The first 200 lines.
Hilary.
De sleutels.
Ik wacht nu al tien minuten.
En er zijn er nog maar 39 over.
Wat een snoezig hoedje.
En Roger Calahan, en Missy Ryan...
...en die jongen Kinsella, en zijn zus, hoe heet ze...
Rosemary. -Juist.
Van die hele groep was jij de slimste...
...had jij de beste cijfers.
En nu is ze makelaar en rijdt ze in een witte Cadillac.
Gevraagd: Jonge vrouw voor verpleegsterswerkzaamheden
Doe alsjeblieft die sigaret uit als je eet.
Moet je zien, er zijn er nog maar 15 over.
Ga anders verder met die handelsopleiding.
Of bel Danny. Zeg tegen 'm...
Hij bedriegt je één keer...
...en je loopt meteen bij 'm weg alsof ie 'n moordenaar is.
Ga terug, schreeuw desnoods tegen 'm.
Maar zorg dat je eindelijk je leven eens op orde krijgt.
Hij onderhield je tenminste.
Je valt buiten de boot, mam.
Nummer zestien? - Die trap op.
Daarachter, aan uw rechterhand.
Zeg het maar. -Gaat u zitten en vul dit in.
Heeft er iemand een pen voor me?
We nemen contact op met het bemiddelingsbureau.
Miss O'Neil.
Tuurlijk, je bent zenuwachtig. -Gaat u zitten.
Rustig nou maar.
Alles is gepakt, het vliegtuig staat klaar. Japan verwacht je.
Ze staat niet op de lijst van het bureau.
U staat niet op de lijst.
Ik reageer op de advertentie.
Onmiddellijk, Marvin. Ik beloof het.
Ik moet nu ophangen.
Neem maar een pil, Marvin. Tot ziens in Japan.
Neemt u me niet kwalijk.
't Spijt me, Miss O'Neil. Mijn zoon heeft deze advertentie gezet.
Ik zoek een verpleegster voor mijn zoon. Bent u verpleegster?
Nee, maar er stond... -Het spijt me.
Bedankt voor uw komst.
Nee, bedankt voor uw ontvangst. -Geef haar taxigeld.
Ik hoef geen taxigeld. Ik hoef uw rottige centen niet.
Geef haar geld en neem die laatste verpleegster aan.
Komt u terug, alstublieft.
Straks moeten we zo'n eind terug. -Ik ga helemaal niet terug.
Dit is mijn taak. Zelfs als ik u tot Oakland moet volgen...
...dan zal ik dat doen.
Wat een heerlijk weer.
Er is een vergissing gemaakt.
Wilt u terugkomen voor een informeel gesprek in de kelder?
In de kelder? -Ja. Alstublieft.
Loopt u verder, het is echt in orde.
Komt u binnen.
Ik ben Victor Geddes.
In de val.
Wat heeft dit te betekenen? -Het spijt me.
Een grapje. Om het ijs te breken.
Aha, nu snap ik waarom er nog niemand die baan heeft.
Mooi.
Het gaat prima.
Hoe oud ben je? -23.
Ik ben 28. Je bent dus geen verpleegster?
Nee, ik ben geen verpleegster. -Je bent verpleeghulp geweest.
In mijn schooltijd, ja. Maar ik heb m'n school niet afgemaakt.
Ik zat bij het project 'Toekomstige Verpleegsters'.
Ik was vice-voorzitter. Wat een bak, hè?
Wat moest je dan doen?
Na school gingen we naar 't ziekenhuis.
Het Our Lady. -In Oakland?
Daar kom ik vandaan. -Maar ga verder.
Ik ging dus van school... -Werkte je daar?
De nonnen... Jij hebt zeker niet op 'n katholieke school gezeten?
De nonnen van de kliniek hadden contact met de school.
En als je bijvoorbeeld een te korte rok aan had...
...of een doodzonde beging zoals tongzoenen...
...dan kreeg je van die leuke klusjes in de kliniek.
Ondersteken. -Klopt. En bedden verschonen...
...schoonmaken, van alles.
Maar soms mochten we de baby's verschonen...
...en ze voor het raam aan de ouders laten zien.
Dat was het zo'n beetje.
Ik heb leukemie.
Al tien jaar.
Ik ben 28... Dat had ik al verteld.
Sinds de middelbare school dus.
Niet continu. Soms ging 't beter en kon ik 'n normaal leven leiden.
Ik ben naar Europa geweest...
...ik ben afgestudeerd...
...ik heb de 100 meter sprint gedaan...
Je bent niet de eerste vrouw in mijn huis.
Weet je iets van chemotherapie af?
Ik weet dat het een behandeling is voor...
