The first 200 lines.
DEZE FILM KAN MOEILIJK ZIJN VOOR MENSEN MET DEPRESSIE EN ANGSTEN
HOE JE (HEEL HOOG) MOET KLIMMEN
Na het ontbijt ga ik opruimen.
Dan ga ik nog even aan het werk.
Daarna komt je nichtje Ellie langs.
Zeg eens 'Ellie'.
Ellie.
Waar moet het volgende boek over gaan, bink?
Vind je die kleur mooi?
Pinky Tinkerbink vindt haar moed.
Lijkt dat je wat?
Mama kan geen goede cirkels tekenen. Dat kan ze niet.
Perziken zul je heerlijk vinden.
Je vader is er dol op, maar is allergisch voor de schil.
Hopelijk ben jij niet allergisch. En anders pel ik ze.
Oké, dat is een makkie.
Hé, jongens.
Goedemorgen. -Hoi, schat.
Heb je iets voor me? -Ja, ik wil je iets laten zien.
Geweldig. Hoi, vriendje.
Oké, ze vroegen me een poster te ontwerpen voor m'n lezing.
Toen heb ik het hele raam ontworpen. -Natuurlijk.
Pinky zit midden in een regenboog en het is heel fel.
Ze gooit allemaal 3D-hartjes de lucht in.
En kijk, elk kind krijgt zo'n ding mee.
Een magische pinkring.
Je luistert niet eens naar me. -Wel, ik luister altijd.
Nee, je kijkt naar me met die blik.
Ik kijk in je ogen. Ze heeft mooie ogen.
Je moeder heeft mooie ogen. Net als jij.
Ik weet niet wat je probeert te vinden.
Jou.
Ik ben hier.
Verdorie.
Ik moet gaan. Dag, maatje. Ik hou van je.
Dag, mama.
Ik zie je buiten op de hoek. 34th en 7th, 19.00 uur.
Kom niet te laat. Ik wil de wedstrijd zien.
Wie is dat?
Hola , Teddy. - Buenas días , Hector.
Mag ik met je mee? -Natuurlijk.
Dag. -We houden van je.
Dag, papa.
Met je voeten erin?
Zitten je voeten erin?
Voelt het goed?
Voelt dat goed, Teddy?
Brave jongen.
Dat voelt lekker, hè?
Ja, dat is heel warm.
Dat is heel warm.
Schatje.
Binnenkort ga je lopen.
Als je gaat lopen, ga je struikelen en je knie schaven.
Je hoofd stoten tegen de salontafel.
Maar je gaat door.
Want dat doen kampioenen. Toch, bink?
Ze gaan door.
Wie is er een brave jongen?
Zie je al die bloemen?
Mooie bloemen.
Kijk die maan eens.
Is hij niet mooi?
Zou je er niet eens naartoe willen?
Nou, ik wel.
ik ga graag eens een keer naar de maan
ook al is het een eind uit de buurt
ik ga graag een keer naar de maan
maar dan wel als het niet te lang duurt
al is het natuurlijk een prachtavontuur
Voicemail. Julie, neem op. We weten dat je er bent.
We hebben geparkeerd. Heb je iets nodig?
Starbucks?
Ellie, straks trek je al m'n haar eruit.
We zijn er over tien minuten. Dag.
om de vissen te zien van dichtbij
ik duik graag voor een keer diep in zee
maar te lang zou niets wezen voor mij
Ellie komt er zo aan.
je hoort alleen blub en daar blijft het dan bij
zolang het maar is voor een dagje of twee
duik ik graag voor een keer in de zee
ik wil best naar een oerwoud vol leeuwen gaan
of heel dicht bij de rand van een afgrond staan
ik wil best naar een plek toe een eind uit de buurt
maar niet als het veel te lang duurt
ik weet niet of ik werkelijk zou gaan
naar een maan of een ster in de buurt
de post komt geloof ik nooit aan
als er al iemand iets aan je stuurt
al blijft het natuurlijk een leuk avontuur
ik denk toch dat je iedereen mist op den duur
een uurtje of zo zou geloof ik wel gaan
ik blijf niet graag lang op de maan
nee, ik blijf niet graag lang
op de maan
Waar kijk je naar? Zie je je ballon?
Zie je de ballon? Die is voor jou.
Bijna thuis, bink. We zijn er bijna.
Hoi, jongens.
Hoe is het met m'n favoriete kleinzoon?
Daar ben je.
Ben je klaar voor een flesje?
Kom hier, schat. Kom maar. Ik heb je.
Wie is er een mooie jongen?
