The first 200 lines.
FINANCIER MARTIN W. SEMPLE OVERLEDEN IN ITALIË
VOORAANSTAAND BURGER OMGEKOMEN BIJ AUTO-ONGELUK
TESTAMENT VAN BANKIER SPOEDIG BEKEND
ERFGENAAM VAN SEMPLE NOG ONBEKEND
Corny, ik ben toch niet achterlijk?
Semple's juristen weten wie de erfgenaam is.
Ik heb je vaak genoeg gematst. Wie krijgt Semple's poen?
Je bent aan het verkeerde adres. Ik ben persagent.
Een krant? -Op zoek naar de erfgenaam.
Hang op. -Sorry, Mac. Ik kan niet...
Ik ben geen jurist. -Hang op.
Mr Cedar wel. Die heb ik al twee dagen niet gezien.
Cedar, we moeten iets met de pers. -Interesseert me niet.
Het is een mooi verhaal. Ergens is iemand die zomaar 20 miljoen krijgt.
Eerst moet ik de man zien te vinden. Dan moet jij de pers weghouden.
Als ik m'n salaris maar krijg.
We weten waar hij woont. -Ja, John. We hebben hem.
Longfellow Deeds, 28, Mandrake Falls, Vermont.
Goddank. -Stuur een telegram.
Ik ga er zelf heen. Anderson en Cobb, jullie gaan mee.
Boek drie treinreizen naar Mandrake Falls, Vermont.
Waarheen? -Naar Mandrake Falls.
'Welkom in Mandrake Falls.
Waar het landschap u boeit.
En geen tegenspoed u vermoeit.
Welkom in Mandrake Falls.' Dat is mooi.
Woont hij hier? -Ja, in dit stadje.
Ik hoop dat ik niet voor niets gekomen ben.
We hebben alles gecheckt. Hier woont hij.
Ik zie een inboorling. We vragen het hem.
Goedemorgen. -Goedemorgen, samen.
Dat is een goed begin. Het ijs is ten minste gebroken.
Kent u iemand die Longfellow Deeds heet?
Deeds? Ja, sir. Inderdaad.
Iedereen kent Deeds. -Hij speelt een spelletje, denk ik.
We willen met 'm in contact komen.
Met wie? -Met Deeds. Wie anders?
O ja, Deeds. Aardige vent. Heel democratisch.
Dat kost u geen moeite, hij praat met iedereen.
We vragen 't iemand anders.
Als hij weer komt, houd ik hem vast terwijl u vragen stelt.
Goedemorgen, samen.
Kent u ons nog? We stonden hier zonet ook.
Ja, inderdaad. Ik vergeet nooit gezichten.
Luister eens.
We komen helemaal uit New York om Deeds op te zoeken.
Het is erg belangrijk.
Hou je handen thuis. Vraag het gewoon.
Doe dan alsjeblieft even alsof ik het vraag.
Waar woont hij? -Wie?
Longfellow Deeds. Waar woont hij?
O, wilde je dat weten? Had dat dan meteen gezegd.
Die kerels doen zo vaag. Ik breng jullie erheen met de auto.
Als ze 't hadden uitgelegd, had ik het begrepen.
Komt u binnen, heren.
Is Mr Deeds er? -Nee.
Hij richt 'n bazaar in om geld in te zamelen voor een brandweerauto.
Mal, je wist dat hij daar was. -Deze mensen vroegen naar 't huis.
Ik kan geen gedachten lezen als ze het niet zeggen.
Komt u binnen.
Wilt u thee? -Nee, dank u.
Gaat u zitten. Wilt u echt geen limonade of iets anders?
Heel vriendelijk van u.
Bent u familie? -Nee, ik ben de huishoudster.
We willen graag weten wat hij voor de kost doet.
Jim Mason en hij hebben de talgfabriek, maar daar leeft hij niet van.
Hij verdient het meeste met poëzie. -Maakt hij gedichten?
