ആദ്യത്തെ 200 വരികൾ.
Hij is een wereldwijd bekende spirituele leider,
een geleerde,
een vredesactivist,
een schrijver en een dichter.
Wereldwijd gerespecteerd om zijn onderricht over mindfulness,
blijft hij een bescheiden Boeddhistische monnik
die zich het meest thuis voelt in de stilte van de natuur,
omringd door zijn gemeenschap.
Thích Nhất Hạnh heeft meer dan honderd boeken geschreven,
die wereldwijd door miljoenen worden gelezen.
Martin Luther King nomineerde hem publiekelijk,
voor de Nobelprijs voor de Vrede.
Maar hoe kon deze bescheiden zoeker uit centraal Vietnam?
de verschrikkingen van de oorlog doorstaan,
en tevoorschijn komen als een spirituele pionier,
die de leer van de Boeddha naar het Westen bracht,
en een kracht werd voor verandering in de wereld?
EEN WOLK STERFT NOOIT
Thích Nhất Hạnh werd geboren in centraal Vietnam in 1926,
onder de Franse koloniale overheersing.
Zelfs als kind,
was hij zich bewust van de politieke instabiliteit
en onrust in zijn land.
Toen hij negen jaar oud was,
zag hij een afbeelding van de Boeddha op de voorkant van een tijdschrift,
en ervoer een diep verlangen om net zo kalm en vredig te zijn
als die Boeddha.
Toen hij zestien jaar oud was,
werd hij novice monnik in de Từ Hiếu tempel
in de keizerlijke stad Huế.
Daar begon hij met zijn zenmeditatietraining,
terwijl hij ook buffels hoedde en in de rijstvelden werkte.
Al snel beheerste hij klassiek Chinees en Frans,
en legde hij zich toe op de studie van oude Boeddhistische geschriften.
Hij doorstond de Japanse bezetting
en de grote hongersnood die daarop volgde.
Terwijl veel van zijn leeftijdsgenoten hun toevlucht namen
tot buitenlandse ideologieën en geweld,
was hij vastbesloten om een andere manier te vinden
om zijn mensen van hun lijden te bevrijden.
- Toen ik opgroeide was Boeddhisme erg traditioneel,
en toch was ik ervan overtuigd
dat als we het Boeddhisme konden vernieuwen,
we veel mensen konden helpen.
Dat was omdat ik had geleerd dat er in het verleden
tijden waren geweest
dat het Boeddhisme in staat was om vrede te helpen herstellen.
Het is mijn overtuiging dat als het Boeddhisme
dat in het verleden kon,
het dit ook in het heden kan doen,
als wij in staat zijn het Boeddhisme te vernieuwen,
om er weer een levende traditie van te maken.
Als jonge monnik nam hij de naam 'Nhất Hạnh' aan,
wat ‘Eén Actie’ betekent.
Vastberaden het Boeddhisme te vernieuwen,
werd hij een van de eerste monniken van zijn generatie
die natuurwetenschap studeerde,
literatuur, economie en Engels.
Hij realiseerde zich al snel
dat monniken de maatschappij meer moeten bieden
dan alleen gezangen en gebeden,
en hij ontwikkelde het inzicht van ‘Geëngageerd Boeddhisme’
Stel dat je mediteert
in de meditatiehal,
en als je de bommen hoort
vallen
rondom
de meditatiehal is nog niet geraakt door een bom,
je bent veilig,
maar omdat je aan het mediteren bent
ben je je bewust dat er bommen vallen,
die huizen en mensen rondom de meditatiehal vernietigen
en je weet dat je gewoon niet verder kunt gaan
met zitten in de meditatiehal,
daarom ga je naar buiten, de meditatiehal uit
om mensen te helpen.
En dat wordt “meditatie in actie” genoemd.
in 1954,
toen het communistische Noorden
en het anti-communistische Zuiden om de macht vochten
was Vietnam verdeeld en geweld raasde.
Hij mediteerde intensief
gedurende deze tijd van verdriet en wanhoop
Pas toen hij de beoefening van aandachtig ademen ontdekte
in een oude tekst, vond hij de sleutel om zijn lijden te helen.
Hij breidde de beoefening uit
door een nieuwe manier van loopmeditatie te ontwikkelen,
door het gewaarzijn van de ademhaling
te combineren met iedere stap.
Deze praktische methodes voor het omgaan met pijnlijke gevoelens
kwamen centraal te staan in zijn onderricht,
en worden tegenwoordig toegepast door mensen over de hele wereld.
Hij richtte met zijn vrienden een centrum op in de bergen
waar ze geestelijk konden herstellen.
Ze noemden het "Phương Bối":
"Geurige Palmbladeren."
