The first 200 lines.
Ik heb altijd gedacht dat ik naar JOU kwam toen Charles stierf.
En wat moet ik dan doen?
Weer wachten op wat misschien, ooit, nooit gebeurt?
Mijn dagen van eenzaamheid lopen op een eind.
Ze houdt van me.
En met haar zou ik gelukkig kunnen zijn.
Ze heeft een man nodig. Wie?
Ik neem mijn "vriendinnetje" mee naar Parijs.
Wanneer we terugkomen,
komt ze in Shibden bij mij wonen.
Zou juffrouw Walker je één of twee nachtjes kunnen missen om me op te zoeken in Lawton?
Kom terug.
Alles waar ik ooit geluk of hoop op had gezet, is verdwenen.
En alles vanwege een kleine saaie... - Rustig aan.
...erfgename op wie je niet verliefd bent.
Ik weet het. Ik kan het zien, ik kan het horen,
Ik kan tussen de regels lezen.
Ik weet wanneer je verliefd bent, en dit is anders.
En je hebt alles opgeofferd,
je hebt alles weggegooid, je hebt me kapot gemaakt,
en je bent niet eens verliefd op haar.
Je bent bespottelijk.
En ik ben nog bespottelijker
omdat ik nog steeds verliefd op je ben.
Nou, goeie hemel, wat een ontvangst!
Je weet dat ik maar naar Halifax hoef te gaan om zo te worden aangesproken?
Daarvoor hoef ik de Pennines niet over.
Doe niet zo bijdehand!
Nou, het is tegengif voor melodrama.
Melod...?
Weet je dat ik denk dat ik je moest zien
omdat een deel van me nog steeds denkt
dat dit allemaal echt niet waar kan zijn.
Is ze echt bij jou in Shibden ingetrokken?
Goeie God, hebben jullie elkaar trouw gezworen?
Hebben jullie het bezegend?
Acht maanden geleden, in York.
Ik kon net zo goed dood zijn.
Mary,
Ik heb bijna 20 jaar op je gewacht.
Ik heb altijd naar jou pijpen moeten dansen.
20 jaar!
Toen ik terugkwam uit Hastings,
en ik gebruik dit niet als een stok om jou te slaan,
ik stel alleen een feit vast, heb jij aan alles een eind gemaakt.
Niet waar!
Dat is wat ik gehoord heb,
ik heb het ondubbelzinnig zo gehoord.
Wat goed is, en God zij dank.
Misschien is het alleen een gesprek dat we eerder hadden moeten voeren.
Had je echt gedacht dat ik niet verder zou leven?
Ja, ja, maar zij?... Wat is zij nou eenmaal?
Ik bedoel, we weten allemaal dat ze problemen heeft
en Charlotte Norcliffe zegt dat het geen dame is.
Zou Charlotte nooit zeggen.
En mevrouw Milne zei dat als ik mijn opvolgster zou zien niet gevleid zou zijn.
O, ik weet het...
"Maar juffrouw Lister zal geen geld tekortkomen."
Ik weet het omdat ze het zei toen we in Parijs waren,
terwijl ze wist dat Adney het kon horen.
Maar Adney, die zich ALLEEN MAAR als dame gedroeg...
Hoe noemt ze jou?
Tot bijna drie weken later heeft ze het er pas over gehad.
toen we halverwege de Mont Blanc waren!
En wat jij, of wie dan ook, ervan vindt,
het had NIETS met geld te maken.
Maar het is waar dat ze 3.000 per jaar heeft?
Uiteindelijk zullen onze inkomsten ongeveer gelijk zijn.
En, onder ons, ja, we zouden 5.000 per jaar moeten hebben.
Je houdt jezelf voor de gek, Freddy, niemand anders.
Die kleine Martha Booth van je doet het niet erg goed in de keuken.
Echt waar?
Niet helemaal haar schuld.
Onze nieuwe huishoudster, mevrouw Duff, met wie we heel blij zijn,
heeft twee koks achter elkaar moeten ontslaan.
Dus we denken dat ze misschien is aangestoken
door hun slechte voorbeeld in laksheid en bedrog.
O, goeie God.
En haar hoofd zat blijkbaar ook nogal vol romans,
toen ze bij ons kwam, wat niet hielp.
Laat me eens praten met die mevrouw...
Duff -...morgenvroeg
om het tot de bodem proberen uit te zoeken.
Natuurlijk.
Hoe vaak zijn jij en juffrouw Walker bij elkaar?
Je hebt mij jaren geleden hetzelfde gevraagd
over mij en Charles.
Ik kan me niet voorstellen dat je denkt dat het anders is
als ik jou hetzelfde vraag.
Hoeveel weet ze over jou en mij?
Ik heb haar alles verteld wat nodig was.
Weet ze van onze ...
...verbintenis?
Niet expliciet, nee. En dat zal ze ook niet.
Noch iemand anders, ooit.
Niet van mij.
Wat als je ruzie met haar zou krijgen?
Ik bedoel, met haar...
...problemen.
Je weet niet tegen wie ze er misschien iets uit zou flappen.