Elke keer als mijn bloed niet goed is, krijg ik zo'n kuur.
Het is nogal...
Ik heb er hulp bij nodig.
Wil je de baan?
Zoals jij 't vertelt, lijkt het heel leuk.
Maar je vader zei... -Niks van aantrekken.
Hij zocht een verpleegster. -Niks van aantrekken.
Hij neemt iemand aan. -Hij neemt niemand aan.
Hij vliegt naar Japan. Ik neem iemand aan.
Je zou voor mij werken en niet voor mijn vader.
Waarom valt je keus op mij?
Ik snap 't.
Ik was degene met het kortste rokje.
Nee, er was iemand met een nog korter rokje.
Maar hij is nooit verpleeghulp geweest.
Overigens, je krijgt kost en inwoning...
...en 400 dollar per week.
Contant? -Contant.
Kom maar mee.
Dit is je kamer.
Als je de baan neemt.
Hoe ziek? Een verkoudheidje? -Kanker.
Dan wil ik het niet horen. -Hoe is 't met Jim?
Jim is een lul. -Goed, hoe is 't met zijn lul?
Twee bier.
Hoe ziet ie eruit? -Rijk. Nob Hill.
Zo'n rijk student je dus. -Maar het was wel...
...een stuk. -Nemen, die baan.
Het huis is niet gek. Mooi antiek, en ik heb mijn eigen badkamer.
Hoeveel per week? -400 pieken.
Krijg de klere. Jij, ja.
Doen, joh. Kun je een Cadillac kopen en elke dag winkelen.
En je kunt kleren voor mij kopen.
Niks laten merken.
Welkom. Ik help je wel.
Zo maar. Dankje.
Je kunt gaan, Malachi.
Wacht even.
We hebben niet afgesproken dat jij in mijn kamer mag komen.
Daar ging ik ook niet vanuit.
Neem me niet kwalijk.
Hoe gaat het? -Hoe is het?
Dit is Moamar Gadaffi.
Hij rijdt me elke maandagochtend naar chemotherapie.
Hilary O'Conner. -Aangenaam.
O'Neil.
Peter Schmidt. 1886.
Barton Kennethser, 1892.
Ze hebben allebei de aardbeving overleefd.
De onnavolgbare Hacent Weeks, 1910.
Ronald McDonald, 1986.
Die chemicaliën die ik krijg ingespoten...
...zijn eigenlijk vergif.
Vergif? -Weeks weer, 1911.
De bedoeling is om de kanker te doden...
...en niet mij.
Het geeft een bepaalde reactie. -Wat dan?
Zweten...
...trillen, overgeven.
Soms moet ik er van gillen.
Het Mercy-ziekenhuis. 1936.
Moet ik blijven? -Ik weet niet. Nee.
De dokter belt morgen.
Zo beter?
Te hard.
Te hard.
Het staat...
...te hard.
Te hard.
Veel te hard. -Ik heb het al zachter gezet.
Rustig maar, het staat al zachter.
Kom, naar bed jij.
Ik heb je.
De kamer gonst.
Ga maar weer slapen.
Ga maar slapen.
Ho even.
Ik snap het niet. Hoe bedoel je, vergif?
Het was vergif.
Ik dacht dat ie doodging.
Ik dacht: Nog één keer en hij gaat de pijp uit.
Ik heb hulp nodig, Shauna. Ik heb met hem te doen, echt.
Volgens mij krijgt ie helemaal geen bezoek.
Ik kan hem niet verzorgen, hij moet een verpleegster hebben.
Hij heeft iemand nodig die dit aankan.
Ik geloof niet dat ik het aankan.
Ik kan het niet.
Ik moet het vanavond tegen hem zeggen.
Met Victor Geddes. U kunt na de piep 'n boodschap inspreken.
Met je vader. Ben je daar? Ik weet dat je er bent.
Hoe is de chemotherapie gegaan? Is alles goed met je?
Je hebt dus die rooie aangenomen.
Ik kan wel raden waarom.
Ik ben over een paar weken terug. Ik hou van je, Victor.
Je eten.
Eieren.
Die rooie kon niks anders vinden. Er is geen eten in huis.
Tenzij je een cake-omelet wilt. - Cake-omelet...
Sorry. -Het geeft niks.
Het geeft echt niks. -Wel waar, het is je dagboek.
Ach, het zijn maar wat aantekeningen.
Dit is mijn werk, mijn proefschrift.
Ik ben er al vijfjaar mee bezig. Als ik me goed voel dan.
Ik ben vastbesloten 't af te maken. -Waar gaat het over?
Over kunstgeschiedenis. Ken je de Duitse impressionisten?
Wonen ze in Oakland?
No comments yet. Be the first to leave one.