The first 200 lines.
VANDAAG IS VERKIEZINGSDAG. GA STEMMEN.
HET CIRCUS KOMT NAAR DE STAD.
Het is niet logisch.
De Whigs hebben hier al jaren de leiding.
Nog nooit verloren. Waarom nu zo'n heisa?
Er waait een andere wind.
Wind? Eerder een aardbeving.
Alsof het hele land uit elkaar valt.
Heb jij vandaag al gestemd?
Onderweg hierheen.
Kunnen de Whigs op je steun rekenen?
Ik stem meestal niet op één partij.
Ik ben onafhankelijk.
Het is goed om zelf na te denken.
Inderdaad.
Mrs Dickinson, op wie zou u stemmen?
Als u kon? - Ik?
Daar heb ik nooit over nagedacht.
Ik dacht dat u een suffragette was.
Hoe durf je me zo te beledigen.
Vader.
Het is zo opwindend.
Het is opwindend.
Het is verkiezingsdag. - Dat bedoelen we niet.
Wat boeit een verkiezing als je niet mag stemmen?
We hebben het over...
...het circus. - In Amherst.
Het begint vandaag. Ze zetten nu de tent op.
Ze hebben leeuwen...
...en tijgers en...
Ze hebben een Siamese tweeling. Je weet wel.
Mogen we gaan?
Het circus?
Zo verdorven.
'Verdorven'? Wat bedoel je?
Het is een en al verdorvenheid.
Het is walgelijk en niet geschikt voor jongedames.
Een circus in Ohio ontketende zoveel geweld...
...dat de halve stad gewond raakte. De rest ging de bak in.
Het circus zit vol dieven en zigeuners...
En die dames?
Die zogenaamde 'acrobaten', bijna naakt, hangen maar wat rond...
...en paraderen als h... Ik zeg het niet.
Het circus is geen plek voor jullie.
Neem je ons mee?
Ithamar, we moeten praten. - Daarom ben ik hier.
Ga dan een eindje met me wandelen.
Het hangt erom. - Dat weet ik.
Dat hoef je niet te zeggen. - Het is onverwacht.
De Democraten vochten nauwelijks.
Uw hoed lag nog in het rijtuig.
Bedankt. Prachtige hoed.
Het zijn de Democraten niet, maar de Know-Nothings.
Ken je de Know-Nothings niet?
Daar weet ik alles van.
Kun je mijn geheugen opfrissen?
Dus je weet het niet.
Er zijn te veel partijen. Waarom niet gewoon twee?
Misschien zeg je dat je ze niet kent...
...want leden van de Know-Nothings zeggen...
...ook altijd dat ze niets weten.
Verwarrend.
Dus ik kan er nu naar vragen.
Dan zeg jij dat je niets weet.
Zo laat je me weten dat je in het geheim lid van de partij bent.
Laten we zeggen dat dat niet zo is.
Waarom win ik niet? - Omdat de Know-Nothings...
...veel blijken te weten over winnen.
Ze winnen misschien.
Lekkere scones. Scones werden uitgevonden in de 16e eeuw.
Winnen ze misschien?
Verslaan ze me? - Helaas wel.
Onmogelijk. Dit is Massachusetts.
De Whigs winnen hier al sinds het begin van de republiek.
De tijden veranderen.
Mr Dickinson.
Wat eten we vanavond? - Verras me.
Wat denk je van houtsnip?
Kip, fazant, plevier, korhoen, geroosterde haas of hertenvlees?
Hoe kom ik hier onderuit?
De Know-Nothings gebruiken populistische economische retoriek...
...en angst voor immigranten.
Een eigenzinnige mix. - En schadelijk.
Ja, maar het werkt.
Stemmen er mensen op die clowns?
Inderdaad.
Mensen hebben graag een zondebok voor hun problemen.
De Know-Nothings beschuldigen... - Immigranten, katholieken, leren...
Wij beschuldigen niemand. - Precies. Wij hebben geen vijand.
Dat was een vergissing. - Achteraf gezien.
Dus ik kan verliezen?
Geen idee. Het hangt erom.
Verdorie.
Dan is dat maar zo. Weet je wat, Ithamar?
Ik geloof in dit land en in de goeden.
De goeden winnen, omdat we van Amerika houden.
We verwelkomen immigranten met open armen en zeggen:
'Ga zitten. Eet een hotdog.' We zetten geen mensen buiten.
