The first 200 lines.
Dus je wilt dat ik je mijn levensverhaal vertel?
Dat is mijn beroep. Ik interview mensen.
Ik verzamel levens.
Voor radio KFRC op FM.
Voor mijn verhaal heb je veel tape nodig.
Geen probleem. Ik heb tape zat.
Je hebt me gevolgd, hé?
Dat klopt.
Je leek me een interessant persoon.
Woon je hier?
Nee.
Dit is maar een kamer.
Zullen we maar beginnen?
Wat is je beroep?
Ik ben vampier.
Die kende ik nog niet.
Bedoel je dat letterlijk?
Absoluut.
Ik stond je in die steeg op te wachten.
Ik keek hoe je mij bekeek.
En toen begon je te praten.
Bof ik even.
Misschien boffen we allebei.
Je zei dat je...
me stond op te wachten.
Wat was je van plan? Me vermoorden, mijn bloed drinken?
Ja.
Je hoeft je nu geen zorgen meer te maken.
Je gelooft echt dat je een vampier bent, hé?
Zo kunnen we niet beginnen.
Ik zal het licht aandoen.
- Vampiers houden toch niet van licht? - We zijn er gek op.
Ik wilde je alleen voorbereiden.
Christus!
Wees niet bang.
Ik wil deze gelegenheid aangrijpen.
Hoe deed je dat?
Net zoals jij dat doet.
Een reeks eenvoudige gebaren.
Alleen bewoog ik te snel om het te zien.
Ik ben van vlees en bloed...
maar ik ben geen mens.
Ik ben al 200 jaar geen mens meer.
Alsjeblieft...
Hoe kan ik je op je gemak stellen?
Zullen we beginnen zoals in "David Copperfield"?
"Ik word geboren...
"ik groeide op."
Of zullen we beginnen toen ik werd geboren in de duisternis?
Daar zouden we eigenlijk moeten beginnen, vind je niet?
Je liegt toch niet?
Waarom zou ik liegen?
Het gebeurde in het jaar 1791.
Ik was 24.
Jonger dan jij nu bent.
Het was toen anders. Je was een man op die leeftijd.
Ik had een grote plantage ten zuiden van New Orleans.
Mijn vrouw was in het kraambed gestorven.
Zij en het kind waren een halfjaar eerder begraven.
Ik wilde me graag bij hen voegen.
Ik kon de pijn om hun verlies niet verdragen.
Ik wilde ervan verlost worden.
Ik wilde alles verliezen:
mijn rijkdom...
mijn landgoed...
mijn verstand.
Hoeveel azen heeft een pak kaarten?
Noem je me een valsspeler?
Nee, ik noem je een stuk vuil.
Je hebt niet genoeg moed om te doen wat je wilt. Doe het!
Ik verlangde vooral naar de dood.
Nu weet ik dat.
Ik vroeg om de dood.
Die zou me uit mijn lijden verlossen.
Iedereen mocht op mijn verzoek ingaan.
De hoer aan mijn zijde.
De pooier die ons volgde.
Maar het was een vampier die mijn verzoek inwilligde.
Je geld of je leven!
Verlang je nog steeds naar de dood?
Of heb je er genoeg van geproefd?
Genoeg.
Hij liet me achter, op de oever van de Mississippi...
meer dood dan levend.
Wie bent u? Wat doet u in mijn huis?
Ik ben het antwoord op je gebeden.
Het leven heeft geen betekenis meer, nietwaar?
De wijn smaakt nergens naar.
Je wordt misselijk van voedsel.
Niets heeft meer een reden, niet?
Stel dat ik je die terug zou kunnen geven?
De pijn kon verwijderen...
en je een ander leven kon geven?
Een leven dat jouw voorstelling te boven gaat.
En het zou... voor altijd zijn.
En ziekte...
en dood...
zouden je nooit meer deren.
Wees niet bang.
Ik geef jou de keus...
die ik...
nooit gehad heb.
Die ochtend was ik nog geen vampier...
en zag ik mijn laatste zonsopgang.
Ik weet het nog precies...
hoewel ik me geen enkele zonsopgang daarvoor herinner.
Ik bekeek het wonder van de dageraad voor het laatst...
alsof het de eerste keer was.
En toen nam ik afscheid van het zonlicht...
om te worden...
wat ik nu ben.
Heb je afscheid genomen van het licht?
Ik heb je leeggezogen...
tot op het randje van de dood.
Als ik je hier achterlaat...
zul je sterven.
Of...
je kunt voor altijd jong zijn, mijn vriend...
net zoals we nu zijn.
Maar vertel me eens...
kom je...
of niet?
Ja.
Ja.
Je lichaam sterft.
Let daar maar niet op.
Dat overkomt ons allemaal.
Kijk nu eens...
met je vampierogen.
Wat zag je?
Dat is niet te beschrijven.
Je kunt net zo goed de hemel vragen wat hij ziet.
Geen mens kan dat weten.
Het beeld leek te bewegen, maar het bewoog niet.
De wereld was veranderd en toch hetzelfde gebleven.
Ik was een pasgeboren vampier, die huilde om de schoonheid van de nacht.
Wil je nog een sigaret?
Graag. Je hebt er toch geen last van?
Dat dacht ik al. Je gaat heus niet dood aan kanker.
Dat denk ik niet, nee.
- En crucifixen? - Crucifixen?
Kun je ernaar kijken?
Eigenlijk kijk ik graag naar crucifixen.
En de spies door het hart?
Onzin.
En doodskisten?
Doodskisten.
Doodskisten zijn helaas noodzakelijk.
Maak je geen zorgen.
Straks...
slaap je net zo vast als je altijd geslapen hebt.
En als je wakker wordt...
wacht ik op je...
net als de hele wereld.
Ik zou ontdekken dat bloed ook noodzakelijk is.
Ik werd de volgende avond wakker met een ongekende honger.
Als je dit eenmaal geproefd hebt...
ga je nooit meer naar een andere taverne.
Denk je dat?
En als ik nou liever van je lippen proef?
Mijn lippen zijn nog zoeter.
Mijn vriend...
zou van die lippen moeten proeven.
Is zijn...
zoen...
net zo diep...
als de uwe?
Dieper, ma chérie.
Ik zal haar leven niet nemen.
Dat heb ik al voor je gedaan.
Ze is zo dood...
als een pier, mijn vriend.
Het gaat zo makkelijk dat je bijna medelijden met hen krijgt.
Je went wel aan het doden.
Denk er maar niet aan.
Je zult er gauw genoeg aan wennen.
Heb je geen honger?
Au contraire, ma chérie.
Hij zou de hele kolonie wel opkunnen.
Ik eet het wel op.
Laat ons alleen.
Kun je niet doen alsof, jij gek?
Verraad het niet.
We boffen met dit huis.
Doe tenminste alsof je drinkt.
Zulk mooi kristal mag niet ongebruikt blijven.
Ik weet het.
Het koelt zo snel af.
Kunnen we hiervan leven?
Van dierenbloed?
Ik zou het geen leven willen noemen. Eerder overleven.
Het is handig als je een maand op zee zit.
Er is niets op aarde dat niet...
Fascineert.
Ja.
- Dit verveelt me. - We kunnen leven zonder te doden.
Het is mogelijk.
Alles is mogelijk.
Probeer het maar een weekje.
Ik zal je in New Orleans de echte sport laten zien.
No comments yet. Be the first to leave one.