ആദ്യത്തെ 200 വരികൾ.
Toen hij besefte dat z'n bron van vermaak hem ontnomen was...
vergoot de Heer der Duisternis alle tranen die z'n lichaam bevatte...
en zette het dorp onder water waardoor een duivels meer ontstond.
Het gerucht gaat dat op stormachtige nachten...
de duivel terugkomt om het gebied te kwellen.
Wanneer zag u uw vrouw voor het laatst? - Ik weet het niet. Een uur geleden.
We liepen met ons drieën om het meer heen.
Dag 1.
We waren al een stuk verder dan zij.
We stopten om op haar te wachten, maar ze kwam niet.
Laten we dit gebied eerst doorzoeken.
We zullen haar toch vinden? - Natuurlijk wel.
Het spijt me vreselijk.
Commandant. - Kom terug. We hebben haar gevonden.
Hoe kan dat? - Ik stootte m'n hoofd en viel flauw.
Wie is dat dan?
Het spijt me echt.
Gaat het, mam? Doet het pijn?
Ik moet eerlijk zeggen dat ik therapie maar niets vind.
Waarom bent u dan hier?
Omdat Lise het een goed idee vond. Toch?
En u? Bent u gelukkig?
Projecten houden een stel toch bij elkaar? Die hebben wij niet.
We hebben elk ons eigen leven en zien elkaar 's avonds. Dag in dag uit.
Pardon, sorry. Ik dacht dat ik hem uitgezet had.
Ik moet opnemen. Het is m'n werk. Het spijt me.
Ja.
Waar?
Neem me niet kwalijk. Ik heb geen keus. Het is een noodgeval.
Tot ziens, mevrouw. Maak jij een nieuwe afspraak?
Nou. Dat vat de situatie perfect samen.
Zet het gebied af.
Dag, adjudant. Hier zijn uw handschoenen.
Weten we wie ze is? - Nee, ze had geen papieren bij zich.
De duikers dachten dat ze was gevallen en verdronken of zelfmoord gepleegd had.
Tot ze deze wond vonden.
Er was iets in haar mond gestopt. Met geweld.
Gaat het? - Ik ben niet gewend aan moordgevallen.
Ik ook niet, aan zoiets gewelddadigs.
De recherche van Clermont zal de zaak overnemen, hè?
Ja, zij hebben meer ervaring dan wij.
Net als u.
Ah, baas.
En? - We wachten nog.
Pardon.
Bruno. Er moet een lijk in het meer liggen om je hier te krijgen.
Hoe gaat het ermee?
Dit is Nicole, een oude vriendin.
Kom op, niet zo oud.
Hoe is het met Lise? - Goed.
Zullen we gaan? - Ja.
Dus...
Stéphanie.
Ik had haar niet herkend.
Kennen jullie haar?
Ze was de zus van een schoolvriendin.
Het spijt me. Ga verder.
De moordenaar heeft haar aangevallen.
Ik denk dat ze gestompt en geschopt is.
Gewelddadig, met woede. Maar dat heeft haar niet gedood.
Zien jullie deze wond hier? Er zaten sporen van graniet in.
Ik denk dat de fatale klap met een steen toegebracht is.
Geen water in haar longen, ze is niet verdronken.
Maar dat is niet het interessantste deel.
Haar mond? - Precies.
De moordenaar heeft aarde in haar mond gestopt.
Het water heeft het uit haar mond gespoeld.
Maar haar keel zit er vol mee.
Is ze daardoor gestikt?
Nee. Ze heeft niets ingeslikt. Dit gebeurde ook na haar dood.
Een symbolisch gebaar? - Misschien.
Alsof ze werd gestraft omdat ze te veel praatte?
Ja.
Het meer, de aarde, dat doet me denken aan de legende van het Pavinmeer.
Wie moordt er nou gebaseerd op een middeleeuwse legende?
We hebben eerder lijken in het meer gevonden. Niet allemaal zondaars.
Kunt u uitzoeken waar de aarde vandaan komt?
Om de plaats delict vast te stellen. - Ja, natuurlijk.
De grond heeft een aparte samenstelling door de vulkanische oorsprong.
Is ze seksueel misbruikt? Ik moet het haar ouders vertellen.
Nee, ik heb niets gevonden.
Wat was de legende waar u het over had? - De legende van het Pavinmeer.
Een oud verhaal hier.
In de middeleeuwen heeft het meer iedereen in Besse opgeslokt...
vanwege hun zonden.
Een soort goddelijke straf.
Daarom vrezen velen het meer.
M'n vader zei altijd...
dat we in het meer zouden eindigen als we stout waren. M'n zus en ik.
Het hoort bij de plaatselijke folklore.
Wanneer zal de recherche van Clermont het overnemen?
De officier van justitie zei dat ze het druk hebben en we de zaak zelf houden.
De enige keer dat ik liever wilde dat zij het overnamen.
Zet me hier maar af.
Onderzoek haar leven, werk, familie, vrienden, minnaars.
Ja, meneer.
Nou, laten we maar gaan.
Heeft ze geleden? - Dat weten we nog niet.
Je moet toch een idee hebben.
Ze is waarschijnlijk geslagen.
Ze is snel gestorven. - O, god.
Caroline. En nu Stéphanie.
Onze eerste dochter is 15 jaar geleden omgekomen bij een auto-ongeluk.
