ആദ്യത്തെ 200 വരികൾ.
EEN NETFLIX COMEDY SPECIAL
Dank je wel.
Jeetje. Dank je wel.
Dank je wel.
Wat fijn.
Ik vergeet er bijna door dat we over een week dood zijn.
Grapje. Over een maand waarschijnlijk.
Weet je nog dat we dachten dat de pandemie voorbij was?
Iedereen was zo blij. 'We hebben het gered.'
We moeten er zo dom hebben uitgezien.
Iedereen klopte zichzelf op de schouder.
'Ik ben blij dat ik de zieken kon helpen door thuis te blijven.'
'Is het niet voorbij? Ik ga niet terug, hoor.
Laat die zieken maar doodgaan.'
Want het is niet voorbij.
De pandemie is als een tv-serie die geannuleerd leek te zijn...
en toen door Netflix werd overgenomen.
Ik was eigenlijk niet voorbereid op nog een seizoen.
Ik weet niet hoe het met jou zit, maar ik was niet van plan m'n familie nog te zien.
Ouders begrijpen het.
Het is net als een luier verschonen midden in de nacht.
Je bent kapot. Het is walgelijk. Maar het moet gebeuren.
Dus je verschoont de luier, krijgt eindelijk de trappelzak weer aan...
en terwijl je de baby zo rustig mogelijk weer teruglegt...
hoor je hoe de luier zich weer vult.
Zo is het jaar 2021.
Steeds weer opnieuw.
Een luier die zich steeds opnieuw vult.
Ik mis het begin van de pandemie een beetje.
Toen was het leuk.
Toen we dachten dat onze handen wassen ons zou beschermen.
'Was je handen. Dan komt het goed.'
'Oké.'
Voordat er sneltests beschikbaar waren, had iedereen een vriend die opschepte:
'Ik heb al COVID gehad. In '91.
Toen heette het COVID-91.
Ik kreeg het een paar keer. Het ging over toen ik m'n handen waste.'
Want de symptomen waren verwarrend. Nog steeds.
'Wat zijn de symptomen?' 'Alles.'
'Hoezo, alles?'
'Een vraag stellen is een symptoom.'
'Dat kan niet waar zijn.'
'Ontkenning is een veelvoorkomend symptoom.'
Veegden jullie je boodschappen af? Ik wel.
Het voelde zo dom.
'Ik ben een normale man die een doos crackers schoonmaakt.'
'Voelt een dwangneurose zo?'
Een paar weken later zei je: 'Ze zien er schoon uit.'
'Ik heb ze schoongemaakt.'
Maar je moest voorzorgsmaatregelen nemen.
Er was geen overeenstemming. Iedereen had grote praatjes.
'We zitten in lockdown. Geen werk, geen school.
We hebben onze bubbel.
Mijn gezin en twee mensen met wie we wekelijks seks hebben.
Beter voorkomen dan genezen.'
Want iedereen maakte dezelfde pandemie mee...
maar we hadden niet dezelfde ervaring.
Er waren factoren.
Als je 25 en gezond was, dacht je: het zal wel. Ik ga op een COVID-cruise.
Maar als je ouder dan 25 was, en je zou het niet zeggen, maar dat ben ik...
volgde je het nieuws wat beter.
Daar zeiden ze: 'Oudere mensen lopen meer risico.'
En jij dacht: Hoe oud?
Echt oud of iemand die op school geen mobieltje had?
Toch?
Want niemand vindt zichzelf oud.
Je leeftijd wordt je af en toe duidelijk gemaakt als een klap in je gezicht.
Ik deed eens een benefiet voor een ziekenhuis. Een chic evenement.
De vrouw die het organiseerde, zei tegen me:
'Jeetje. We gingen naar dezelfde universiteit.'
Ze was jonger, maar we ontdekten dat we naar dezelfde gelegenheden gingen.
Toen het was afgelopen en ik weg wilde gaan...
zei ze: 'Ik moet weten wanneer je bent afgestudeerd.'
Ik zei: '1988.'
Ze zei: 'Jeetje. Ik ben in dat jaar geboren.'
Pets.
In mijn gezicht. Ik wist niet wat ik moest zeggen.
Ik zei: 'Ik ben ook in dat jaar geboren.'
Ze keek me zo aan van: dat is niet grappig.
Ik stapte in de auto en propte me vol eten...
tot ik niks meer voelde.
Soms moest je het nieuws ontcijferen.
De nieuwslezer zei:
'Ouderen en mensen met comorbiteiten zijn kwetsbaarder.'
Co wat?
Comorbiteit.
We ontdekten uiteindelijk wat het betekende:
'Alle dikzakken gaan dood.'
Maar dat konden ze niet zeggen op het nieuws.
Sanjay Gupta kon niet zeggen: 'Nou, Anderson, alle dikzakken gaan dood.'
Daarom zeiden ze comorbiteiten.
Thuis zeiden we: 'Schat, wat is een comorb...?'
'Geen idee. Geef de jus eens.'
Na enige tijd ontdekten we dat ze het over dikke mensen hadden.
En als je overgewicht had, dacht je: Hoe dik?
Bedoelen ze Walmart-dik of Jim Gaffigan-dik?
De boodschap was duidelijk.
Helemaal. Ik begon te trainen. Ik ging gezond eten. Het ging goed.
En op een dag keek ik in de spiegel en dacht: Nu is het genoeg.
Leven of dood bleek niet zo'n grote motivator.
'Je kunt langer leven.'