Nou en of. Longfellow is beroemd. Hij maakt teksten voor wenskaarten.
Voor Kerstmis, Pasen en verjaardagen.
Gaat u zitten. Hier is er een. Daar heeft hij 25 dollar voor gekregen.
'als je twijfelt en niet weet wat je moet doen
ten prooi aan verlammende krachten
luister dan naar je moeders hart dat roept:
Lieve jongen, ik zit op je te wachten'
Is dat niet mooi? Een prachtig gevoel?
Daar komt hij.
Zeg het voorzichtig, anders valt hij flauw van de schrik.
Ze wachten al een poos op je.
Wie zijn het? -Dat weet ik niet.
Mr Longfellow Deeds? Hoe maakt u het?
Ik ben John Cedar van de firma Cedar, Cedar, Cedar & Budington.
Cedar, Cedar, Cedar & Budington.
Budington voelt zich vast een vreemde eend in de bijt.
Mr Cornelius Cobb. Mr Anderson. -Hoe maakt u het?
Gaat u vooral zitten.
Een nieuw mondstuk. Daar heb ik twee weken op gewacht.
Kinderen gappen ze steeds voor hun proppenschieters.
Wat kan ik voor u doen? -Blijft u lunchen?
Ik wil u enkele vragen stellen.
Bent u de zoon van Joseph en Mary Deeds?
Leven uw ouders nog? -Nee.
Mr Deeds, zegt de naam Martin W. Semple u iets?
Niet veel. Dat is m'n oom, denk ik.
Ik ken 'm niet. M'n moeder heette Semple.
Hij is omgekomen bij een auto-ongeluk in Italië.
O, ja? Wat akelig.
Als ik iets kan doen... -Ik heb goed nieuws voor u.
Mr Semple heeft een fortuin nagelaten. Alles is voor u.
Na de successierechten blijft er ongeveer 20 miljoen dollar over.
Blijven de heren hier lunchen? -Natuurlijk.
Ze heeft verse sinaasappeltaart met dat dikke spul erop.
Ja, ze moeten niet naar het hotel gaan.
Misschien hebt u me niet goed verstaan.
Het hele Semple-fortuin is voor u, 20 miljoen dollar.
Ik heb u wel verstaan. 20 miljoen is behoorlijk veel.
In geval van nood wel handig. -Nou en of.
Waarom erf ik al dat geld? Ik heb het niet nodig.
Mr Cobb was vroeger journalist.
Hij fungeerde lange tijd bij uw oom als een soort buffer.
Als een veredelde deurmat.
Die voor rijke mensen het volk op afstand houdt en met de pers omgaat.
Die weet wanneer je publiciteit kan gebruiken en wanneer niet.
Cedar, Cedar, Cedar & Budington. Ik weet niets wat op Budington rijmt.
Waarom is dat nodig?
Bij grappige namen zoek ik altijd een woord dat erop rijmt. U niet?
Ik heb er wel een voor Cobb.
Er was eens een man genaamd Cobb. Hij had bij Semple 'n baan aan de top.
Maar ach, zielenpoot: Semple is dood. En Cobb heeft helaas geen job.
Ik denk dat ik binnenkort op straat sta.
Ik ben op veel manieren ontslagen, maar nog nooit op rijm.
Ik meen het niet. Ik heb uw hulp nodig. -O, het is maar poëzie.
Bent u getrouwd? -Ik? Nee hoor.
Daar is hij te pietluttig voor.
Er zijn genoeg leuke meisjes in Mandrake Falls die dolgraag...
Let maar niet op haar.
Hij heeft het malle idee dat hij een dame in nood wil redden.
Bemoei je er niet mee.
Een dame redden? Daar dromen we allemaal van als we jong zijn.
We moeten trouwens aan de slag. U moet uw koffer pakken.
Waarom? -U gaat mee naar New York.
Wanneer? -Vanmiddag om vier uur.
We hebben geen koffers.
We kunnen er een paar van Mrs Simpson lenen.