Nee.
Wat die Know-Nothings betreft...
...zij moeten duidelijk iets leren over patriottisme.
En vrijgevigheid. En trots.
Maggie, wat is er?
Mijn broers.
Ze wilden vanmorgen stemmen en werden aangevallen.
Een werd halfdood geslagen.
Door wie?
De Know-Nothings.
Ze haten ons, omdat we lers zijn.
Zie je, Edward? Het loopt uit de hand.
Mijn broers en ik kwamen naar Amerika om te ontsnappen aan vervolging.
'Het land van de vrijheid.'
Maar hier is het hetzelfde als in lerland.
We kunnen beter teruggaan.
Maggie, geef je vertrouwen in dit land nog niet op.
Je zult het zien.
Eer en fatsoen zullen zegevieren.
Ik zal worden gekozen en jou en je broers vertegenwoordigen.
Ik zal ervoor zorgen dat dit nooit meer gebeurt.
Hopelijk hebt u gelijk.
Dat weet ik.
WE VERLIEZEN, OMDAT WE WINNEN
Wat doet het ertoe als ik geen olifant zie?
Ik zag ooit een wolk die op een olifant leek.
Sorry dat je niet mag gaan van je vader.
Ik mag niks van hem.
Heb je dat gemerkt?
Ja, niet lezen, niet zwemmen...
Niet naar het circus.
Wat ga je dan doen?
Voor de lol?
Hoe vermaakt Emily Dickinson zich?
Geen idee.
Misschien blijf ik thuis.
Misschien praat ik met een mot.
Hier is iets.
Wat is dat?
Een dichtwedstrijd.
De deadline is vandaag.
'We zoeken het onontdekte lyrische genie van Amherst.'
Dat ben jij. Op basis van wat ik heb gelezen.
Ik weet van de wedstrijd.
Ja? Heb je al iets ingediend?
Weet je nog dat we het net over mijn vader hadden?
Ja. Niet lezen, niet zwemmen, geen circus en geen dichtkunst.
In het openbaar.
Zou hij echt boos zijn als je meedeed aan een wedstrijd?
Je kent hem echt nog niet.
Inderdaad.
Hij zegt dat vrouwen die literaire roem willen niet beter zijn dan...
Nou...
Laten we 'acrobaten' zeggen.
Dat is jammer, want...
...als je meedeed...
...zou je winnen.
'Niemand kent deze kleine roos.'
Daar ben je.
Jezus.
Ik heb overal gezocht.
Hé, Em.
Wat doe je hier? Ik hoor naar grafstenen te staren.
We hebben een probleem. - Wat?
Iemand is op Sue's plek begraven.
Wie is Ichabod Beecher?
De Beecher-baby.
Of een van de Beecher-baby's.
Die arme familie. Zoveel baby's. Allemaal dood.
Waarom ligt deze dode Beecher-baby zo dicht bij ons?
Ze hadden vast geen plek meer.
Dat is erg, maar ik wil hier begraven worden.
Sue, als mijn vrouw, hoort naast me te liggen.
Nietwaar?
Waarom verplaats je de baby niet?
Wat?
Ik kan geen dode baby verplaatsen.
Wat zouden de Beechers zeggen?
Niets.
Ze wonen hier al jaren niet meer. Ze gingen terug naar Engeland.
En die baby stierf 27 jaar geleden. Hij is nu volwassen.
Dat klopt.
Dat was jouw probleem. Nu het mijne.
En dat is?
De krant organiseert een dichtwedstrijd.
De deadline is vandaag. - Je doet toch niet mee?
Nee. Vader zou me vermoorden. - Inderdaad.
Daarom moet jij meedoen. Mijn gedicht onder jouw naam.
Ik?
Dat kan ik niet. - Waarom niet?
Het is oneerlijk. - Maar half. Het 'Dickinson'-deel klopt.
Ja, en dan?
Je wordt boos, omdat jou geen eer toekomt.
Dat had ik verwacht.
Ik heb erover nagedacht.
Ik word echt niet boos.
De eer boeit me niet. De wereld moet mijn woorden lezen.
Zeker weten? - Ja.
Hier. Schiet op. De deadline is vanmiddag.
De winnaar wordt morgen afgedrukt.
Hopelijk is het niet vreemd of zo?
Nee.
No comments yet. Be the first to leave one.