Juffrouw Lister. Ah, Charles.
Hoe was uw reis?
Uitstekend. Goed zo, goed.
Wel, ik heb al gegeten en koffie gehad, dus...
Ja. Ik kon niet eerder uit Halifax vertrekken.
Maakt niet uit.
Momenteel een boel te doen,
op één of andere manier, in de stad of op mijn landgoed.
Ik kwam alleen maar even binnen om gedag te zeggen.
En ik zie u zeker morgen bij het ontbijt.
Perfect.
Kom op, jongens.
Is alles in orde?
Met hem?
We zijn extatisch. Alle dagen plezier.
Ik wil niet te laat naar bed.
Ik heb iedereen thuis beloofd dat ik zou schrijven
om te laten weten dat ik veilig ben aangekomen.
Maar je snapt mijn punt, over juffrouw Walker?
Als ze niet helemaal goed bij is...
Juffrouw Walker is de discretie zelve.
Ze is heel goed in vooral alles wat etiquette betreft
uitgesproken...en niet uitgesproken.
En, weet je, als je haar zou ontmoeten,
als je jezelf er maar toe kon zetten om haar te ontmoeten,
zou je zien dat ze echt heel lief en heel aardig is
en echt heel, heel normaal.
En...
...Ik zou graag zien dat,
na verloop van tijd...
...wij drieën volmaakte goeie en lieve vriendinnen zouden worden.
Ik was volmaakt gelukkig.
Maar zij sleepte haar helemaal mee naar Parijs.
Ik wilde gaan.
En toen, zodra de militie op studenten begon te schieten,
is ze er vandoor naar de Pyreneeën met de Stuart de Rothesays.
Haar arme tante Anne zit daar maar in haar eentje.
Zo was het helemaal niet!
Ze had me nooit achtergelaten als ze had gedacht
dat de hele zaak zou uitbarsten.
- Dat is precies wat ze heeft gedaan. - Spelen we nog?
- O, ben ik? - Jij bent.
Je schetst een compleet verkeerd beeld voor juffrouw Walker.
Ze weet dat Anne zoiets nooit zou doen.
Ik heb een brief van haar gekregen. "Ik heb tante Anne in Parijs achtergelaten,
"en, o, trouwens,
"het is een kokend broeinest van rebellie."
Ik kon de kanonnen horen.
Ik heb er kort over gedacht me onder het bed te verstoppen.
Van wie?
Maar toen besefte ik dat dat overdreven was.
We zaten op de vijfde verdieping. Niemand interesseerde zich voor ons.
Weet u, men denkt dat ik niet geleefd heb, juffrouw Walker.
Maar dat heb ik wel.
Heb je juffrouw Walker over morgen verteld?
O, morgen, juffrouw Walker,
mijn vader dacht erover
om met de sjees naar Cliff Hill te gaan,
om uw tante op te zoeken.
Waarom?
Zou u met ons mee willen?
- Ik... - Pas op, Marian.
Je weet dat ze je de vorige keer van streek heeft gemaakt.
- Mijn tante? Is dat zo? - Eventjes.
Ze deed gewoon moeilijk.
- Vanwege...? - O, nee.
Wel, nee.
Hoe dan ook, Anne stelde het voor voordat ze vertrok.
En ik doe niet alles wat ze zegt, maar ik ben het met haar eens
dat we alles wat we kunnen moeten proberen om op goede voet te staan met onze buren,
zelfs als...
Nou ze is gewoon oud, nietwaar?
- En ik vraag me af... - Nou, ik ben ook oud.
Het is geen vrijbrief om vervelend te doen.
Wie is er nu aan de beurt?
- Jij bent. - O, ja?
En ik ben het ermee eens, maar zo is het nou eenmaal.
En ik vraag me af hoe die arme Mary Rawson met haar kan opschieten.
- Ik kan dat totaal niet peilen. - Ik ook niet.
Ik kan me niet voorstellen dat het niet ondraaglijk is
voor allebei.
U hoeft niet mee te komen, juffrouw Walker.
Ik weet dat het lastig is. Anne heeft het uitgelegd.
Ik wilde alleen niet dat u zou denken dat u niet werd meegevraagd.
Die was tenminste van u.
Mijn liefste Adney.
We kwamen om 2 uur 38 aan bij de Roebuck in Rochdale,
verversten de paarden en waren binnen 14 minuten weer op weg.
We zijn om 4 uur 20 weer gestopt bij het Manchester Royal Hotel
en waren om twee over zes in Wilmslow.
Om vijf over acht kwamen we aan in Congleton,
daar zes minuten gestopt en kwamen toen hier in Lawton aan
om kwart voor negen op hun klokken en over negenen op mijn zakhorloge.
Ik zit nu gelukkig in mijn eigen kamer geïnstalleerd voor de nacht
bij een goed haardvuur
en denk aan jou,
hoog en droog op Shibden.
Verwelkom je een bezoekster?
Of blijft de deur gesloten voor me?
Je weet dat ik dat nooit zou doen.
No comments yet. Be the first to leave one.