'Niet goed genoeg.
Kun je er een pizza bijdoen of zo?'
Ik heb het geprobeerd.
Mijn vrouw kocht een weegschaal voor me, dus de romantiek is er nog.
Ik vroeg er niet om. Het was een cadeau.
Ik zou dat nooit kunnen.
'Gefeliciteerd, schat. Ik heb een weegschaal en make-up voor je.
Ik zorg gewoon voor je, lieverd.'
Het is een high-tech weegschaal met app, zodat de overheid weet hoe dik ik ben.
Ik weet niet waarom er een app is.
Misschien om het slachtoffer te zijn van gijzelsoftware.
'Betaal of we vertellen iedereen hoe dik je bent.'
'Maar ik heb geen cryptovaluta.'
Ik stelde de app in, ging op de weegschaal staan...
en mijn gewicht verscheen op de telefoon: 68 kilo.
Oké dan, boven de 90.
Oké, ver boven de 90.
Als het een ouderwetse weegschaal was, zou je het getal niet kunnen zien.
Maar minder dan 135.
En onder mijn gewicht stond een woord in kleine rode letters.
Ik had m'n bril niet op, ik vroeg m'n dochter:
'Wat staat daar?' Ze zei: 'Obees.'
Pets. Recht in het gezicht.
Ik keek mijn dochter aan en zei: 'Ik moet die app updaten.'
Toen rende ik naar de keuken en propte me vol tot ik niks meer voelde.
We dragen nog mondkapjes.
Er was een tijd dat niemand dat hoefde. Dat was een leuke dag.
Weet je de eerste keer nog dat je zonder mondkapje naar buiten ging?
Dat was vreemd, hè?
Je voelde je naakt. Je dacht: Ik ben net een Europeaan.
Is dit de Franse Rivièra?
Ik wilde eigenlijk een stringmondkapje dragen.
Smaakvol en toch ondeugend.
'Ik kan zijn wangen zien, maar toch is het mysterieus.'
Rond en bleek en vrijwel kaal
Loopt de jongen uit Indiana voorbij
En als hij langsloopt zeggen alle mensen:
Getsie.
Eerst was het vreemd om gezichten zonder mondkapje te zien.
Je wilde tegen sommigen zeggen: 'Blijf er maar een dragen.
Het staat je beter. Het is beter voor iedereen.'
Heb je mensen tijdens de pandemie leren kennen, alleen met een mondkapje op?
En toen je ze zonder zag, dacht je: Getver.
Je voelde je bedrogen.
'Je gezicht past helemaal niet bij je stem. En wie heeft je kin gestolen?'
De grootste onthulling van de pandemie was hoeveel gekken er zijn.
Dat was best verrassend.
We wisten dat er Unabombers waren...
maar niemand wist dat het er zoveel waren.
Of dat er familieleden tussen zaten.
Want iedereen had een familielid of vriend die totaal gestoord bleek.
'Ik geloof niet meer in de realiteit.'
'Goed om te weten.'
Het was een geslachtsonthulling voor krankzinnigheid.
'De waarheid is niet langer waar.' 'Ik zie je met Thanksgiving.'
Het is mij vaker overkomen...
omdat veel vrienden van mij excentrieke ideeën hadden.
Gewoonlijk was dat vermakelijk.
Ze zeiden: 'Bigfoot bestaat, man.'
Maar diezelfde persoon zei een keer tijdens de pandemie:
'Tom Hanks eet baby's.'
'Zeg dat toch niet.'
'Toch is het zo. En als je het niet gelooft, eet jij baby's.'
Oké.
Tom Hanks eet baby's.
Hij leek me altijd al een baby-eter.
Wat ik het meeste miste tijdens de lockdown waren restaurants.
Ik weet dat dat verrassend is.
Ik besefte niet hoeveel ik ze miste tot ik weer uit eten ging...
en merkte dat ik het eten van anderen intimideerde.
'O, ja. Wat ik niet met jou zou doen.
Geef me een vork en mes.'
'Jim, er zijn mensen hier.'
Dit klinkt als geslijm, maar de pandemie was het zwaarst voor moeders.
Zeker weten.
Of voor de mannen die met die moeders moesten leven.
Het was gestoord... Ik weet niet hoe mijn vrouw het deed.
Onze vijf kinderen moesten afstandsonderwijs volgen.
En ze leerden goed afstand te houden van onderwijs.
We verlangden dat ze schoolwerk deden...
op hetzelfde apparaat waar ze Minecraft op spelen.
Alsof een groep Weight Watchers bijeenkomt...
in een fastfoodrestaurant.
Het was gestoord.
Ik kreeg echt door hoe moeilijk het is om leraar te zijn.
En wat een slechte beroepskeuze dat was.
Toch?
Na het eerste kratje whisky zei ik tegen mijn vrouw:
'Zo gauw dit voorbij is en we weg kunnen...
mag je overal mee naartoe. Waar je maar wilt.'
Ze zei: 'Ik wil naar Hawaï.'
Ik zei: 'Ik dacht meer aan het Driestatengebied.'
Ze zei: 'Ik wil naar Hawaï, met de kinderen.'
Ik zei: 'Welke kinderen?'
Ze zei: 'Onze kinderen.'
Dat bleek goedkoper dan een scheiding...
dus gingen we naar Hawaï.
Hawaï is een bijzondere plek. Echt waar.
Er heerst die Aloha-mentaliteit.
No comments yet. Be the first to leave one.