Hebben jullie aanwijzingen? - Nog niet, sorry.
Maar de omstandigheden rond haar dood suggereren dat de moordenaar haar kende.
Had ze ruzie met iemand? - Nee...
Stéphanie had geen vijanden.
Ze was aardig en attent. Dat weet je.
Een vriendje misschien? - Nee.
Ze had niemand.
Ze zei dat ze geen tijd had.
Maar eerlijk gezegd...
wilde ze na Carolines dood alles in handen nemen hier.
Ze bracht haar moeder naar de oogarts toen ze staar had.
Ze hield de boekhouding bij van de boerderij. Alles.
Ik zei dat ze haar eigen leven moest leiden, maar ze luisterde niet.
Haar leven draaide om ons en haar werk.
Over het werk gesproken, hoe ging het daarmee?
Ze was net benoemd tot directeur van de thermen.
Als ze problemen had, heeft ze ons dat nooit verteld.
Wanneer zag u haar voor het laatst? - Gisteravond bij het eten.
Maar ze had haast, ze vertrok voor het dessert.
Weet u waarom?
Ze zei dat ze moe was vanwege de druk op het werk.
Maar het was iets anders, ze bleef op de tijd letten.
Heeft u de sleutel van Stéphanies flat?
Ik ga er wel heen.
Olivier, zoek uit wie Stéphanie gisteravond heeft ontmoet.
Bekijk haar rekeningen, e-mails, alles.
Ik zie je op het politiebureau.
U lijkt de familie Jourdain goed te kennen.
M'n broer en ik trokken altijd met hun dochters op.
Eerste kroegen, eerste zuipfeesten. We zetten samen de bloemetjes buiten.
Tot het auto-ongeluk?
Het wat?
Waarbij hun dochter omkwam. Caroline.
Ja. En m'n broer ook bijna.
Hoezo?
Op weg naar huis, na een avondje stappen.
Iedereen was dronken, hij besloot te lopen.
De auto heeft eerst hem aangereden en is toen tegen een boom geknald.
De bestuurster was dronken en raakte zwaargewond.
Stéphanie was ongedeerd. Bij wijze van spreken.
Caroline was op slag dood.
En uw broer? - Zwaar toegetakeld, maar hij leefde nog.
Aurélie. We hadden geen... - Ik ben hier voor m'n werk.
Tot snel dan.
Kennen jullie elkaar? - Hij is een vriend.
Is dat alles? - Ja, dat is alles.
Pardon, u kunt naar boven gaan. De adjunct-directeur wacht op u.
Bedankt.
Ze is als assistent begonnen en heeft zich opgewerkt.
Haar vastberadenheid was ongelooflijk.
Kijk. Tien dagen geleden. Het label 'excellentie in toerisme'.
Ze heeft er hard voor gevochten.
'Gevochten'? Is het zo moeilijk te verkrijgen?
We waren niet goed genoeg en moesten alles reorganiseren.
Wat bedoelt u met 'alles reorganiseren'?
Zijn er mensen ontslagen? - Ja.
We moesten enkele werknemers ontslaan.
Misschien was er iemand boos geworden.
Boos genoeg om te doden? Zeker niet.
De ontslagvergoedingen waren uitstekend.
'Sterf, trut. Ik maak je af.
Hier ga je voor boeten. Het is walgelijk wat je hier gedaan hebt.'
Gelukkig waren de ontslagvergoedingen uitstekend.
Stuur me de lijst van iedereen die ontslagen is.
Ik begrijp het niet, we hielden allemaal van haar.
We vormen een grote familie.
'Een grote familie.' Van z'n studie economie.
'Sterf, trut' is niet erg vriendelijk. Het lijkt erop dat Stéphanie hardvochtig was.
Zo herinner ik me haar helemaal niet.
Ze was een humanistische hippie. Gul, zorgzaam voor anderen.
Net als Caroline. - Ze was nog maar een tiener.
Als je werk je leven is, kun je snel te ver gaan.
Werkt uw vriend de arts al lang in de thermen?
Een jaar of tien. Hoezo?
We moeten met hem praten. Hij kent de situatie vast beter dan die jonge vent.
Ja, Stephanies management heeft slachtoffers gemaakt.
De adjunct-directeur had het over een interne reorganisatie.
Dat zeggen ze om het mooier te laten klinken.
Maar Stéphanie was overal toe bereid om jongere klanten aan te trekken.
Hoezo?
Ze wilde behandelingen invoeren die in de mode waren...
zoals chocolademassages, en traditionele zorg afschaffen.
Die vond ze ouderwets.
En ze ontsloeg het betreffende personeel. - Dat klopt.
Het oudere personeel nam dat niet goed op.
Niet makkelijk om met haar te werken. - Over het algemeen was ze aardig.
Maar als je haar tempo of ideeën niet volgde, werd ze meedogenloos.
Verzette niemand zich tegen haar methodes?
Er is hier niet veel werk. Mensen willen hun baan houden...
en houden hun mond. Ik als eerste.
Past de modder in haar mond bij de theorie van een wraakzuchtige werknemer?
Die Stéphanie wilde spreken om erover te praten?
Ja.
Denk het je in. De gemoederen raken verhit.
De man, of de vrouw, slaat door en vermoordt haar...
en vult haar mond met de modder, waar hij nooit meer mee zal werken.
Is dat niet aannemelijker...
No comments yet. Be the first to leave one.