kom, achterin.
Kleine June.
Wat is er gebeurd?
We gingen naar de kliniek in Springfield. Je moeder moest daar werken.
Klotenazi's.
Dag, meisje. - Hoi. Shit, mam.
Het is niks. Iemand gooide een fles. - Artsen zijn de klos.
Het is schering en inslag. - Meestal mikken die eikels niet zo goed.
Je komt voor dat ding van je. - Ja, voor m'n staafmixer.
Hij ligt daar ergens.
Wat ga je doen? - Luke en ik gaan voor Moira koken.
Hij heeft een boek van Bittman en gaat ervoor.
Wat draag jij nou? - Ik kom regelrecht van m'n werk.
Ik werk voor een uitgeverij. Klein, wetenschappelijk.
Ik heb net promotie gemaakt tot assistent-redacteur.
Moira ontwerpt de website van een lesbocollectief.
Daar hebben we er meer van nodig.
Wacht hier.
Er komt zo iemand. God zij met je.
Ben je een goede of een boze heks?
Het hangt ervan af aan wie je dat vraagt.
Hoe heet je?
June Osborn.
De meisjesnaam van je moeder. - Maddox.
Kom. - Waar gaan we heen?
Een airstrip ten westen van Worcester.
Een man vliegt met smokkelwaar op en neer.
Op en neer waarheen? - Canada.
Het toestel landt morgen zodra het donker is.
Ik zet je af bij een onderduikadres.
Ze brengen je naar de airstrip. Het is iets van 400 m.
Wie zijn ze?
Geen idee.
Iemand die dapper is of dom, of beide.
Veel mensen zijn beide.
Kom mee.
Shit.
Wat?
Het spijt me. We...
Het spijt me enorm.
Het onderduikadres... Nee. Ga terug naar binnen.
Het onderduikadres is niet veilig. Wacht hier.
Het spijt me. - Dat kun je niet...
Terug.
Nee. Je kunt me hier niet achterlaten.
Kom.
Snel.
Bedankt.
Dank je. - Omlaag.
Kom.
Kom maar.
Neem me niet kwalijk.
Geen probleem. Dank je. God is goed.
Zeg geen woord.
Zo wonen de Economensen dus.
Zo zou ik wonen als ik niet overspelig was en naar de goede kerk zou gaan...
als ik het spel slim had gespeeld, als ik had geweten welk spel ik moest spelen.
Dag, grote jongen.
Wat moet jij zo laat nog op?
No comments yet. Be the first to leave one.