Hoi. Hallo, daar. Hoi.
Ik neem 'm wel.
Hallo? - Hoi .
Hoe gaat het? -Geweldig.
We waren in de schoenenwinkel.
En ons mannetje met die mollige kleine voetjes heeft maat 19.
Om op te lopen. Breed.
Luister.
Ik maak het niet laat vanavond.
Ik zie ze na m'n werk en kom in de rust naar huis. Goed?
Ik wilde vanavond eigenlijk met je meegaan.
M'n moeder heeft de was gedaan en de kussens opgeschud.
Ze geeft Teddy nu de fles.
Omdat zij nu toch al de wacht houdt, moeten we daarvan profiteren.
Jule, het is maar tijdelijk.
Tot je sterk genoeg bent om alleen voor Teddy te zorgen.
O, shit. Voor altijd, dus?
Wil je Lucy echt zien?
Ja, dat wil ik.
Ik moet gaan.
Dan zie ik je buiten. -Oké, tot straks.
Ik hou van je.
Ik hou van jou. Dag.
Ik laat m'n gezicht doen.
Niet waar. Dat is belachelijk, mam.
Er was een opening op Teddy's verjaardag.
De gelukkigste dag van het jaar.
Maar misschien heb je me wel nodig voor z'n feestje.
Feestje? Welk feestje?
Hij heeft geen vrienden. Wie nodigen we uit?
Maar jij wel. Kom op, dat is een goede reset.
Nodig mensen uit, laat weten dat het goed gaat.
Dan kan je vader ook makkelijker terugkomen.
Je weet dat hij veel van je houdt.
Mam, ik hou van je, maar sta niet zo bij de douche.
Hallo, Ms Davis. Ik ben dr. Sylvester.
Ik ben psychiater in het ziekenhuis. -Is m'n zoon in orde?
Ja, hij maakt het goed.
Schattig mannetje. Hij wacht thuis op je met je man.
M'n schoonzus maakt me af. -Nee, hoor.
Ze willen je graag zien.
Het leek me een goed idee om eerst even te praten.
Is dat goed? -Ja.
Wat is er gebeurd?
Is dit de eerste keer dat je zelfmoord wilde plegen?
Ja.
Ben je er ooit dichtbij geweest? Heb je erover nagedacht?
Ik denk er constant aan.
Hoe ver gaat dat terug?
Af en toe, sinds groep drie.
Toen begonnen dingen te veranderen.
Op welke manier?
Alles was wazig.
M'n geheugen is wazig. Ik kan het niet anders uitleggen.
Zit geestesziekte in je familie? -Nee.
Dat is niet waar.
M'n moeder zou zeggen dat m'n vader geestesziek is.
M'n man zou zeggen...
dat m'n vaders geestesziekte erg lijkt op het zijn van een klootzak.
En recenter?
Hoe ging het toen je zwanger was?
Dat ging wel.
En na de bevalling?
Het was eigenlijk hetzelfde als wat ik m'n hele leven al meemaak.
Ik voelde me verwend en te zwak.
Alsof elke andere vrouw beter voor Teddy zou kunnen zorgen.
Voor hen allebei.
Ja.
Ik weet niet of je dit nog weet, maar in de jaren 70...
ging het gerucht dat hier spinneneitjes in zaten.
Mensen kauwden er niet meer op.
Ik dacht dat ook een tijdje.
Zelfs na hun advertentie in de New York Times.
Ik wist dat het niet waar was, maar kon er niet op kauwen.
Grappig hoe dat gebeurt. Je gaat geruchten geloven.
Je ontdekt dat 't niet waar is, maar toch krijg je die kauwgom niet in je mond.
En onlangs...
zei ik tegen m'n dochter dat ze snoep mocht uitkiezen.
En natuurlijk koos ze deze uit.
Roze, ligt op ooghoogte. Logisch.
Maar dan wordt dit m'n gedachtenproces:
wacht even, ze is te jong voor kauwgom. Straks stikt ze nog.
Toen dacht ik: je bent dokter. Je weet dat ze niet stikt. Dat is gestoord.
Toen wist ik het.
Het was m'n irrationele angst voor spinneneitjes.
Na al die jaren.
We moeten allemaal leren waar de spinneneitjes eigenlijk zijn.
En misschien nog wel belangrijker, waar ze niet zijn.
Wie heeft er honger?
Wat kun je goed eten.
Alsjeblieft.
Mam, kun je me verbinden? Alsjeblieft.
Natuurlijk.
Deze lukt niet.
Ik moet je haar knippen.
No comments yet. Be the first to leave one.