Ze is vorig jaar naar Niagara Falls geweest.
Ik ben nerveus. Ik ben nog nooit uit Mandrake Falls weg geweest.
Ik wil het graf van Grant zien. -Natuurlijk.
We zien elkaar om vier uur bij de trein. Gefeliciteerd, Mr Deeds.
U bent een van de rijkste mensen van het land. Tot straks.
Hoorde je wat hij zei? Weet je hoeveel 20 miljoen is?
Kan me niets schelen. Eet je bord leeg. Je hebt nog geen hap gegeten.
VAARWEL LONGFELLOW DEEDS DE TROTS VAN MANDRAKE FALLS
Ik kan hem niet vinden. Z'n huis is afgesloten.
Hij heeft zich bedacht. -Hij had er geen zin in.
De trein komt eraan.
Kijk. -Wat is er?
De tubaspeler.
Wat je al niet meemaakt.
Dag, Mrs Meredith.
Dag, Jim.
Dag, Buddy.
Goh, wat heb ik veel vrienden.
Wilt u een drankje? -Nee, dank u.
Sigaartje? -Nee, dank u.
Maakt u zich maar geen zorgen.
Dat geld is een hele verantwoordelijk- heid, maar u krijgt veel hulp.
Pieker niet. Laat alles aan mij over. -Daar maak ik me geen zorgen over.
Ik vroeg me af waar ze een nieuwe tubaspeler moeten vinden.
Hallo, John. Waar zat je? -Ik was vissen.
Goedemorgen, Mr Cedar.
Goedemorgen. Waar zijn ze?
Ze wachten op u. -Goedemorgen, Mr Cedar.
Hallo, jongens. -Wat voor type is het?
Geen zorgen, hij is zo naïef als een kind. Doe de deur dicht.
Bel Mrs Cedar. -Hoe is het gegaan?
Het was heel slim van me om daarheen te gaan.
Heb je... -Nee, maar ik krijg die volmacht wel.
Ik vroeg wat hij met 't geld ging doen. Weet je wat hij zei?
Weggeven.
Wat een gek. -Je voorgevoel was juist.
John, er mag geen... -Ja, Budington.
Er mag geen onderzoek naar de boeken komen.
Dat heb je al 1000 keer gezegd.
Stel dat iemand anders ze ziet. -Het is nog niet gebeurd.
Een half miljoen dollar, hemeltje. -Hou op met tobben.
Semple heeft het beheer aan ons overgelaten. Wie kreeg de volmacht?
En ik krijg hem opnieuw.
Rustig maar. De boeken verlaten ons kantoor niet.
Hij is maar een boerenkinkel.
Krankzinnig van je oom om hem alles na te laten.
Jij bent ook een neef van hem en wat heb jij gekregen?
Wat heb jij gekregen? -Gil niet zo.
Hij mocht me niet. -Had dan aardiger gedaan.
We hebben tien jaar gewacht tot hij doodging.
Dan zouden we in goeden doen zijn.
Het is nu te laat. Je bent vervelend. -Ja, ik word heel storend.
Tot ik wat van dat geld krijg.
Hij is nieuws, zelfs als hij z'n neus snuit.
Uit de klei getrokken een fortuin erven, dat is sensatie.
Het moet persoonlijk zijn.
Wat denkt hij? Hoe voelt het om miljonair te zijn?
Wat vindt hij van New York? Is hij slim of dom?
Hij is hier al drie dagen. Wat leveren jullie?
Een halve gare had het beter gedaan.
Praat ik te hard, stoor ik iemand?
Corny Cobb houdt hem achter slot en grendel.
Doet er niet toe. Gebruik je hersens.
Probeer zelf iets uit te zoeken, suffe druiloren.
Hoepel op voordat ik zeg hoe ik echt over jullie denk.
Wat zei je? -Dat het pleisterwerk vuil was.
Jij ook. Ik dacht dat ik op je kon rekenen, maar je bent net zo erg als de rest.
No comments yet. Be the first to leave one.