The first 200 lines.
Vort, wegwezen.
Het is niet netjes om boven op een huis te eten.
WILLIAM ZACHARY
GEDOOD DOOR INDIANEN BIJ DE VERDEDIGING VAN GEZIN EN VEE
Ha, Guipago.
Rachel.
- Wat voor dag is 't vandaag? - Ik dacht dinsdag, mama.
De boter smaakt pittig. Dat zal wel door het lentegras komen.
Rachel, het brood.
Dinsdag is 't brooddag. Je moet vandaag brood bakken.
We kennen elkaar nog niet zo goed, hè?
Ouwe grijze graseter.
Je bent maar half paard. De andere helft is 'n gemene, oude Kiowa.
Rachel, straks breek je je nek nog Jullie allebei.
Je bent toch niet bang voor een vlucht ganzen? Het zijn net mensen.
Alleen vliegen ze hoger dan wij, dat is alles.
Vooruit, Guipago.
Als u trek hebt, op de boerderij hebben we eten.
- Hoe heet je, meisje? - Rachel.
- En verder? - Rachel Zachary.
Jij bent geen Zachary.
Niet van geboorte, maar ma zegt dat dat geen verschil uitmaakt.
Hoe weet u wie ik ben? Ik ken u niet.
Ik ben het zwaard van God.
Het vuur en de wraak,
waardoor onrecht wordt hersteld en de waarheid wordt verteld.
Nee, maar.
Hoe zag ie eruit?
Alsof de wind 'm hierheen had geblazen. Hij had een sabel.
- Wie is dat? - Geen idee.
Een rare oude jager, denk ik.
Maar hij kent ons. Hij weet in elk geval dat ik een vondeling ben.
Dat is niet zo gek. Iedereen in Texas kende ons of had van ons gehoord.
- Maar de manier waarop hij sprak... - Prairie-koorts.
- Wat is dat? - Het ergste wat je kan overkomen.
Eenzaamheid. Ik heb er zelf ook wel 's last van gehad.
Als ik geen dochter had gehad met wie ik kon praten...
Ga naar de kelder en haal wat wortelen en aardappelen.
Jij.
Hoe maakt u 't, Miss Zachary?
Ik had eerder willen komen, maar het was lange rit. Zeven jaar.
U kunt me niet vermoorden. De god der wrake zal u verblinden.
Dood wordt met dood, en bloed met bloed vergolden.
Met wie praatte u?
Vort. Hoe vaak moet ik dat nog zeggen?
Armetierige wortelen.
Wat is er? U hebt tranen in uw ogen.
Nee, hoor. Ik heb alleen geen zin om te koken zonder mannen in huis.
- En je broer Ben is zo lang weg. - Was Ben maar hier.
Nu, op dit moment.
Het is een heel eind naar Wichita.
- Ik kan gewoon niet wachten, mama. - Ga bij het brood kijken.
Het rijst prachtig.
Haal 't eruit. Anders is 't te mooi om te eten.
Zal ik wat naar de jongens brengen?
Als Cash en Andy vers brood willen, komen ze 't maar halen.
- 25, 26, 27. Dat is bij elkaar 81. - We moeten er 150 hebben.
Als ik ze niet heb voordat Ben er is, bind ik een zadel op m'n rug.
Ik mag mee naar Wichita. Ben laat mij het leven zien.
Je scheert je nog niet eens.
Volgens Ben hebben de meisjes daar alleen 'n voornaam.
Dat zal m'n broer Ben zijn.
- Je hebt 't gehaald. - Ja, hoe is 't met ma en Rachel?
- En met jou? - Goed, hoor.
Goed? Je bent niet naar Wichita gegaan om goed te doen.
- Hoe heet ze, Ben? - Dat weet ik eigenlijk niet meer.
Dat weet je niet meer? Dat is pas leven.
- Goeie ruiters. - Zelf uitgezocht.
- In de kroeg. - Nu zijn ze nuchter.
Hier stoppen we even. Voorlopig is er geen schaduw meer.
Het water is drinkbaar, als je er niks in doet.
Is die ene kerel nu een indiaan of niet?
Als ik iemand inhuur, ga ik 'm niet beledigen.
Hoe noemt ie zichzelf?
- Johnny Portugal. - Ze veranderen hun naam.
Hij is de beste paardentemmer in Texas.
Ik ruik een indiaan al van verre.
Die lucht komt van mij. Ik heb me na Wichita niet meer verschoond.
- Wat heb je voor die zeep betaald? - Een zilveren dollar.
In Wichita kun je niks krijgen voor minder dan een zilveren dollar.
Dat maakt niet uit. Rundvlees brengt 30 cent per pond op.
We hebben wel een miljoen pond met ons brandmerk erop.
Voor 't eerst worden we rijk.
Ik ben zo blij om je te zien.
Niet gluren.
Jullie mogen kijken.
Wat vinden jullie ervan?
Ik droom, hè Ben?
- Dat kost vast een vermogen. - Helemaal niet.
Ik had gewed dat ik 'm in m'n eentje kon optillen.
Voorzichtig.
Ik word slap. In Wichita tilde ik 'm met één vinger op.
Kijk, Rachel. Zo gaat ie open.
Je speelt aan de verkeerde kant.
Waarom ben je zo blij, mama?
Omdat je niet ziek bent, of dood of gescalpeerd.
Alleen de bliksem kan mij doden, maar dan moet ie me twee keer raken.
Dat geloof ik.
Wat is dat voor melodie?
Mozart. Wolfgang Amadeus Mozart.
- Het lijkt wel of ik engelen hoor. - Wat is dat, ma?