Ze realiseerden zich
dat alleen door samen te komen als een gemeenschap,
dicht bij de natuur,
konden zij de onderdrukkende atmosfeer
van angst en wanhoop weerstaan,
en hun inspanningen
om het Boeddhisme te vernieuwen volhouden.
Het was in deze tijd
dat Thích Nhất Hạnh een jonge biologiestudente ontmoette
die bezig was met een nieuwe aanpak voor sociaal werk
in de sloppenwijken van Saigon.
Door zijn leer geïnspireerd,
kwam zij ertoe zijn medewerker voor het leven te worden.
Later ontving ze de naam zuster Chân Không (ware leegte).
Slechts vier jaar later bereikte het dodelijke oorlogsgeweld Phương Bối.
Thích Nhất Hạnh en zijn vrienden
waren genoodzaakt hun veilige toevluchtsoord te verlaten
en hun droom verdampte als een wolk.
In 1961,
toen de oorlog voortduurde,
reisde Thích Nhất Hạnh voor studie en doceren
naar de universiteiten van Princeton en Columbia, in de Verenigde Staten.
Het was een tijd voor rust en herstel
van de verschrikkingen van de oorlog.
Zijn meditatie verdiepte zich
en hij ontdekte de mogelijkheid van ware vrede,
vrij te zijn van haat,
angst en verdriet,
in het hart van het huidige moment.
Later beschreef hij zijn inzichten daar
als "de eerste bloesems van ontwaken"
Toen het onderdrukkende Diệm-regime in Zuid-Vietnam omver was geworpen,
werd Thích Nhất Hạnh gevraagd terug te keren
om te helpen de Boeddhistische vredesbeweging te leiden.
Al gauw werd hij een lichtend voorbeeld in deze geweldloze
"derde macht"
die weigerde partij te kiezen in dit conflict.
Hij en zijn collega’s stichtten een uitgeverij,
een universiteit,
en een toonaangevende Boeddhistische krant
dat wekelijks 50.000 exemplaren drukte.
De krant berichtte over de protesten en publiceerde zijn vredesgedichten.
Deze werden overgenomen door bekende zangers uit die tijd
en werden gezongen in de straten.
- Dit is een gedicht dat ik schreef tijdens de oorlog in Vietnam,
Vannacht zijn de maan en de sterren getuige.
Laat mijn vaderland,
laat de Aarde bidden
voor Vietnam, haar doden
en branden, rouw en bloed
dat Vietnam zal herrijzen uit haar lijden
en die zachte nieuwe wieg mag worden
voor de komende Boeddha.
Laat de Aarde, mijn land,
bidden dat nog eens de bloem bloeit.
De radio van Saigon,
de radio van Hanoi,
de radio van Peking,
begonnen de gedichten aan te vallen
omdat ze opriepen voor vrede.
Niemand wilde vrede.
Ze wilden vechten tot het eind.
Ik heb veel geleden.
Ik heb geleerd
wat oorlog is.
Ik heb broeders en zusters zien sterven.
En ikzelf,
ontsnapte aan de dood
ternauwernood.
in 1965,
stichtten Thích Nhất Hạnh en zijn collega's
de School van Jongeren voor Sociale Dienstverlening,
een onpartijdig "vredeskorps"
Zij trainden duizenden jongeren
om naar het door de oorlog verscheurde platteland te gaan
om verwoeste dorpen te herbouwen.
Maar het was gevaarlijk werk
en verschillende studenten waren doelwit en werden gedood
Wij volgden een programma
van plattelands-ontwikkeling.
We bouwden buurt- scholen in dorpen.
We werkten met wezen, oorlogsslachtoffers,
en ik kan wel zeggen dat we leerden
van vele leraren,
en onder deze leraren, ons eigen lijden,
onze eigen moeilijke situaties.
In februari 1966,
stichtte Thích Nhất Hạnh een nieuwe Boeddhistische orde.
Tegenwoordig heeft deze orde meer dan drieduizend leden wereldwijd.
De Orde van Interzijn werd geboren
als een spirituele verzetsbeweging.
En het is compleet gebaseerd op de leer van de Boeddha,
en als je de Eerste Aandachtsoefening leest
dan weet je dat het gaat
om de oefening van niet gehecht zijn aan denkbeelden
vrij zijn van alle ideologieën.
Dit is een direct antwoord op de oorlog.
De Eerste Aandachtsoefening:
“Bewust van het lijden veroorzaakt door fanatisme en onverdraagzaamheid,
zijn wij vastbesloten niets te verheerlijken
en ons niet vast te klampen aan enige doctrine,
theorie, of ideologie,
zelfs Boeddhistische…
Dit is de brul van de leeuw.
No comments yet. Be the first to leave one.