Een piano. Grote genade, een piano.
Halleluja, amen.
Ben Zachary rekent op een topjaar als hij een piano koopt.
Fa, ik wil me omkleden.
- Wat is er mis met die jurk? - Wil je niet dat ze trouwt?
Er is meer voor nodig om een Zachary aan de haak te slaan.
Geef me dat geweer.
- Wat is er? - Heeft een slang je gebeten?
Een oude man, met één oog en een lange sabel.
Kom op de wagen en zetje hoed op.
Ik heb hem gezien en hij heeft mij ook uitgebreid bekeken, mama.
God zij geprezen dat je met mij wilt samenwerken.
Het valt niet mee om zaken te doen met een eerlijk man.
- En kreupel. - Dat heeft een indiaan gedaan.
Een squaw, terwijl die Kiowa-schoften hem hadden vastgebonden.
De vorige keer hebben we ze goed te grazen genomen.
- Vier jaar geleden. - Jij joeg ze weg en ik schoot ze neer.
- Vier jaar geen veer meer gezien. - Goeie jaren voor de buizerds.
Bosmarmot, blauwe aardappelen en zout aten we.
We kwamen het zadel niet uit. Het was stervensheet.
En twee jaar terug hadden we die wervelstorm.
En toen de kreek opdroogde, stierven ze bij bosjes.
Goeie god nog aan toe.
Maar dit jaar, moeder: vet Bij de gratie Gods.
Zoveel vet heb ik nog nooit gezien.
Dat hebben we samen gedaan. De Rawlins en de Zachary's.
Wat zegt de Heer? De Heer zegt: "Ga heen en vermenigvuldig u."
De oudjes hier hebben zich al genoeg vermenigvuldigd.
Daarom, Ben, Matilda, wilde ik onze twee families met elkaar verbinden.
- Ga door. - Jou bedoel ik niet. Nog niet.
- Doe je jurk naar beneden. - Wie dan?
- Hij bedoelt mij. - Jou?
Vooruit, Charlie. Vertel Ben wat je wilt.
Ik?
- Niets. - Je liegt, Charlie.
Ja, dat denk ik ook.
Vertel 't, anders vertel ik 't.
Ben Zachary, ik wil iemand het hof maken.
- Wie dan? - Rachel.
Mijn kleine zusje?
Ze is groot geworden. Dus ze is er wel aan toe.
- Stil. Je wordt dronken. - Dronkaards liegen niet.
Nou, Ben. Wat vind je ervan?
- Ik zal erover nadenken. - Je gaat erover nadenken.
En meer doet ie niet. Dat geldt ook voor Cash Zachary.
Ik ben 20 en ik wacht al 20 jaar om te gaan trouwen.
Misschien heb je de verkeerde Zachary gevraagd.
- Hou je van me, Andy? - Ja, behalve dat je m'n jas scheurt.
- Wil je met me trouwen? - Ja, hoor.
- Maar ik wil eerst nog naar Wichita. - Waarom in vredesnaam?
Omdat ik nog nooit...
bier gedronken heb.
Hoe lang gaat dat duren?
- Een maand of twee. - Daar kan ik niet op wachten.
Vanmorgen ontdekte ik al een grijze haar.
Cash, je weet dat je van Georgia houdt.
- Oh ja? - Nee, hoor.
- Oh nee? - Ik moet hem niet. Ik haat hem.
- Kom hier, Georgia. - Voor geen goud.
Kom hier, zei ik.
Geef hem ervan langs, Georgia.
Dichterbij.
Je hebt netje kans verspeeld om met mij te kunnen trouwen.
Ik haat je.
Ik vermoord 'm. Ik vermoord alle mannen.
Schat, daar heb je morgen spijt van.
Als je zo graag wilt trouwen, er is nog een oude man verderop in de bosjes.
Wat voor oude man?
Hij heeft z'n naam niet genoemd.
Mama, dat is die oude jager over wie ik 't had.
Wat voor oude jager?
Mama, is hier iemand geweest?
Niemand. Helemaal niemand.
- En die rare oude man met die sabel? - Oh, die.
Hebt u 'm gezien, mama?
Zo vaak. Als je er een hebt gezien, heb je ze allemaal gezien. Ze zijn eenzaam.
Ze dolen over dit land. Bizonjagers, alleen zijn er geen bizons meer.
Ik heb medelijden met ze. Geen huis, geen familie.
Ik heb echt medelijden met ze.
- Wil je iets voor me doen? Blijf thuis. - Het is 'n rotklus. Ik ga mee.
Het is gedaan met de Zachary's.
Cash, heb je hem gezien?
- Hoorde je 'm schreeuwen? - Of was dat de wind?
Ik zag z'n sabel schitteren. Eerst daar en toen hier.
- Misschien zijn ze met z'n tweeën. - Wij ook.
Mogen de pijlen Gods hen treffen.
Op 'n dood paard komt ie niet ver.
- Ik kan niets zien. - In deze storm zie ik nog geen berg.
Dit is zinloos, althans voorlopig. Over vier dagen is deze storm uitgeraasd.
Dan is hij dood. Uitgedroogd en weggeblazen.
Kelsey's sterven pas als je ze doodschiet.
Ben, pak 'm.
Hou vast.
Moet je hem zien. Die haalt 't nooit.
- Hou 'm vast. Ik ga erop rijden. - Je kunt 't, Charlie.
Kom op, Charlie.
Blijf zitten.
- Jij liever dan ik. - Dat was maar een kort ritje.
Ik ben trots op je, Charlie.
No comments yet. Be the first to leave one.